De pachters van de abdij te Hekelgem in 1796.

Op 26 juni 1794 verpletterde de Franse generaal Jourdan het Oostenrijkse leger in Fleurus. Die overwinning betekende het definitieve einde van het Oostenrijks bewind in de Zuidelijke Nederlanden en het begin van ruim 20 jaar Franse bezetting. Met het decreet van 1 oktober 1795 werd het gebied dat nu België is bij Frankrijk ingelijfd en ingedeeld in departementen. Deze eenzijdige beslissing werd pas met de Vrede van Campo Formio van 17 oktober 1797 internationaal erkend. Voor de invoering van de Franse wetgeving in onze departementen heeft de Franse overheid zolang niet gewacht. Vanaf 6 oktober 1795 was de burgerlijke grondwet van het jaar III van toepassing. Als gevolg van deze wetgeving werden alle kerkelijke goederen in onze contreien geconfisqueerd. In Frankrijk was dat al met de wet van 2 november 1789 gebeurd. De Franse republikeinen wilden immers de katholieke godsdienst uitroeien en met hun wet van 15 fructidor an IV (1 september 1796) werden de abdijen en kloosters in de 9 departementen van wat nu België is, opgeheven De geconfisqueerde goederen werden als nationaal goed in een “Caisse” ondergebracht in afwachting van hun verkoop. Zij dienden als onderpand voor de uitgifte van papiergeld, de assignaten.

Een voorbeeld van de eenzijdige toepassing van de Franse wetten: op 29 november 1796 werden te Brussel reeds goederen van de abdij, gelegen in de parochie Vieux-Genappe, aan anderen toegewezen.

Hoe gingen de Fransen tewerk bij de toewijzing van de kerkelijke goederen?

1) Eerst stelden commissarissen lijsten op van de onroerende goederen van kerken en kloosters. Voor Affligem gebeurde dat tussen 29 september en 9 oktober 1796. Deze lijsten bevinden zich in het Rijksarchief te Leuven[1]. Ze vermelden voor elk goed de aard (hoeve, land, weide, bos), de grootte, de pachter, de laatste pachttermijn, het bedrag en eventuele achterstallige pacht. Aan de hand van die lijsten kunnen we nagaan wie van Affligem (Essene, Hekelgem en Teralfene) van de abdij pachtte en de grootte van het gepachte goed. Uit de lijsten selecteerden we de volgende gegevens:

– de naam van de pachter, het gepachte goed, einde pacht, het pacht- of huurgeld;

– de maten zijn uitgedrukt in bunder (= b, 1 b = 4 d of 1,25 ha), dagwand (= d, 1 d = 100 r) en roeden (= r, 1 r = 31,4375 ca);

– de verpachtingen gebeurden telkens voor een periode van 9 jaar;

– de betalingen zijn vermeld in “argent de Brabant”, namelijk gulden – stuivers – oorden en nadien in Franse frank;

– “Bois défriché” hebben we vertaald als “geruimd bos” omdat défricher ook kan betekenen dat men na de gerooide bomen nog het schaarhout heeft weggehaald. Vanaf de jaren 80 verkeerde de abdij in geldnood en ging ze meerdere leningen aan. Mogelijks heeft ze toen veel bomen laten kappen en verkocht. Het schaarhout, ook grondhout genoemd, werd voor 9 jaar verpacht.

Dom Hiëronymus Haenen, syndicus van de abdij sinds 24 april 1794, stelde de meeste pachtcontracten op[2]. Dom Jozef De Grauw, dom Fulgentius Biebuyck en dom R. Maes sloten voor of na dom Haenen de andere contracten af.

2) Wat er nadien met het gepachte goed gebeurde, kwamen we te weten door de proces-verbalen (PV) van de schatting en de verkoop. Eerst noteerden schatters, een expert en een lid van het gemeentebestuur, voor elk goed de jaarlijkse opbrengst, de pachtsom en de ligging. Dan stelden ze een verkoopprijs voor. Aan de hand van hun Proces-verbal d’ estimation de biens affermés stelde de overheid affiches op met tien of meer beschrijvingen van de toe te wijzen goederen en de datum van de eerste toewijzing. De verkopen hadden plaats te Brussel. De verkoopprijs moest twintig maal de jaarlijkse opbrengst zijn en de inzetprijs niet lager dan achttien maal het jaarlijks inkomen[3]. De Caisse d’ Amortissement had voor de verkoop al de meeste goederen verpacht voor een periode van 3, 6 of 9 negen jaar. Het bedrag van de schatting en de verkoopsom zijn uitgedrukt in livres (= ponden  schellingen en deniers waarbij 1 pond = 20 schellingen en 1 schelling = 12 deniers). Vanaf 1798 ook in frank. De gegevens van de ligging van de percelen hebben we bewust beperkt gehouden om de leesbaarheid niet te bemoeilijken. De onderstaande processen-verbaal werden opgezocht in de rijksarchieven van Anderlecht en Gent. Die waren uiteraard opgesteld in het Frans. Edmond Schoon zorgde voor de vertaling.

De kopers van kerkelijke goederen moesten eerst met assignaten betalen. De assignaten waren een vorm van staatsobligatie met de kerkelijke goederen als onderpand. Vanaf 1796 werden ze uit de omloop gehaald omdat hun waarde was gedaald tot 1/30ste van de waarde van edelmetaal. In 1798 waren ze nog verder gedevalueerd tot 1/74ste.

In de onderstaande alfabetische lijst komen de namen voor die op de lijst staan van de gepachte goederen uit 1796 en de namen die na 1796 geconfisqueerde goederen van de abdij hebben gepacht. Die namen vonden we in de processen-verbaal (PV) van de schatting. De namen van de pachters in 1796 en die van de PV’s van de latere schatting komen niet altijd overeen. Dat komt door het tijdsverschil, soms tien jaar en meer, maar ook omdat de Franse administratie voor de verkoop meerdere percelen samenvoegde. Veel contracten eindigden in 1795, maar werden blijkbaar verlengd zonder nieuwe overeenkomst. Na de confiscatie was het de ontvanger der domeinen die de gronden verpachtte.

Van de pachters die ook in het Gezinsboek van A. Van den Broeck (1992) voorkomen, geven we een korte gezinssituatie zodat ze gemakkelijk een familegeschiedenis kunnen aanvullen.

De persoons- en plaatsnamen staan in de originele spelling.

Abdij Affligem: het abdijdomein, nr. 2.

De Franse revolutionairen supprimeerden de abdij zoals alle andere kloosters en de monniken werden op 11 november 1796 verdreven. Ze waren geen eigenaars of pachters meer van hun vroegere bezittingen en strikt genomen hoort het abdijdomein en andere bezittingen die ze in eigen gebruik hadden niet thuis in deze bijdrage. We hebben die toch opgenomen omwille van de volledigheid van het abdijbezit in Hekelgem.

Beschrijving van de goederen: het klooster van Affligem met zijn bijhorende gebouwen, kerk, kapellen, stallen, hangaars, tuinen, brouwerij, vijver. Geschat op een jaarlijkse huurwaarde van 3600 pond. Gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Een moderne ingangspoort in blauwe steen waarin zich twee kamers bevinden voor de portier met boven een mooie zolder. Verdergaand ziet men een laan afgeboord met linden, rechts daarvan een plein beplant met notelaars, en tegen de muren die het omringen bevinden zich bergplaatsen bedekt met stro die gebruikt worden door de steenkappers. Links van de ingangspoort, westelijk gelegen, staat een kapel met vooraan een berg onbewerkte stenen voor het onderhoud der gebouwen en niet begrepen in deze schatting. Naast deze ingangspoort ligt de tuin, die ommuurd is en begrensd noord, oost en zuid door het kanaal van de abdij. In deze tuin bevinden zich twee visreservoirs en een kalkoven en verder een bergplaats voor opslag van hout. Tegenover deze tuin, noordelijk, werd een kleine wasserij -gebouwd, ommuurd, gebruikt door het klooster.

Om zich verder naar het abtsplein te begeven gaat men door een tweede poort in slechte staat, waarin vier kamers zijn en een zolder.

2- Rechts van het vernoemde plein, noordelijk, staat de abdijkerk met 5 marmeren altaren en een orgel in zeer goede staat (deze objecten zijn eigendom van de republiek volgens artikel 3- van de wet van 17 fructidor), palend aan de kerk, gaande naar het noorden, vindt men de graanschuur bestaande uit twee grote plaatsen in gebruik als opslagplaats, achter dit gebouw ligt zich de kloostertuin.

4- Rechtover deze tuin vindt men het kwartier van de proostdij, samengesteld uit een grote gang, en vijf grote plaatsen op gelijkvloers, dertien kamers op de eerste verdieping en dertien kamers op de tweede verdieping, en daarboven nog een grote zolder. Langs de zijkant staat nog een klein paviljoen dienstdoende als ingang, bestaande uit twee plaatsen en een zolder gebruikt door de conciërge.

5- Rechtover dit kwartier, westwaarts, ligt de boomgaard met allerlei fruitbomen en aan het eind een brouwerij, bestaande uit twee kleine plaatsen, gebruikt door de bewaker en met een huis voor de visser, ook bestaande uit twee kamers met een zolder erboven. Daarnaast ligt de groentetuin.

6- Lager dan deze tuin heeft men over de gehele lengte een visrijk kanaal gegraven, waarin zich vijf visreservoirs bevinden, deze worden gebruikt door de abdij.

7- Gaande naar het noorden en nog steeds voor deze tuin bevinden zich de oude gebouwen in gebruik als stal, koetshuis, bergplaats, en eveneens de oven van de paardensmid, en vijf kamers voor de knechten.

8- Naar het westen, aan de overkant het kanaal, bevinden zich vier door buizen met elkaar verbonden vijvers. Westelijk daarvan ook nog het kleine bos en noordelijk het hoogstammig abdijbos.

9- Rechts van de proostdij staat een klein paviljoen voor stalling van de rijtuigen met erboven een mooie zolder.

10- Achter de proostdij ligt een groot plein met een gebouw aan de oostzijde dat gebruikt wordt als opslagplaats voor hout met daarboven een grote zolder. Naast deze gebouwen ziet men een aanpalende kleine tuin met daarin een gebouw in gebruik als infirmerie bestaande uit zes plaatsen en boven een grote zolder.

11- Naast deze infirmerie op dezelfde lijn, staat een ander gebouw, bestaande uit vijf plaatsen op gelijkvloers en dertien op de eerste verdieping, daarboven een zolder, gebruikt door de knechten.

12- Noordelijk van deze koer ligt een ommuurde groentetuin waarin zich ook fruitbomen bevinden.

