Verkoop van gronden te Hekelgem, 1755.

Priester Rupertus Henricus Josephus Beijdaels[1] was beneficiant van de eerste fundatie van het H. Sacrament in de collegiale kerk van de HH. Michaël en Gudula te Brussel. Op 11 en 12 oktober had hij door landmeter Carolus Everaert de bezittingen van die beneficie te Hekelgem laten opmeten. Het ging om 12 b 30 r (15 ha 18 a 43 ca) land en meersen verdeeld over 13 percelen. Het was zijn bedoeling die te laten verkopen en daarvoor vroeg hij de toestemming aan de deken en de kanunniken van de kerk en aan de Raad Fiscaal van Brabant. De verkoop had plaats op 1 mei 1755 en werd geleid door notaris De Heuck.

  • De 1ste koop, A, een erf met een huis,  groot 1 d, ging naar Christiaen Galmaert voor 366 – 3 – 0.
  • De 2de koop, B, een partij land, groot 5 d 3 r, werd ook gekocht door Christiaen Galmaert voor 1391 – 2 – 0..
  • De 3de koop, C, een partij land, groot 3 d 6 r werd gekocht door J. B. De Witte voor 790 – 4 – 0.
  • De 4de koop,  D, 2 d 81 r land ging naar J. B. Resteau voor 585 – 0 – 0 – 0.
  • De 5de koop, E, een weide van 3 d 90 r werd gekocht door Francis Meert voor 643 – 4 – 0.
  • De 6de koop, F, een weide van 3 d 28 r was ook voor Francis Meert[2] voor 422 – 11 – 0.
  • De 7de koop, G, een partij land van 2 d 72 r was voor notaris Van Itterbeke voor 591 – 3 – 0.
  • De 8ste koop, H, een land van 1 b 2 d 48 r ging naar Peeter Bosteels voor 823 – 9 – 0.
  • De 9de koop, I, een land van 1 d 10 r voor sieur J. B. De Witte voor 126 – 11 – 0.
  • De 10de koop, K, een land van 1 b12 d was voor Gilis Plas voor 1105 – 6 – 0.
  • De 11de koop, L, deels land en deels bos van 1 b 2 d 28 r werd gekocht door Christaen Galmaert voor 756 – 16 – 0.

Van de 12de en de 13de koop vonden we de koper niet, wel het bedrag van de verkoop.

     –      De 12de koop, M, gelegen op de Keukenshaeghe, 1 b 1 d 78 r voor 1011 – 6 – 0.

     –      De 13de koop, N, gelegen op de Molenkouter, 1 d 96 r voor 399 – 3 – 0.

De verkoop bracht de som op van 9011 – 18 – 0.

Voor de verkoop en de administratieve kosten die eraan vooraf gingen rekende de notaris 81 – 9 – 0. aan.

De verkoop was het gevolg van een plakkaat van 15 september 1753 van keizerin Maria Theresia dat de verkoop beval van geamortiseerde goederen[3]. Die goederen waren in 1436 in het bezit gekomen toen de fundatie van het H. sacrament werd gesticht en waarvan men niet meer wist of die geamortiseerd waren  of dat het een schenking van de kerk van Sint-Gudula was. Volgens een verklaring van 2 april 1754 aan de procureur-generaal bestonden de goederen te Hekelgem uit:

–           een perceel land van 7 ½ b palend aan de goederen van de abdij van Affligem;

–           een perceel land van 4 b palend aan de vijvers van de abdij, de meersen van     dezelfde abdij en de straat.

–           een perceel land van een half b gelegen op ‘Den Meulencauter’, palend aan de goederen van Andries De Wever ene met drie zijden aan de goederen van de abdij.

Alle percelen zijn verpacht aan Franciscus Meert en Christaen Gallemaert voor de som van 137 gulden 10 stuivers.

Legende van de kaart: onderaan de kerk van Hekelgem, rechts van de percelen de straat naar Teralfene en de weg links naar boven is de Kasteelstraat.

Vroegere pachters.

Op 18 maart 1701 werden de 12 b verpacht door de eerw. heer Jacobus De Wael, priester en rentmeester van het Godshuis van Hertoginnedal bij Oudergem aan Martinus en François Cornelis voor een termijn van negen jaar. Voorheen hadden de ouders van de nieuwe pachters de 12 b al in huur gehad. De pachtprijs bedroeg 150 gulden . Notaris Wafelaert stelde de akte op.