13- Achter dit plein, in het zuiden, staat het nieuwe onafgewerkte gebouw, waarin zich achttien ramen bevinden langs de kant van de bloementuin. In het gebouw bevinden zich 38 cellen op de eerste verdieping en eronder 12 grote plaatsen, alles nog onafgewerkt.

14- Naast dit gebouw staat een ander gebouw, dat als terras dient, en waaronder zich de oranjerie bevindt. Vandaag met een voorlopige dakbedekking.

15- Rechtover dit gebouw, richting Asse, ligt een perceel landbouwgrond met een oppervlakte van 8 bunder (10 ha 6 a), omzoomd door bomen, door de religieuzen bewerkt, palende noord aan de weg naar Meldert, oost aan de weg komende van Hekelgem, west aan het beukenbos van de abdij.

16- Achter de voornoemde gebouwen bevindt zich de slaapzaal van religieuzen, met op het gelijkvloers twee plaatsen in gebruik als refter en kapittelzaal, waarboven men 36 cellen bevinden voor de monniken en daarboven een grote zolder.

17- Naast de slaapzaal staat een oud gebouw, een oude sacristie, met een zolder boven.

18- In de bloementuin, volledig ommuurd, staat een paviljoen tegenover het nieuwe gebouw, in de volksmond “Verloren kost” genoemd, gebruikt door de religieuzen.

19- In het midden van deze tuin bevindt zich een bergplaats voor de tuiniers.

Ferrariskaart 1778

Zijn niet inbegrepen, de objecten die de republiek toebehoren door de wet van 17 fructidor laatstleden, en zich bevinden in de kerk, sacristie of elders, alsook bewerkte en onbewerkte stenen, balken en gebinten, ruw of bewerkt. Ook de windmolen is niet begrepen in deze verkoop. Zijn ook niet inbegrepen, de spiegels die zich in het huis bevinden, zelfs niet in een houten behuizing, zij maken deel uit van de inboedel en zullen afzonderlijk verkocht worden conform de brief van de minister van financiën van zes vendémiaire laatstleden.

De koper zal drie decaden lang de bovengenoemde objecten van de Republiek aanwezig in de kerk, laten staan en gedurende zes decaden de andere materialen, om het even waar ze zich bevinden[4].

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 29 oktober 1796 door Jean Sterckx, expert en Mathias Gruber, commissaris. Zij vonden de gronden van een middelmatige kwaliteit. De verkoopprijs schatten zij op 90 200 pond, de inboedel van de kerk was daar niet in begrepen. De 200 hoogstammige bomen die er zich op bevonden werden afzonderlijk geschat op 3 000 pond en waren in de verkoopprijs begrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 december 1796 om 9 uur ’s morgens volgens affiche nr. 13, artikel 15. Het bieden ving aan met een bod van 90 200 pond door burger Belval. Een tweede maal verhoogt door burger Belval tot 130 000 pond. De toewijzing ging na een eindbod van 137 000 pond naar burger Jean Charles Marin Michel Guéroult de La Pallière.

Abdij Affligem: De windmolen van de abdij, nr. 10.

Beschrijving van de molen: een windmolen die zich bevindt op het erf van de abdij Affligem zonder de grond waarop hij staat. De ingang is ongeveer 13 voet breed (voet = 0,27575 m of 3,585 m) en ongeveer 22,5 voet lang (6,2 m). In de molen bevinden zich een paar molenstenen met inscriptie: 17de fabriek van Dorpt?

De molen werd geschat door Philippe De Cuyper, expert en Hendrik De Ridder, adjoint agent municipal. De verkoopprijs werd geschat op £ 2 000 voor de afbraak en op £ 3 000 indien hij ter plaatse bleef staan, dus 1 000 pond voor de grond. De wieken en doeken van de molen waren in goede staat, evenals het geraamte. Het PV van de schatting opgemaakt op 27 december 1796.

De verkoop had plaats te Brussel op 27 januari 1797 om 15 uur volgens de affiche nr. 18, artikel 24. Het bieden ving aan met een bod van 2 250 pond. Tijdens het branden van de tweede kaars werd de molen toegewezen voor een eindbod van 3 250 pond aan burger Everard Tops.

Aantekening in de marge: “Vandaag, 14 pluviôse van het jaar vijf (2 februari 1797) van de Franse republiek, een en ondeelbaar, voor ons Administrateurs van het departement van de Dijle verschijnt de burger Everard Tops, koper van een windmolen die zich bevindt op het erf van de abdij Affligem, gelegen te Hekelgem, kanton Assche, beschreven in de akten van drie en acht pluviôse laatstleden, die verklaart dat de opdrachtgever en eigenaar van de vermelde opdracht is, de burger François Joseph Van Swal, ex-minderbroeder van Brussel, die hier aanwezig is en aanvaardend alle lasten, clausules en condities vermeldt in de toewijzing hierboven opgetekend. Wij, de contracterende partijen tekenen met ons, dag, maand en jaar zoals boven. Evrard Tops, François Joseph Van Swal, J. Debériot, J. Torfs. Geregistreerd te Brussel 28 pluviôse an 5ième (16 februari 1797)”.De koper was dus François Joseph Van Swal.

Tot in de 16de eeuw stond de molen op de Molenkouter tussen de Fosselstraat en de Bleregemstraat tot aan de Oude Baan. Hij werd verwoest tijdens de godsdienstoorlogen. Die molen werd voor het eerst vermeld in 1484. In 1648 liet de abdij een windmolen bouwen ten

westen van het huidige Cultureel Centrum, op de helling die nog altijd te zien is. De nieuwe molen was een houten staakmolen. De nieuwe molen kostte 1440 gulden 35 stuivers en diende om het graan te malen voor de monniken en voor de armen.

In de 18de eeuw was de molen verpacht aan Jacobus Schoon (1727 – 1797) van de brouwerij De Valk uit de Langestraat te Hekelgem. Die liet het werk in de molen over aan een molenaar. In 1789 werden er nog voor 173 gulden 17 stuivers herstellingswerken aan uitgevoerd. Zeven jaar later nam de Franse overheid, samen met de andere abdijbezittingen, de molen in beslag. Een storm op 9 november 1800 rukte hem van zijn voetstuk en het jaar daarop, in de maand maart, volgde een nieuwe verkoop. De molen verhuisde naar de Siesegemkouter te Aalst om er een vernielde tabaksmolen te vervangen. De laatste eigenaar, Gustaaf Van Londerseele, onderhield de molen slecht en in 1913 liet hij hem afbreken. De plaats waar de molen stond, is nu het parkeerterrein van het Aalsters Stedelijk Ziekenhuis.

Abdij Affligem: De Damvijver van de abdij, nr.67.

Beschrijving van de vijver: een vijver in de vorm van een driehoek in de volksmond “Damvijver” genoemd, groot 180 roeden (56 a 59 ca), grenzend aan een zijde de weg van Aalst naar Brussel, 2de Henry (van) Nieuwenborg, 3de Laurent Van Roy & Henry De Nil.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 13 augustus 1797. De schatters waren Eugène Melsnijder, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 40 gulden en de verkoopprijs op £ 800. De vijver werd door de monniken zelf gebruikt

De verkoop had plaats te Brussel op 27 december 1797 om 10 uur volgens de affiche nr. 54, artikel 34.Het bieden ving aan met een openingsbod van 600 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars werd de vijver toegewezen voor het eindbod van 9 100 pond aan burger J. F. Callebaut wonende te Hekelgem. De koper betaalde de volledige aankoopsom in een keer.

De Damvijver lag in de Langestraat. Een geschil met de buren, die beweerden het recht te hebben hun dieren in de Damvijver te baden, werd in 1691 in het voordeel van de abdij beslecht[5].

Abdij Affligem: Het bos “De Meer”, nr. 68.

Beschrijving van het bos: een bos genaamd “De Meer”, groot ongeveer drie bunder (3 ha 77 a 25 ca) grenzend aan een zijde aan de weg van Sint-Katherina-Lombeek naar Aalst, 2de aan het goed verpacht aan De Nil, 3de aan het bos genaamd “De Catten” departement van de Schelde, 4de aan een goed verpacht aan de weduwe Crols, 5de aan dat verpacht aan Michel Drousaert, 6de aan de weg genaamd “Catergat”, 7de aan Judo Van Der Borght. In dit bos bevinden zich 200 hoogstammige bomen, twee tot zeven voet dik, en schaarhout van 4 jaar.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 2 augustus 1797. De schatters waren Eugène Melsnijder, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. Zij schatten de jaarlijkse opbrengst op £ 240, en de verkoopprijs op £ 4 800 voor de grond en £ 3 000 voor 200 hoogstammige bomen, deels eiken en deels beuken. Het bos werd door de monniken zelf gebruikt.

De verkoop had plaats te Brussel op 27 december 1797 om 10 uur volgens affiche nr. 54, artikel 35. Het bieden ving aan met een openingsbod van 5 850 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars werd het bos toegewezen voor het eindbod van 100 000 pond aan burger Jean De Viswonende te Erembodegem, een stroman die kocht voor zichzelf en met een volmacht van Jean De Ridder, Jean François De Ridder en Joseph Blanquart, ieder voor één vierde deel. De kopers waren dus Jean De Vis, Jean De Ridder, Jean François De Ridder en Joseph Blanquart.

Opmerking[6]: De verkochte goederen werden in 1722 gemeten en beschreven als volgt:

(blz. 176 nr. 3) de Meir (bos) soo veele onder Hekelghem. Palende aan: 1. het ghescheet van Herembodeghem, 2. de straete. Groot 3 bunder 20 roeden.

Abdij Affligem: Het bos “Het Setsels”[7], nr. 91.

Beschrijving van de goederen: zes dagwand (1 ha 88 a 62 ca) bos genaamd “Het Setsels” waarop zich 140 hoogstammige bomen bevinden van één voet tot vier en een halve voet diameter, uitgebaat door de monniken zelf, grenzend aan een zijde aan de dreef die Moorsel met Erembodegem verbindt, 2de het goed verpacht aan de weduwe Boterbergh, 3de aan dit van J.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 september 1797. De schatters waren Eugène Melsnijder, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. Ze schatten de jaarlijkse opbrengst op £ 150, en de verkoopprijs op £ 3 008, de 140 hoogstammige bomen inbegrepen. Het schaarhout was volledig gekapt. Het bos uitgebaat door de monniken voor hun bevoorrading aan brandhout voor de verwarming en voor de ovens.

De verkoop had plaats te Brussel op 15 januari 1798 om 10 uur volgens de affiche nr. 58, artikel 17. Het bieden ving aan met een openingsbod van 2250 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars werd het bos toegewezen voor het eindbod van 61 100 pond aan burger Jean Boterbergh wonende te Hekelgem.

Opmerking[8]: De verkochte goederen werden in 1722 gemeten en beschreven als volgt: (blz. 170 nr. 40) Bosselken onder Hekelghem gemijnelijck genoempt Het Sethsel. Palende aan: 1. den dreuve naer de Cluijse Cappelle, 2. de naervolgende partije. Groot 2 bunder 19 roeden.

Abdij Affligem: het bos “Drijbeckenheelen[9], nr. 157.

Beschrijving van het bos: drie dagwand 50 roeden (1 ha 10 a 3 ca) bos gelegen genoemd de Drijbeckenheelen en geëxploiteerd door de monniken. In het bos bevindt zich schaarhout van 7 tot 8 jaar oud en 43 jonge hoogstammige bomen. Het grenst oost aan de goederen van de abdij Affligem, zuid aan het goed van Henri Verleysen, noord aan het goed van de weduwe Vasseur en aan de “Asscherenbosch”, en west aan de goederen van de abdij Affligem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 31 maart 1798. De schatters waren Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. Volgens bedroeg de jaarlijkse opbrengst £ 53, en de verkoopprijs schatten ze op £ 1 060, de 43 jonge hoogstammige bomen werden geschat op £ 200. Het schaarhout van zes jaar oud werd geschat op £ 300, samen £ 1 560. Het bos werd niet verpacht maar gebruikt door de monniken voor hun eigen bevoorrading.

De verkoop had plaats te Brussel op 16 mei 1798 om 10 uur volgens affiche nr. 82, artikel: 3 – 2de lot. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 170 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars werd het bos toegewezen voor het eindbod van 42 000 pond aan burger Jean De Vis wonende te Erembodegem.

Abdij Affligem: Asscherenbosch[10], nr. 267.

Beschrijving van het bos: de “Asscherenbosch”, groot negentien bunder (23 ha 89 a 25 ca) beplant met schaarhout en 830 hoogstammige bomen van 2 tot 7 voet omtrek, grenzend langs een zijde aan de dreef van Moorsel naar Erembodegem, 2de aan het bos genaamd “Bidelaerbossche”, 3de aan de “Bosbeek”, 4de aan burger Pierre Verleijsen, en 5de aan de “Cluysencauter”.

Het Pv van de schatting opgemaakt op 8 december 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber, commissaris te Asse, en André De Koninck, « garde forestier » die in het proces-verbaal van de schatting liet noteren dat de verkoop van het bos, volgens de wet van 4 nivôse jaar 4, was toegestaan. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 279,15 frank, en de verkoopprijs op 11 753,13 frank, daarin waren begrepen: 1ste – 360 hoogstammige eiken en beuken met een omtrek van 5 tot 7 voet[11] (1,38 m – 1,93 m) die geschat werden op 5 289,13 frank en 2de – 470 hoogstammige eiken en beuken met een omtrek van 2 tot 4 voet (0,55 m – 1,1 m) die geschat werden op 2 406 frank. Het schaarhout was maar één jaar oud en werd niet in rekening gebracht.

Dit bos werd door de monniken zelf beheerd, het teveel aan schaarhout werd soms geheel of gedeeltelijk verpacht.

De verkoop had plaats te Brussel op 6 juni 1799 om 10 uur volgens de affiche nr. 175, artikel 22. Het bieden begon met een openingsbod van 11 753 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 11 875 frank aan burger Jean François Merckaert & compagnie wonende te Aalst.

Opmerking[12]. De verkochte goederen werden in 1752 gemeten en beschreven als volgt:

1- (blz. 170 nr. 41) den grooten Asscherenbosch onder hekelghem. Palende aan west den dreuve naer de Cluijse Cappelle, noord en oost de naervolgende partije. Groot 20 bunder 3 dagwand 38 roeden. Dit toont aan dat de Asscherenbosch ongeveer 1 bunder en 3 dagwand in omvang verkleinde in de periode 1752 – 1799. Werd er reeds een gedeelte gerooid?

Abdij Affligem: drooggelegde vijver[13], nr. 266.

Beschrijving van de vijver: een drooggelegde vijver gelegen te Hekelgem en genaamd “Caenbergvijver”, groot vijf dagwand (1 ha 57 a 19 ca) grenzend langs een zijde aan de steenweg van Aalst naar Brussel, 2de aan het goed van de kinderen Gillis Smedt, 3de aan de kleine weg genoemd “Doment”, 4de aan de goederen van de kinderen Pierre Clauwaert.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 11 augustus 1798 Charles Louis Joseph Terrace, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 40, en de verkoopprijs £ 800, de 50 hoogstammige bomen, die zich aan de rand van de vijver bevonden, werden geschat op £ 150, samen £ 950. Deze vijver werd door de monniken zelf gebruikt voor hun bevoorrading aan vis. De jaarlijkse opbrengst werd herzien en bedroeg 40 frank en de hoogstammige bomen 50 frank. De verkoopprijs werd door de administratie, aan de hand van deze gegevens, vastgesteld op 470 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 27 mei 1799 om 10 uur volgens affiche nr. 173, art. 26 . Het bieden ving aan met een openingsbod van 470 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 775 frank aan burger C. Meert wonende te Asse.

De vijvers van de Koudenberg, nr. 3, ca 1700[14]. Tussen 2 vijvers het tracé van de nieuw aan te leggen steenweg

Abdij Affligem: het Kluisbos, nr. 275.

Beschrijving van het bos: elf bunder twee dagwand (14 ha 46 a 12 ca) bos “Le bois de l’Hermitage” (Kluisbos) beplant met schaarhout van één jaar en hoogstammige eiken- en beukenbomen, grenzend langs een zijde aan de grens met het departement van de Schelde, 2de aan de weg van Moorsel naar Erembodegem, 3de aan de weg van Meldert naar Aalst, 4de & 5de aan de Kluiskapel.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 13 december 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber, commissaris te Asse, en André De Koninck, « garde forestier » die in het proces-verbaal liet noteren dat de verkoop van het bos was toegestaan. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 207 frank en de verkoopprijs op 8 685 frank, daarin waren begrepen: 1ste – 332 hoogstammige eiken en beuken met een omtrek van 5 tot 7 voet[15] (1,38 m – 1,93 m) die geschat werden op 3 409,25 frank en 2de – 337 hoogstammige eiken en beuken met een omtrek van 2 tot 4 voet (0,55 m – 1,1 m) die geschat werden op 2 470,80 frank. Het schaarhout was verwoest en maar één jaar oud, er kon geen prijs op geplakt worden. Dit bos werd door de monniken zelf beheerd, het teveel aan schaarhout werd soms geheel of gedeeltelijk verpacht.

De verkoop had plaats te Brussel op 30 augustus 1799 om 10 uur volgens affiche nr. 192, artikel 15. Het bieden ving aan met een openingsbod van 7 500 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 11 200 frank aan burger Jean François Merckaert wonende te Aalst.

Het Kluisbos is een van de oudste bossen van Affligem samen met het Kravaalbos te Meldert. Het maakte deel uit van het uitgestrekte Kolenwoud maar geleidelijk aan werden grote delen gerooid en in cultuur gebracht om te voldoen in het levensonderhoud van de toenemende bevolking. Het Kluisbos is een middelhoutbos, een mengeling van hoogstammige bomen zoals eik en beuk en kreupelhout. Populieren, Amerikaanse eik en spar werden aangeplant voor de omschakeling naar productiebos. Enkel op een klein gedeelte  bleef een oude kern bewaard met zomereik, beuk, abeel, hazelaar, lijsterbes, esdoorn en es. Verscheidenen bronnen ontspringen in het gebied.

Abdij Affligem: het Cortenbosch, nr. 287.

Beschrijving van het bos: zeven dagwand (2 ha 20 a 6 ca) bos gelegen op de plaats genoemd “Cortenbosch” grenzend langs een zijde aan de weg naar Teralfene, 2de aan burger Jean Baptiste Bosteels, 3de aan burger Jean Droeshout, 4de aan burger Jean Van Der Borgt, en 5de aan burger J. J. Mathijs.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 25 augustus 1799 door Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 56, en de verkoopprijs op £ 2 950, daarin waren begrepen: 150 hoogstammige eiken en andere die geschat werden op £ 1 500. Het schaarhout, 2 jaar oud, werd geschat op £ 350. Dit bos werd door de monniken zelf beheerd.

De verkoop had plaats te Brussel op 25 oktober 1799 om 10 uur volgens affiche nr. 202, artikel 31. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 425 frank aan burger Gérard Van Der Steen wonende te Moorsel.

Abdij Affligem: Caveebosch, nr. 298.

Beschrijving van het bos: vier bunder twee dagwand (5 ha 65 a 87 ca) bos genoemd “Cavéebosch”, beplant met schaarhout van één tot vijf jaar oud en 206 hoogstammige bomen, grenzend langs een zijde aan burger Jean Baptiste Bosteels, 2de aan de weduwe Pierre De Cuyper, 3de aan burger C. P. Bisschop, en 4de aan het goed van burger Matthijs.

Het PV van de schatting werd opgemmakt op 9 augustus 1798, maar was niet op genomen in het archief. De schatters waren Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De verkoopprijs werd geschat op 3 600 frank door de administratie te Brussel. Dit bos werd door de monniken zelf beheerd.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 januari 1800 om 11 u. volgens de affiche nr. 219, artikel 41. Het bieden begon met een openingsbod van 3 600 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 625 frank aan burger Marc Mercier wonende te Brussel, rue de Fleurus nr. 1008.

Abdij Affligem: De Kluiskapel, nr. 237.

Beschrijving van de kapel: een kapel genoemd “L’Hermitage” – “De Kluis”, gebouwd op een terrein van ongeveer één dagwand (31 a 44 ca). het gebouw is 40 voet lang en 16 voet breed en bedekt met leien.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 4 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 10, en de verkoopprijs op £ 1 300, de 100 hoogstammige bomen, geschat p £ 1000 inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 oktober 1798 om 10 u. volgens de affiche nr. 129, artikel 2. Het bieden ving aan met een openingsbod van 825 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars werd ze toegewezen voor het eindbod van 54 000 frank aan burger Jean François Callebaut wonende te Hekelgem, stroman die kocht met een volmacht van Jean François Merckaert, wonende te Aalst.