De condities bepaalden dat de pachters:

1- Alle lasten op de drie percelen moesten betalen.

2- Het land behoorlijk moesten bemesten.

3- De laatste twee jaren de percelen niet meer mochten bezaaien.

4- De percelen niet mochten onderverhuren.

5- De pacht moet op uiterlijk zes weken na de vervaldag betaald zijn. Nadien vervalt het huurcontract.

6- Als borg stellen de huurders al hun mobiel en immobiele goederen.

Op 6 juni 1711 verpachte Rupertus Beijdaels, toen kapelaan van de kerk van Sint-Michiel en Gudula, de helft van de 12 b land, weide en ‘broeckagie’ aan François Cornelis voor 11 gulden het bunder. François hernieuwde daarmee het vorige contract. De pachtvoorwaarden vermeldden als extra verplichting de kanten van de percelen te beplanten met poten van wilgen, abelen of populieren.

Op 22 januari 1723 werd Francis Goessens de volgende pachter.

Op heden den 22ste januari 1723 verhuert aen den eersamen Francis Goessens ingeseten van Hekelghem de ses bunderen lants voor de somme van twelf guldens courant geld t’sjaers volgens de conditie van huere hier boven vermeld ende geaccepteerd ende dat voor 9 jaeren innegegaen te Sint Andriesmisse 1722. Francis Goessens, Beijdaels 1723. present getuijghen Peeter Verleijsen 1723, Peeter Ledeghen.

Op 8 augustus 1731 nam Marie Elisabeth De Keijser in naam van haar man het contract voor 9 jaar over.

Op 13 februari 1736 verhuurde Rupertus Beijdaels 1 d ‘Het Broeck’ genoemd aan David Verbeijcken (Verbeeck) en Anne Maria Vanden Broeck voor 8 g 10 st voor een termijn van 40 jaar. De nieuwe pachters hadden wel de verplichting om binnen de zes jaar op het perceel een ‘loffelijck getimmerd huijs van ses gebonden beneffens stallinge ende schuere’ te bouwen. In het geval de huur werd opgezegd zullen het huis en de andere gebouwen getaxeerd worden. Alle bomen en struiken die zich op het land bevinden, moeten er blijven staan zonder dat er een vergoeding wordt betaald. De opzeg moet drie maanden voor de vervaldag gebeuren.

Op verzoek van David Verbeken heeft landmeter Everaert uit Hekelgem nog twee percelen opgemeten. Het eerste perceel was zijn hofstede, ‘Het Block’ genoemd en gelegen aan de straat van de ‘Baeijecauter’ met een oppervlakte van 780 r. Het tweede perceel lag op Geukenshage en paalde aan het goed van Franciscus Cornelis. Het had de grootte van 189 r.

Op 9 oktober 1754 pachtte Franciscus Meert van Hekelgem de zes bunder land voor 16 g per bunder voor een termijn van drie jaar. Christiaen Galmaert pachtte op dezelfde dag 5 b 3 d voor het zelfde bedrag per bunder en voor dezelfde termijn.


[1] RA Vorst, Inventaire des archives anciennes de l’église de Saint-Michel et Gudule à Bruxelles vol. 1. Toegang I 13 nr.6078.

[2] FRANCISCUS MEERT, zoon van JOANNES MEERT en CATHARINA SEGHERS. Hij is gedoopt op dinsdag 5 februari 1709 in HEKELGEM. FRANCISCUS is overleden op zondag 31 december 1786 in HEKELGEM, 77 jaar oud. FRANCISCUS trouwde, 37 jaar oud, op zaterdag 4 juni 1746 in HEKELGEM met MARIA ELISABETH DE KEYSER. MARIA is overleden op donderdag 5 maart 1767 in HEKELGEM. Zij is weduwe van FRANCISCUS CORNELIS (ovl. 1746), met wie zij trouwde op zondag 20 mei 1731 in HEKELGEM.

[3] Overdracht van goederen aan kerk of kerkelijke stichting (in de dode hand brengen).

Plaats een reactie