De geschiedenis van de Kluiskapel gaat terug tot de 7de of 8ste eeuw. De H. Ursmarus, abt van Lobbes (Henegouwen) die in onze streek het geloof verkondigde, zou op die plaats een kapel hebben laten bouwen. In 1085 kwam zowel de kapel als het bos in het bezit van de abdij Affligem. In de middeleeuwen trokken monniken zich soms tijdens de vasten terug als kluizenaar in het bos. De namen van enkele kluizenaars zijn bekend gebleven: Rdulf, Arnulf, Johannes. In de 17de eeuw waren de grondvesten van de kluizen nog te zien. Men vierde toen het feest van O.-L.-Vrouw van de Kluis op paasmaandag. Een grote menigte kwam er de mis bijwonen en Maria aanroepen tegen koorts. De bedevaarders dronken ook van het water van de nabije bron waaraan een wonderbare kracht werd toegeschreven. Het beheer van de kapel was in handen van een “cluysmeester”. Het huidig gebouw (1785) is slechts het koor van de verdwenen kerk. Het beeld van O.-L.-Vrouw, tronend boven het altaar tussen 2 engelen, wordt vereerd tijdens de begankenis van Beloken Pasen. De glasramen beelden 2  legenden van de Kluis uit. Het glasraam links vertelt dat een monnik, mediterend over en psalm naar het bos wandelde en wel 300 jaar naar het gezang van een vogel bleef luisteren alvorens terug te keren naar zijn abdij. Het raam rechts toont ons dom Radulphus die al 16 jaar niet meer had gesproken en een geweldige abdijbrand doofde met de woorden: “Vuur sta stil”. Hij zou in de kapel begraven zijn. Dichtbij  bevindt zich het Kluizeputteken, een bron waaruit de Hekelgemse kindjes worden geboren. Als je dat gelooft, kun je, met je oor op de rand van de put, de kindjes horen schreien. Sinds 1976 hebben de Vrienden van de Kluis zich ingezet voor de restauratie van de kapel en het herstel van de begankenis.

Abdij Affligem, weide en bos op de Dries, nr. 458 .

Beschrijving van de goederen: één ha 10 a 3 ca moerassige weide en vijver beplant met beuken en olmen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-62 a 87 ca moerassige weide gelegen op de “Dries” grenzend langs een zijde aan het goed verpacht aan Pierre Broeckmans, 2de aan de weg van Hekelgem naar Meldert, 3de aan de weg van Aalst naar Brussel, 4de aan deze van Meldert naar Brussel, 5de aan Pierre Schaumans, 6de aan de goederen van de kinderen Pierre Doywe?, doorsneden door de steenweg van de abdij Affligem die loopt naar de steenweg van Brussel naar Aalst.

2-47 a 16 ca moerassige weide gelegen op het veld “Blereghem” waarin zich een vijver bevindt van 50 roeden, grenzend langs een zijde aan de weg van Essene naar Meldert, 2de aan Gaspard Kint, 3de aan dezelfde, 4de aan Guillaume Louis, en 5de aan de goederen van de kinderen Roggemans.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 25 augustus 1800 door Charles Louis Joseph Terrace wonende te Asse, expert, en Mathias Gruber burgemeester te Asse.

De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank, en de verkoopprijs op 368 frank, daarin waren begrepen: 80 hoogstammige beuken, olmen en abelen met een omtrek van 1 tot 4 voet[16] (0,275 – 1,10 m) die geschat werden op 160 frank, belastingen inbegrepen. Deze percelen werden door de monniken zelf beheerd.

De verkoop had plaats te Brussel op 10 september 1803 om 12 uur volgens de affiche nr. 381          artikel 17. Het bieden begon met een openingsbod van 368 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 025 frank aan burgeres Jeanne Marie Van Gerwen wonende te Leuven, rue Neuve, meerderjarige dochter van?

De kinderen Guillaume Amelinx (Guillelmus Hamelinckx), nr. 408.

Guillelmus overleed op 28 oktober 1794. Met zijn eerste vrouw Adriane, overleden op 22 juli 1770 had hij 2 kinderen: Petrus Franciscus (°30 maart 1768) en Joannes Baptist (°15 augustus 1769, overleden in 1770). Hij hertrouwde met Maria Geeroms, overleden op 23 mei 1797, met wie hij nog 5 kinderen had: Joannes Baptist (°9 september 1783), Petrus Franciscus (°8 juni 1785), Anna (°25 januari 1787), Isabella (°8 juli 1787) en Josephus (° 1 maart 1791).

Beschrijving van de goederen: één dagwand 75 roeden (55 a 2 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem, verpacht aan de kinderen G. Amelinx voor een jaarlijkse pachtsom van 29 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Één  dagwand (31 a 44 ca) landbouwgrond gelegen op “’t Guchtveld” grenzend langs een zijde aan een kleine weg naar Hekelgem, 2de aan J. De Meersman, 3de aan burgeres weduwe François Callebaut, en 4de aan François De Batselier.

2- 75 roeden (23 a 58 ca) landbouwgrond gelegen op “’t Guchtveld” grenzend langs een zijde aan een kleine weg naar de steenweg naar Brussel, 2de aan Henri De Nil, 3de aan François De Ridder, en 4de aan de kinderen François Van De Perre.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 26 november 1797 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 28,60 frank en de verkoopprijs op 228,80 frank. Verpacht aan de kinderen Guillaume Amelinx (vermoedelijk betreft het hier Guillelmus Hamelinckx geboren te Merchtem en overleden te Hekelgem op 28 oktober 1794), voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 11 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801 om 12 u.volgens affiche nr. 308 artikel 8. Het bieden ving aan met een openingsbod van 229 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 560 frank aan de burgers Charles Terrace wonende te Brussel, rue de Namur & François Jean Callebaut wonende te Hekelgem.

François Arijs, nr. 486.

Franciscus, gedoopt te Hekelgem op 15 januari 1726, trouwde met Joanna Clauwaert op 19 aprl 1757. Zij was te Hekelgem gedoopt op 1 mei 1721. Zij hadden 2 kinderen: Cornelius (°31 juli 1757) en Petrus (°23 maart 1763).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de “De Meerecauter”, groot 62 a 60 ca, grenzend langs een zijde aan de “Nieuwstraet” die de gemeenten Hekelgem en Teralfene scheidt, 2de aan het perceel verpacht aan Michel Eckman, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht

Het PV van de schatting werd  opgemaakt op 18 juli 1804 door: Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en G. Petrus T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 400 frank. Verpacht vanaf 22 december 1801 aan burger François Arijs wonende te Erembodegem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1570 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 21,77 frank.

aan Jacques Van Vaerenbergh, en 4de aan het goed verpacht aan Jean Boterbergh.

De verkoop had plaats te Brussel op 8 september 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 433 artikel 20. Het bieden ving aan met een openingsbod van 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 810 frank aan burger Joseph Dubois wonende te Brussel, rue de Flandre nr. 1618, sectie 3, stroman die kocht met een volmacht van Jean Baptiste Vaerman, wonende te Teralfene.

De weduwe Gilles Beekmans, zie nr. 357.

Jacques Bellemans, nr. 409.

Jacques (Jacobus), gedoopt te Hekelgem op 5 augustus 1728, trouwde met Maria Mertens. Zij woonden aan de gewezen abdije. Het gezin telde 9 kinderen: Elisabeth (°5 januari 1755), Joanna Catharina (°10 januari 1757), Anna Francisca (23 oktober 1759), Joanna Maria (°7 maart 1762), Petrus Joannes (°7 juli 1764), Joannes barnardus (20 augustus 1767), Adriana (° 19 juni 1769), Angelina Francisca (°1 augustus 1770) en Catharina (°20 februari 1776).

Beschrijving van de goederen: drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem verpacht aan Jacques Bellemans voor een jaarlijkse pachtsom van 37 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de weg naar de kerk van Hekelgem, 2de aan Pierre Roggemans, 3de aan de dreef van het bos van de voormalige abdij Affligem, en 4de aan burgeres weduwe Gille Beekmans.

2-Één dagwand (31 a 44 ca) landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de weg naar Hekelgem, 2de aan Jacques De Meersman, 3de aan de dreef van het bos van de abdij Affligem, en 4de aan burger Benedictus Schoon.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 25 november 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 37,30 frank en de verkoopprijs op 298,40 frank. Verpacht aan Jacques Bellemans, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 15 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801om 12 u. volgens affiche nr. 308 artikel 9. Het bieden ving aan met een openingsbod van 298 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 920 frank aan de burgers Charles Terrace wonende te Brussel, rue de Namur & François Jean Callebaut wonende te Hekelgem.

B. Bosteels, nr. 314.

Beschrijving van de goederen: B. Bosteels pachtte 6 bunder 1 dagwand 9 roeden (7 ha 88 a 77 ca) land en weide voor een jaarlijkse pachtsom van 220 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Één bunder 36 roeden (1 ha 37 a 7 ca) weide (de plaats was niet te ontcijferen) grenzend langs een zijde aan de weg van Ninove naar Mechelen, 2de aan de goederen van burger Mercart, 3de aan burger Fr. Verbeek, en 4de aan de goederen van de voormalige abdij Affligem.

2- Één bunder twee dagwand (1 ha 88 a 62 ca) weide, door de gemeenschap te gebruiken na Sint-Jan, gelegen te Essene, grenzend langs een zijde aan de Avenellebeek, 2de aan burger Jacques Schouppe, 3de aan burger Jean Vansante(?), en 4de aan burger Philippe Charon.

3- Drie bunder 49 roeden (3 ha 92 a 65 ca) landbouwgrond grenzend langs een zijde aan Benoit Clauwaert, 2de aan de weduwe Joannes Baptist Smets, 3de aan burger Antoine Cappuijns, en 4de aan het voetpad naar de kerk.

4- Twee dagwand 24 roeden (70 a 42 ca) landbouwgrond op het veld “La terre du moulin” grenzend langs een zijde aan de weg naar Teralfene, 2de aan burger Jacques Clauwaert, 3de aan de weduwe Michel Clauwaert, en 4de aan burger Jean Van Nieuwenhove.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 19 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 120 gulden en de verkoopprijs op 4 800 pond. Op het perceel bevonden zich ook 15 hoogstammige bomen geschat op 45 pond, samen 4 845 pond. Verpacht aan B. Bosteels, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 8 oktober 1795, en eindigend op 9 oktober 1804, voor een pachtsom van 120 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 9 maart 1800 om 11 uur volgens de affiche nr. 228, artikel 22. Het bieden begon met een openingsbod van 2 000 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 525 frank aan burger Antoine Vauthier wonende te Brussel, rue Egalité nr. 1042, stroman die kocht met een volmacht van Joseph Roch, wonende te Parijs, rue d’Amboise.

Pierre Jean Bosteels, nr. 513.

Petrus Joannes werd geboren te hekelgem op 11 mei 1751 en trouwde met Maria Clauwaert, gedoopt te Hekelgem op 13 oktober 1771

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “Den Trapdries”, groot 53 a 69 ca, grenzend langs een zijde aan de veldweg van Boeckhout naar Teralfene, 2de aan de weg van Teralfene naar Ten Bosch, 3de aan een “terre communale” genaamd “Trapdries”, en 4de aan de veldweg van Boeckhout naar de “Nieuwstraet”.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 1 juli 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 24 frank en de verkoopprijs op 480 frank. Rond dit perceel bevonden zich grachten met daarop zich 49 eiken en 9 jonge beuken, samen geschat op 107 frank. Totaal 587 frank. Verpacht vanaf 26 december 1804 aan Pierre Jean Bosteels, landbouwer wonende te Hekelgem, voor zes jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 22 maart 1804, door de burgemeester van Asse (registernr. 86 te Asse), voor een jaarlijkse pachtsom van 14 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 december 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 500 artikel 6. Het bieden ving aan met een openingsbod van 587 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 610 frank aan burger Philippe Paul Chasse wonende te Brussel.

Pierre Jean kocht nog andere goederen van de voormalige abdij.

Beschrijving van de goederen: drie ha 76 a 80 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem naast de Dender. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-56 a 52 ca landbouwgrond gelegen op “De Meerecauter” grenzend langs een zijde aan de veldweg die de scheiding maakt tussen de gemeenten Hekelgem en Erembodegem, 2de aan een hopveld en land van de abdij Affligem verpacht aan Jean Droeshout, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Gilles De Wever, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Van Vaerenbergh.

2- 2 ha 35 a 50 ca landbouwgrond gelegen op “Het Hooghuysel” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Michel De Cuyper, 2de aan een gerooid bos genaamd “Caveebosch”, 3de aan een gerooid bos genaamd “Cortenbosch”, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Michel Droeshout.

3- 84 a 78 ca weide gelegen op “De Pittantiemeersch” grenzend langs een zijde aan een weide van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Michel Droeshout, 2de aan de haag van een weide van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Michel De Cuyper, 3de en 4de aan de Dender.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 25 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 150 frank en de verkoopprijs op 3000 frank. Verpacht vanaf 26 december 1802 aan Pierre Jean Bosteels wonende te Hekelgem, voor zes jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 22 maart 1802 (registernr. 29 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 110 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 17 september 1807 volgens de affiche nr. 590 artikel 10. Het bieden ving aan met een openingsbod van 3 200 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 750 frank aan Pierre Joseph Coppijn wonende te Brussel.

Een derde aankoop volgde in 1808.

Beschrijving van de goederen: twee ha 51 a 20 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem op “Den Boeycauter” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François Hoefs, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Gilles Plas, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Verbeken, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aanAmand Vertongen.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 april 1807 door: Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 100 frank en de verkoopprijs op 2000 frank. Verpacht vanaf 26 december 1804 aan Pierre Jean Bosteels wonende te Hekelgem, voor zes jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 22 maart 1804 (registernr. 48 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 78 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 27 februari 1808 om 12 uur volgens deaffiche nr. 613 artikel 12. Het bieden ving aan met een openingsbod van 2 000 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 500 frank aan Jacques Latteur wonende te Tienen.

Jean Boterbergh, nr. 484.

Joannes waarschijnlijk geboren te Erembodegem trouwde Petronella Timmerman. Hij overleed te Hekelgem op 24 april 1805. Zij hadden  een dochter : Maria Theresia (°1 april 1774).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de “De Meerecauter”, groot 93 a 90 ca, grenzend langs een zijde aan de “Nieuwstraet” die de gemeenten Hekelgem en Teralfene scheidt, 2de aan het perceel verpacht aan François Arijs, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jacques Van Varenbergh en Michel Droeshout, en 4de aan het goed verpacht aan Jacques LanckmanProces-verbaal van de schatting opgemaakt op: 17 juli 1804.

Het PV van de schatting werd opgemaakt  door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en G. Petrus T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 30 frank en de verkoopprijs op 600 frank. Verpacht vanaf 22 december 1801 aan burger Jean Boterbergh wonende te Erembodegem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1569 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 31,13 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 8 september 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 433 artikel 18. Het bieden ving aan met een openingsbod van 600 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 450 frank aan burger Joannes Boterbergh wonende te Erembodegem, huurder van het perceel.

Henry Brucker, nr. 273.

Beschrijving van de goederen: twee bunder landbouwgrond verpacht aan Henry Brucker voor een jaarlijkse pachtsom van 80 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Een bunder (1 ha 25 a 75 ca) landbouwgrond op de “De Schaepschuer”, grenzend langs een zijde aan de steenweg van Aalst naar Brussel, 2de aan de goederen van de kinderen Gilles De Smedt, 3de aan de weg genaamd “La vieille route de Bruxelles”, 4de aan de weg van Essene naar Meldert.

2- Een bunder (1 ha 25 a 75 ca) landbouwgrond op “De Schaepschuer” grenzend langs een zijde aan de weg genaamd “La vieille route de Bruxelles”, 2de aan burger Benoit De Witte, 3de aan burger Josse De Wever, en 4de aan burger François Van Den Bossche.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 11 augustus 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 40 gulden, en de verkoopprijs £ 1 600. De goederen waren verpacht aan Henry Brucker, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 juni 1794, in voege vanaf 10 juni 1797 en eindigend op 10 juni 1805, voor een pachtsom van 338 gulden. Deze percelen zijn van een middelmatige kwaliteit.

De verkoop had plaats te Brussel op 6 juli 1799 om 10 uur volgens de affiche nr. 181, artikel 23. Het bieden begon met een openingsbod van 640 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 645 frank aan burger Jean François Callebaut wonende te Hekelgem. Deze koper ondertekende het proces-verbaal met J. F. Calleboudt in een beverig handschrift.

Antoine Cappuyns, nr. 661.

Koster Antonius overleed te Hekelgem op 17 januari 1812. Hij trouwde met Joanna Judoca Schoonjans. Zij hadden 12 kinderen: Elisabeth (°19 augustus 1781), Barbara (°12 november 1782), Maria Elisabeth (°16 april 1784), Josephus (°20 september 1785), Petrus (°9 maart 1787), Joanna Maria (°4 mei 1788), Joannes baptist (°12 oktober 1789), Henricus (°15 februari 1792), Joannes Judoucus (26 december 1792), Anna Catharina (°16 augustus 1794), Theresia (°28 juni 1796) en Petrus Franciscus (°7 april 1798).

Beschrijving van de goederen: een perceel land en tuin, groot 15 a 10 ca gelegen te Hekelgem waarop zich een huis bevindt opgetrokken in steen dat eigendom is van de huurder, grenzend langs een zijde aan het dorpsplein, 2de aan de “Kerckstraet”, 3de aan de goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan de kinderen Bosteels en aan de tuin van de weduwe van Jean Baptiste De Smedt[17].

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 16 februari 1809 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 9 frank en de verkoopprijs op 180 frank. Verpacht zonder pachtcontract aan Antoine Cappuyns wonende te Hekelgem voor een jaarlijkse pachtsom van 9,07 frank, belastingen niet inbegrepen. Antoine Cappuyns liet noteren dat de gebouwen opgetrokken op het betrokken perceel zijn eigendom waren daar ze op zijn kosten opgericht werden. De waarde ervan was dus niet begrepen in de schattingsprijs.

De verkoop had plaats te Brussel op 22 juli 1809 om 12 uur volgens de affiche nr. 661 artikel 14. Het bieden ving aan met een openingsbod van 180 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 190 frank aan Joseph Cappuyns wonende te Elewijt, zoon van de huurder van het perceel.

Jean Baptiste Christiaens, zie nr. 385  en Louis Van Nieuwenhove.

Samen met Luouis Van Nieuwenhove pachtte Jean Baptiste devolgende goederen:

Beschrijving van de goederen: zeven dagwand (2 ha 20 a 6 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem verpacht aan Louis Van Nieuwenhove & consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 89 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Vijf dagwand (1 ha 57 a 19 ca) landbouwgrond gelegen op de “Bellecauter” grenzend langs een zijde, zuid, aan burger Joseph Rollier, 2de aan burgeres weduwe Jacob Meert, 3de aan de “Kabeek”, 4de aan burger François Verbeeke, 5de aan burger Jean Bosmans, 6de aan burger Timmermans, 7de aan burger Michel Beekmans, 8de aan burger Guillaume Goedvinck, 9de aan burger Jean Schoon, en 10de aan burger François Van Nieuwenhove.

2-Twee dagwand (62 a 88 ca) landbouwgrond gelegen op de  “Bellecauter” grenzend langs een zijde, zuid, aan burger Judo Van Nieuwenhove, 2de aan de weg van Teralfene naar Hekelgem, 3de aan burger Jean Van Nieuwenhove, en 4de aan burger Joseph Rollier.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 2 september 1800 door Charles Louis Joseph Terrace, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 67,95 frank en de verkoopprijs op 714,40 frank. Verpacht aan de burgers Louis Van Nieuwenhove en Jean Baptiste Christiaens wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 november 1793, in voege vanaf 26 december 1795 en eindigend op 25 december 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 67,95 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 november 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 277 artikel 7. Het bieden ving aan met een openingsbod van 712 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 728 frank aan burger Joseph Grégoire wonende te Brussel, Place de l’égalité nr. 1095. Vermoedelijk was hij een stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Jean Baptiste Christiaens, nr. 505.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op het “Pesterveld”, groot 53 a 69 ca, grenzend langs een zijde aan de losweg van het veld en de goederen van Pierre Van Den Broeck, 2de aan de goederen van Louis Van Nieuwenhove, 3de aan deze van de abdij Affligem verpacht aan Pierre Van Nijghem, 4de aan de goederen van de kerk van Teralfene verpacht aan Josse Christiaens, 5de & 6de aan de goederen van Henri Van Den Bossche

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 11 oktober 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Joseph De Bisschop, burgemeester te Teralfene. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 24 frank en de verkoopprijs op 480 frank. Verpacht zonder pachtcontract aan burger Jean Baptiste Christiaens, landbouwer, wonende te Teralfene (registernr. 96 te Asse), voor een jaarlijkse pachtsom van 18,14 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op9 november 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 494 artikel 21. Het bieden begon met een openingsbod van 480 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 580 frank aan burger Jean Baptiste Christiaens wonende te Teralfene, huurder van het perceel.

Josse (Jacobus) Clauwaert, nr. 72.

Jacobus werd te Hekelgem gedoopt op 20 december 1741 en overleed er op 25 oktober 1805. Hij trouwde met Maria Theresia Bellemans, gedoopt te Hekelgem op 2 april 1759 en er overleden op 20 mei 1800. Zij hadden 8 kinderen: Petrus Franciscus (°8 april 25 april 1790), Benedictus (°23 juli 1785), Joannes Baptist (°30 december 1786), Judocus (°5 mei 1789), Judocus (°25 april 1790), Jacobus Bernardus (°9 juli 1792), Petrus Joannes (°29 januari 1794) en Petrus Fredinand (°1 augustus 1795).

Beschrijving van de goederen: zes bunder 51 roeden (7 ha 70 a 53 ca) land, weide en bos verpacht aan Josse Clauwaert voor een jaarlijkse pachtsom van 139 gulden, lasten niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Één dagwand 88 roeden (59 a 10 ca) landbouwgrond op de “Hekelghemcauter” grenzend aan een zijde aan het goed van de pastorij van Hekelgem, 2de idem, 3de aan het steegje genaamd “Het Losgat”, en 4de aan de goederen van burger Jean Verleijsen.

2- Twee dagwand 55 roeden landbouwgrond op de “Het Hooghde” grenzend aan een zijde aan de  “Kerkstraat”, 2de & 3de aan de goederen van de pastorij van Hekelgem, en 4de aan de goederen van burger Josse Lelie.

3- Drie dagwand 60 roeden (1 ha 13 a 17 ca) landbouwgrond op de “Schaepschuur” grenzend langs drie zijden aan de goederen van de abdij Affligem en 4de aan de steenweg van Asse naar Aalst.

4- Één bunder één roede (1 ha 26 a 6 ca) weide en bos op “Den Dome Driesch” (Domentdries) grenzend aan twee zijden aan de straat genaamd “Den Driesch”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem, en 4de aan de goederen van burger Pierre Accoleijen.

5- Één bunder 40 roeden (1 ha 38 a 32 ca) landbouwgrond gelegen te Essene op de  “Heyenboschcauter” grenzend langs drie zijden aan de goederen van de abdij Affligem, en 4de aan de steenweg van Asse naar Aalst.

6- Één bunder 47 roeden (1 ha 40 a 52 ca) landbouwgrond en bos gelegen te Essene op de  “Mertelinckxbosch” grenzend aan een zijde aan de “Cauwenbergvijver”, 2de aan de steenweg van Brussel naar Gent, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

7- Drie dagwand 60 roeden (1 ha 13 a 18 ca) weide gelegen te Sint-Katharina-Lombeek op de plaats genaamd “Kerrebroeken”, grenzend langs drie zijden aan de goederen van de abdij Affligem, en 4de aan de “Molenbeek”.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 8 mei 1798 door de schatters Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 306, en de verkoopprijs op £ 6120, de 105 hoogstammige bomen op £ 320, samen £ 6440. De goederen waren Verpacht aan burger Josse Clauwaert, voor negen jaar, met een onderhandse akte verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, eindigend op 25 december 1805 voor een pachtsom van £ 139. De pachter liet de schatters noteren dat het schaarhout op de percelen nr. 4 en 6 zijn eigendom was.

De verkoop had plaats te Brussel op 16 juni 1798 om 10 uur volgens affiche nr. 91, artikel 1. Het  bieden ving aan met een openingsbod van 4 830 pond. Burger A. Camusel bood daar als laatste 88 000 pond, dit was niet genoeg volgens de administratie. Een nieuwe toewijzing werd vastgelegd een decade later op 26 juni 1798. Daar werden de goederen opnieuw aangeboden en dan toegewezen voor een eindbod van 89 000 pond aan burger Everard Tops wonende te Brussel. Vermoedelijk was hij een stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Dit was slechts 1000 pond meer!

De weduwe Laurent Clauwaert, nr. 540.

Laurent werd te Hekelgem gedoopt op 14 juni 1700 en overleed er op 6 januari 1787. Hij trouwde te Hekelgem op 22 april 1766 met Judoca De Nul, gedoopt te Hekelgem op 25 mei 1686 en er overleden op 10 januari 1768. Zij hadden 4 kinderen: Petronella Joanna (1 mei 1721), Michael (° 2 oktober 1723), Anna Maria (°25 april 1726) en Henricus Benedictus (°4 juli 1732).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de  “Lennickweijde”, groot 31 a 40 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Benoit Vonck, 2de aan de “Boschstraet”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François Vasseur, en 4de aan de dijk van de “Agterste vijver” ook “Ouden vijver” genaamd. Langs de kant van de straat bevonden er zich vijf geknotte bomen, langs de andere kant, aan de dijk van de vijver, stond er een strook schaarhout. Voor het kappen van het schaarhout zie naar verklaring bij de toewijzing nr. 539.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 10 frank en de verkoopprijs op 206 frank, de hoogstammige bomen geschat op 6 frank, inbegrepen. Verpacht vanaf 22 december 1800 aan de weduwe Laurent Clauwaert wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1800 door de burgemeester van Asse (registernr. 342 te Asse – 94 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 7,25 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 13 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 538          artikel 10. Het bieden ving aan met een openingsbod van 206 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 500 frank aan burger Arnould Pierre Geeroms wonende te Brussel, buiten de Lakense poort te Molenbeek.

Benedictus Cooreman, nr. 606.

Beschrijving van de goederen:

Twee ha 82 a 60 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 62 a 80 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Henri Baillieu, 2de aan de “Donckerstraet” van “Tenbosch” naar de steenweg, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Baptiste Pauwels, 4de met de helft van het voetpad genaamd “Haesewegh” aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Verbeken.

2- 94 a 20 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Baptiste Pauwels, 2de aan de “Donckerstraet”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Verbeken, en 4de met de helft van het voetpad genaamd “Haesewegh” aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Verbeken.

3- 31 a 40 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde met de helft van het voetpad genaamd “Haesewegh” aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François De Smedt, 2de aan de goederen van Benedictus Schoon, 3de aan dezelfde, 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Droeshout, 5de aan het volgende perceel en aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Bosteels, 6de aan de goederen van de Armen en de kerk van Hekelgem verpacht aan André Coppens, de goederen van Sieur Van Lierde en Gilles Verbeken. Dit perceel wordt doorsneden door een voetpad van “Tenbosch” naar de kerk van Hekelgem.

4- 31 a 40 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Bosteels, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Michel Droeshout, 3de aan de “Donckerstraet”, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Droeshout.

5- 62 a 80 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde met de helft van het voetpad genaamd “Haesewegh” aan de goederen van Gilles Verbeken, 2de aan de weg genaamd “Langehaegh” van de steenweg naar Teralfene, en 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François De Smet.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 april 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 112 frank en de verkoopprijs op 2240 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Benedictus Cooreman wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 94 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 88 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807 om 12 uur volgens de affiche nr. 590          artikel 11. Het bieden begon met een openingsbod van 2 246 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 4 100 frank aan Egide Van Boterdael wonende te Aalst.

André Courtemans, nr. 544.

André woonde op Bleregem. Hij was in Hekelgem getrouwd op 24 juli 1792 met Maria Anna Hellinckx. Hij overleed te hekelgem op 29 oktober 1842 en zijn vrouw op 2 mei 1847. Zij hadden 7 kinderen: Joannes Baptist (°5 april 1793), Petrus Josephus (°17 maart 1795), Egidius (°10 februari 1797), Henricus (°21 februari 1799), Maria Elisabeth (°14 mei 1801), Petrus Franciscus (°15 januari 1804) en Anna Francisca (°20 februari 1808).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond, weide en bos, gelegen op  “Coudenbergh”, groot 99 a 22 ca, grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Gent, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Baduin Velge, 3de de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Baduin Velge en een weide van de abdij verpacht aan Jean De Cort, 4de aan de weide van Jean De Cort, 5de aan de “Nieuwenbosch”, en 6de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François Van Den Bosch.

« Le bien est entouré des fossés lesquels et ceux séparent les closières intérieurs sont plantés avec douze arbres montant saulx, peupliers et chênes et avec cent vingt cinq arbres à tête, saulx peupliers et chênes, aussi une partie d’une closière terre aboutissant à la closière prairie est plantée de raspe. »

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 20 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 30 frank en de verkoopprijs op 750 frank, inbegrepen de hoogstammige bomen, geschat op 150 frank, die zich op het perceel bevonden. Verpacht vanaf 26 december 1804 aan de André Courtemans wonende te Hekelgem, voor zes jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 22 maart 1804 door de burgemeester van Asse (registernr. 78 te Asse – 22 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 23 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 20 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 539          artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 750 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 425 frank aan Henri Hellinckx wonende te Hekelgem.

Michel Cuyper, nr. 48.

Beschrijving van de goederen: vijf bunder één dagwand 92 roeden land en weide gelegen te Hekelgem en Teralfene, verpacht aan de weduwe Michel Cuyper voor een jaarlijkse pachtsom van 183 frank, belastingen niet inbegrepen.

1-Vier bunder twee dagwand (5 ha 65 a 88 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem grenzend langs een zijde aan de weg van Teralfene naar Aalst, 2de aan Joannes Bosteels, 3de aan Michel Drosart (Droeshout?), 4de aan Michel Van Der More?, en 5de aan Cornelis De Schrijver.

2-Drie dagwand 92 roeden (1 ha 20 a 52 ca, de roede in Teralfene = 30,7456 ca ) weide gelegen te Teralfene, grenzend langs een zijde aan Pierre Jean Bosteels, 2de aan Michel Drousart, 3de aan de “Dender”, en 4de aan de weduwe Jean Baptiste Smets.

Het PV van de schatting opgemaakt op 22 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 100 gulden, en de verkoopprijs op £ 4 000, plus de 10 hoogstammige bomen die geschat werden op £ 30, samen £ 4 030. De goederen waren verpacht aan de weduwe Michel Cuyper, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 10 oktober 1796 en eindigend op 10 oktober 1805.De jaarlijkse pachtsom bedroeg 100 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 1 januari 1799 om 10 uur volgens de affiche nr. 142, artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1710 frank door André Van Gaver. Nadien werd er geen hoger bod meer uitgebracht en de administratie besliste dat er een decade later een tweede keer een toewijzing plaats moest vinden. Tijdens het branden van de laatste kaars op 11 januari 1799 volgde er dan een tweede toewijzing aan een bod van 1810 frank en werd het goed definitief toegewezen aan burger André Van Gaver wonende te Brussel.

Pierre Dauwe, zie Gillis Van de Velde, nr 327 en Jean Baptiste De Vos, nr. 356.

Petrus werd te Hekelgem gedoopt op 13 januari 1729 en overleed er op 18 maart 1787. Hij trouwde te Hekelgem op 12 mei 1767 met Maria Anna Verbeke. Zij werd te Hekelgem gedoopt op 15 februari 1742 en overleed er op 22 maart 1787. Zij hadden 10 kinderen: Christianus (°22 februari 1768), Franciscus (°20 september 1769), Joanna Maria (°11 december 1770), Joanna catharina (°17 april 1772), Ferdinand Franciscus (°13 oktober 1773), Egidius (°10 december 1775), Maria Elisabeth (°12 november 1777), David (°17 september 1779), Joannes Baptist (°22 januari 1782) en Carolus (°26 mei 1783).

Grégoire De Baetselier, nr. 509.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Koeyweyde”, groot 94 a 20 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François De Smet & Jean Godefroy, 2de aan deze van de abdij verpacht aan de weduwe Jacques Goetvinck, 3de aan de losweg van de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe François Plas, en 4de aan de goederen van de abdij verpacht aan Jean Vertongen.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 26 juni 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 30 frank en de verkoopprijs op 622 frank, de hoogstammige bomen die zich op de boord van het perceel bevonden, inbegrepen. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Grégoire De Baetselier wonende te Hekelgem, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 26,29 frank. Pachter Grégoire De Baetselier liet optekenen dat hij de helft van het perceel liet bewerken door zijn schoonbroer Gilles Van Vaerenbergh.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 december 1805 om12 uur volgens de affiche nr. 500 artikel 2. Het bieden ving aan met een openingsbod van 622 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 630 frank aan burger Philippe Paul Chasse wonende te Brussel.

Jean Baptiste De Bailliu, nr. 177.

Joannes Baptist werd te Hekelgem gedoopt op 16 maart 1737. Hij trouwde te Hekelgem op 3 februari 1784 met Maria Judoca De Smedt. Zij was te Hekelgem gedoopt 23 april 1759. Jan Baptist overleed te Hekelgem op 30 januari 1815 en Maria Judoca op 10 september 1839. Zij hadden 9 kinderen: Joanna Catharina (°23 november 1784), Petronella (°9  februari 1786), Suzanna (°4 april 1788), Joannes Baptist (°20 februari 1790), Anna Maria (°9 februari 1792), Joanna Petronella (° 17 januari 1794), Anna Catharina (°21 maart 1796), Guillelmus (°28 april 1798) en Judocus (°8 mei 1801).

De familie De Bailliu kwam in 1717 op het Hof ter Sale en bleef er tot 1839.

Beschrijving van de goederen: Een hoeve gelegen te Hekelgem, kanton Asse, met zestien bunder drie dagwand 26 roeden (21 ha 14  a 49 ca) land, weide en bos, verpacht aan Jean Baptiste De Bailliu voor een jaarlijkse pachtsom van 304 gulden, lasten niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Een hoeve genaamd “Hof ter Saele” bestaande uit een woonhuis, kamers, zolder, kelders, gebouwd in baksteen, gedekt met stro, schuur, bergplaats, paardenstal, stallen in leem, dit alles staande op een erf van één dagwand (31 a 44 ca), de groentetuin inbegrepen. Grenzend aan een zijde aan de goederen van de abdij Affligem, 2de aan de straat genoemd “Cautergat”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem, en 4de aan de “Casteelstraet”.

2- Één bunder twee dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de  plaats genaamd “Den Block”, grenzend aan een zijde aan de weg naar Ninove, 2de aan de weg van Hekelgem naar Essene, 3de aan de “Casteelstraet” en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

3- Vier bunder twee dagwand (5 ha 65 a 87 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Ceukenshaege”,

grenzend aan een zijde aan het goed van de weduwe Plas, 2de aan het goed van de weduwe Bosteels, 3de aan het goed van Josse Lelie, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

4- Zeven bunder twee dagwand 26 roeden (9 ha 51 a 30 ca) landbouwgrond grenzend aan een zijde aan de straat van Hekelgem naar Teralfene, 2de, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

5- Één bunder drie dagwand (2 ha 20 a 6 ca) weide en bos gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Polderkens”, grenzend aan een zijde aan het goed van de weduwe Bosteels, 2de aan de goederen van de abdij Affligem, 3de aan het goed van Jean Baptiste Meert, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

6- Één bunder één dagwand (1 ha 57 a 19 ca) boomgaard en bos, gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Den Boomgaert”, grenzend aan een zijde aan de hoeve, 2de aan de “Casteelstraet”, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

Koper: Jean François Merckaert.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op  22 mei 1798. De schatters waren Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 920, en de verkoopprijs op £ 18 400, de 54 hoogstammige bomen  op £ 120, samen £ 18 520. De goederen waren voor 9 jaar verpacht aan burger Jean Baptiste De Ballieu met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, eindigend op 9 november 1805. De pachter deed de schatters noteren dat hij van het schaarhout op de betrokken percelen het vruchtgebruik had. De schatters noteerden dit, maar schreven erbij dat dit in pachtcontract niet vermeld werd.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 juni 1798 om 10 u. volgens de affiche nr. 93, artikel 2. Het bieden ving aan met een openingsbod van 11 250 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars werden ze oegewezen voor het eindbod van 350 000 pond aan burger Jean François Merckaert, wonende te Aalst, vermoedelijk stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Van het Hof ter Saele is alleen het woonhuis bewaard gebleven, een gebouw opgetrokken uit baksteen op een afgeschuinde plint van zandsteen. De boerderij maakte vroeger deel uit van het borchtcomplex, opgericht door de Frankische hoofdman die zijn naam aan het dorp gaf. Waarschijnlijk woonde er in de 11de eeuw Hendrik III van Hecclengem. In 1498 kocht de abdij de hoeve met akkers, weiden en beemden voor 100 ponden. De hoeve was toen volledig omwald en bestond uit wagenhuis, schuur, paarden- en koeienstallen. Tijdens de godsdienstoorlogen op het einde van de 16de eeuw werd het kasteel verwoest. De boerderij werd met afbraakmateriaal weer opgebouwd in 1643, een datum die boven de voordeur is gebeiteld.  Franse soldaten staken de gebouwen in 1689 in brand waarna de heropbouw volgde. Na de verkoop van 1802 kwam de hoeve in privéhanden. In de loop van de 19de eeuw verdwenen al de gebouwen op het woonhuis na. De grote zaal waar waarschijnlijk van 1580 tot 1609 de schepenbank van de abdij vergaderde (vandaar de naam ter Saele), was nu een koeienstal. Na de verkoop door de Fransen kende de hoeve meerdere eigenaars. In 1876 werd ze in 48 loten verkocht aan verschillende landbouwers.Sinds 1965 is het weer een woonhuis. Een mooie bomendreef leidt naar de rondboogdeur. Bekende pachters waren de families Cornelis, De Bailliu, De Wever en Plas.

Henri De Brueker, nr. 664.

Henri was afkomstig van Asse en trouwde te Hekelgem op 6 april 1785 met Barbara Taelemans, eveneens afkomstig van Asse maar woonde al in Hekelgem als weduwe van Petrus Verdoodt. Henri stierf te Hekelgem op 25 november 1829 en Barbara op 2 december 1802. Zij hadden 3 kinderen: Joannes Baptist (°24 april 1786), Antonius (°13 maart 1789) en Joanna (°30 december 1791). Henri hertrouwde te Hekelgem op 28 november 1807 met Anna Theresia Boom, te Hekelgem gedoopt op 8 november 1783. Anna Theresia stierf te Hekelgem op 21 februari 1828. Er kwamen nog 5 kinderen in het gezin: Anna Catharina (°2 oktober 1808), Franciscus Theodorus (°23 december 1810), Jacobus (°23 september 1812), Joannes Baptist (°26 juni 1815) en Petrus Josephus (°22 februari 1819).

Beschrijving van de goederen: 63 a 74 ca landbouwgrond gelegen op het “Het Weijveld” grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Aalst, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Benoit De Witte, 3de aan de oude baan naar Aalst, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Zacharias De Wever.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 12 januari 1809 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 25 frank en de verkoopprijs op 530 frank, de hoogstammige bomen geschat 30 frank inbegrepen. Verpacht aan Henri De Brueker wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, ingaande op 22 december 1801, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 19,95 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 5 augustus 1809 om 12 uur volgens de affiche nr. 662 artikel 4. Het bieden ving aan met een openingsbod van 530 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 920 frank aan burger Guillaume Gommaire De Kepper wonende te Brussel, rue de Flandres nr. 1575 sectie 3, stroman die kocht als vervanger van Philippe Ange Verbruggen, wonende te Asse, stroman die optrad met een volmacht van Jean François Laurent Tack, wonende te Aalst, “section de l’Humanité nr. 265.

Henri De Clerck, nr. 545.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond, gelegen op de  “Coollochtinge”, groot 62 a 80 ca, grenzend met de helft van de losweg aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Pierre Keijmolen en André Courtemans, 2de aan het goed van Sieur Baillu, de weduwe Robijns en Guillaume Lowies, 3de aan het bos van Josse Verreeken, en 4de aan de gracht van een weide van de abdij Affligem verpacht aan Guillaume Smet. Er bevond zich op dit perceel een boord met schaarhout en zeven jonge hoogstammige bomen.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 18 frank en de verkoopprijs op 367 frank, inbegrepen zeven jonge hoogstammige bomen geschat op 7 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de Henri De Clerck wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 door de burgemeester van Asse (registernr. 44 te Asse – 9 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 19,04 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 20 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 539          artikel 20. Het bieden ving aan met een openingsbod van 367 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 630 frank aan Alexandre Debroux wonende te Brussel, rue de l’Empereur.

Jean De Cort, nr. 410.

Joannes werd gedoopt op10 januari 1754 en overleed er op 12 april 1832. Hij trouwde te Hekelgem met Petronella Everaert op 20 november 1787. Zij was te Hekelgem gedoopt op 8 februari 1747 en overleed er op 27 maart 1800. Hun zoon Joannes Baptist werd op 17 september 1790 gedoopt. Joannes hertrouwde te Hekelgem op 27 november 1804 met Maria Anna Pots, te Hekelgem gedoopt op 30 mei 1778 en er overleden op 13 maart 1842. Zij hadden samen nog 6 kinderen: Maria Joanna (°6 oktober 1801), Franciscus (°18 oktober 1803), Egidius (°2 juni 1806), Joanna Maria (°4 oktober 1808), Constantinus (°12 augustus 1811) en Judocus (°25 februari 1816). Het gezin woonde in het Mazits.

Beschrijving van de goederen: drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het “Steent” grenzend langs een zijde aan de “Langestraat” (rue Longue) komende van Aalst, 2de aan een kleine weg naar Hekelgem, 3de aan Jean Baptiste De Vos, en 4de aan François Wambacq. Verpacht aan Jean De Cort voor een jaarlijkse pachtsom van 46 frank, belastingen inbegrepen

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 november 1797 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 46,45 frank en de verkoopprijs op 371,60 frank. Verpacht aan Jean De Cort, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 20 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801om 12 uur volgens affiche nr. 308 artikel 10. Het bieden ving aan met een openingsbod van 371 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 850 frank aan burger Jean François Merckaert, wonende te Aalst.

De weduwe Jean De Coster, Petronille Van de Velde, nrs. 542 en 511.

Joannes , niet gedoopt en getrouwd te Hekelgem overleed er op 8 augustus 1783, zijn 11de kind was toen 2 maanden oud. Zijn vrouw Petronella Van de Velde op 22 januari 1809. De 11 kinderen te Hekelgem gedoopt: Petrus (°26 oktober 1766), Jacobus (°30 oktober 1767), Joannes Baptist (°6 mei 1769), Maria Theresia (°13 september 1770), Joannes Ferdinand (°30 mei 1772), Joanna Maria (°13 november 1773), Judocus (°12 juli 1775), Catharina (°27 juni 1777), Gerardus (°31 januari 1779), Francisca (°7 november 1780) en Judoca (°11 juni 1783).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen “Het Zetsel”, groot 62 a 80 ca, grenzend langs een zijde aan de “Casteelstraet”, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Pierre Van Vaerenberg, 3de aan de goederen van de abdij verpacht aan Guillaume De Boeck en André Cortemans, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Chrétien Arijs. Dit perceel wordt doorsneden door een voetpad.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 2 juli 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 400 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de weduwe Jean De Coster, Petronille Van De Velde, wonende te Hekelgem, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse (registernr. 58 te Asse), voor een jaarlijkse pachtsom van 18,14 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 december 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 500 artikel 4. Het bieden ving aan met een openingsbod van 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 450 frank aan burger Bernard Gérard, notaris, wonende te Brussel, rue de l’Oxum.

Nr. 511.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond, hopveld en tuin, waarop zich een lemen huis bevindt bedekt met stro, gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Casteelstraet”, groot 31 a 40 ca, grenzend langs een zijde aan de “Casteelstraet”, 2de & 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Baptiste Bailliu, en 4de aan het goed van de weduwe Jean Baptiste Godefroy. Dit perceel wordt op een hoek doorsneden door een voetpad.

Het PV van de schatting opgemaakt op 20 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 15 frank en de verkoopprijs op 300 frank. Verpacht vanaf 22 december 1800 aan de weduwe Jean De Coster wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1800 door de burgemeester van Asse (registernr. 50bis te Asse), voor een jaarlijkse pachtsom van 8,15 frank. De weduwe verklaarde dat het perceel aan hun verpacht was voor een onbepaalde (perpétuel- levenslang?) termijn maar dat het pachtcontract mee verbrandde met een huis dat er voordien stond. Het huis waar ze nu in woonde was haar eigendom en werd gebouwd door haar overleden echtgenoot.

De verkoop had plaats te Brussel op 13 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 538 artikel: 12. Het bieden ving aan met een openingsbod van 300 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 560 frank aan Judocus Fasseel wonende te Mollem.

François De Gols, nr. 547.

Franciscus, te Hekelgem gedoopt op 19 juni 1762 en er overleden op 30 juli 1841, trouwde er op 11 juni 1797 met Joanna Catharina Vonck. Zij werd te Hekelgem gedoopt op 12 juni 1765 en stierf er op 15 mei 1847. Zij hadden een huis aan de Boekhoutstraat.Er waren 3 kinderen: Joannes Baptist (°18 april 1805), Anna Maria (°2 juli 1806) en Egidius (°18 januari 1809).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de  “Lennickweijde”, groot 47 a 10 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Pierre De Schrijver, 2de aan de “Boschstraet”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht Michel Van Den Berge, en 4de aan de dijk van de “Paddevijver”. Langs de kant van de straat bevonden er zich vier geknotte bomen en twee beuken, langs de andere kant, aan de dijk van de vijver, stond er een strook schaarhout.

Voor het kappen van het schaarhout zie naar verklaring bij de toewijzing nr. 539.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 20 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 15 frank en de verkoopprijs op 310 frank, inbegrepen de hoogstammige bomen geschat op 10 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de François De Gols wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 door de burgemeester van Asse (registernr. 89 te Asse – 25 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 8,15 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 20 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 539          artikel 22. Het bieden ving aan met een openingsbod van 310 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 510 frank aan burger Henry Grundt wonende te Brussel, op de hoek van Cantersteen, stroman die kocht met een volmacht van burger Daniël De Smet wonende te Aalst.

Pierre De Koninck, nr. 403.

Petrus werd te Hekelgem gedoopt op 28mei 1740 en overleed er op 18 augustus 1804. Hij trouwde te Hekelgem op 3 november 1767 met Maria Judoca Boterbergh. Zij was te Hekelgem gedoopt op 12 oktober 1733 en er gestorven op 28 april 1789. Petrus en Maria hadden 4 kinderen: Andreas (°6 december 1768), Francisca (°22 april 1770), Elisabeth (°17 augustus 1771) en Maria Anna (°3 augustus 1773).

Beschrijving van de goederen: één dagwand (31 a 44 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het “Wijveldt”, verpacht aan Pierre De Koninck zonder pachtcontract voor een jaarlijkse pachtsom van 12 frank, grenzend langs een zijde, zuid, aan de steenweg van Brussel naar Aalst, 2de aan Jaspar Kint, 3de aan de oude weg naar Brussel, en 4de aan de weg van Meldert naar Hekelgem.

Het Pv van de schatting opgemaakt op 21 februari 1800 door Charles Louis Joseph Terrace, en Mathias Gruber burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 12,20 frank en de verkoopprijs op 97,60 frank. Verpacht aan burger Pierre De Koninck wonende te Hekelgem, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 9,15 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 29 maart 1801 om 12 uur volgens affiche nr. 303 artikel 1. Het bieden begon met een openingsbod van 96 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 430 frank aan burger Philippe Van Den Hecke wonende te Gent, rue Draepstraat.

Jacques De Leeuw, zie Jean Baptist De Vos, nr. 356.

Beschrijving van de goederen: drie bunder één dagwand 90 roeden (4 ha 36 a 98 ca) land en weide gelegen te Hekelgem, verpacht aan de burgers Jean Baptiste De Vos, Jacques De Leeuw, Passchier Vertongen & Pierre Dauwe voor een jaarlijkse pachtsom van 168 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand 87 roeden (90 a 22 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Den Molencauter” grenzend zuid aan de weduwe M. Robijns, 2de aan Benoit Schoon, en 3de aan burger Mattens.

2- Twee dagwand 3 roeden (63 a 82 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Aalst, 2de aan burger Brucker, 3de aan de oude weg van Brussel naar Aalst, 4de aan burger G. Louis, 5de aan burger Benoit Schoon. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Jean Baptiste De Vos.

3- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan het goed van J. De Cort, aan dit van de kinderen van de weduwe Batselier, 3de aan burger Pierre D’Houwe, en 4de aan burger F. Linthout.

4- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan de weg genaamd “Droogeweijde”, 2de aan de “Bleregemsche straete”, 3de aan burger B. Verdoot, 4de aan burger Zacharias De Wever. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw.

5- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond en één dagwand (31 a 44 ca) weide gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan burger Baetselier, 2de aan burger Josse Robijns, 3de aan Zacharias De Wever, 4de aan burger Josse Robijns, 5de aan burger Gilles Cammaert, en 6de aan André Keymolen. Verpacht aan Pierre Dauwe.

Er werden drie proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) Het PV van de schatting opgemaakt op 11 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 66,65 frank, en de verkoopprijs op 569,20 frank, 24 hoogstammige bomen met een omtrek van 2 tot 3 voet, geschat 36 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jean Baptiste De Vos wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 9 juni 1794, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 51,40 frank. Dit proces-verbaal betreft de nummers 1 & 2 van de beschrijving van de goederen.

2) Het PVl van de schatting opgemaakt op 15 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 52,60 frank, en de verkoopprijs op 420,20 frank. Verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 40,40 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 & 4 van de beschrijving van de goederen.

3) Het PV van de schatting opgemaakt op 9 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 48,90 frank, en de verkoopprijs op 391,20 frank. Verpacht aan Pierre Dauwe wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 36,70 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 5 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juli 1800 om 12 uur vplgens de affiche nr. 251 artikel 19.  Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 380 frank door burger M. Rocher wonende te Brussel, vervanger van burger Louis Badin die bood met een volmacht van Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 800 frank aan burger M. Rocher.

Henri De Nil, nr. 414.

Henri werd te Hekelgem gedoopt op 20 december 1749 en overleed er op 28 juli 1831. Hij trouwde te Hekelgem op 26 januari 1773 met Joanna Catharina De Raedt, te Hekelgem gedoopt op 8 december 1739 en er overleden op 13 december 1817. Hun huis stond in de “Hoogstraat” (?).Hun dochter Anna Maria werd op 24 oktober 1781 gedoopt.

Beschrijving van de goederen: twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op “Den Molencauter”, verpacht aan Henri De Nil & consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 28 frank, belastingen inbegrepen, grenzend langs een zijde aan de “Hekelgemse straet”, 2de aan burger Jacques Meersman, 3de aan burger Benoit Schoon, en 4de aan de weduwe Jean Baptiste Godefroid.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 november 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 28,32 frank en de verkoopprijs op 226,56 frank. Verpacht aan Henri De Nil, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 11 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801 om 12 uur volgens de affiche nr. 308 artikel 14. Het bieden begon met een openingsbod van 226 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 480 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, stroman die kocht met een volmacht van Jean De Loecker & Guillaume Graindorge wonende te Asse.

Jacques De Meersman, nr. 603.

Jacobus werd te Hekelgem gedoopt op 10 oktober 1751 en overleed er op 20 november 1831. Hij trouwde te Hekelgem op 7 november 1792 met Anna Maria Van Mol, gedoopt te Hekelgem op 24 december 1769 en er overleden op 22 april 1842 in haar huis omtrent de abdye. Vermelding in 1831: huys op de “Hoogstraat”. Zij hadden 10 kinderen: Joannes Baptist (°2 februari 1794), Franciscus (°10 juni 1796), Petrus (°10 januari 1798), Bernardus (°19 mei 1800), Petrus Benedictus (°27 februari 1802), Guillelmus (°23 maart 1803), Anna Maria (°1 juli 1806), Joannes (°6 augustus 1809), Egidius (°18 juli 1812) en Paulus (°20 september 1815).

Beschrijving van de goederen: één ha 9 a 90 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-4 7 a 10 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de “Hoogstraet” van de abdij Affligem naar het gehucht Boekhout, 2de, 3de en 4de aan goederen van de voormalige abdij Affligem.

2- 62 a 80 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de “Hoogstraet” van de abdij Affligem naar het gehucht Boekhout, 2de aan goederen van de voormalige abdij Affligem, 3de aan Joseph Sarreel en Philippe Van De Perre, en 4de aan goederen van de voormalige abdij Affligem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Gaspar Petrus ‘T Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 40 frank en de verkoopprijs op 950 frank, inbegrepen de bomen die zich op het perceel bevonden, geschat 150 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Jacques De Meersman wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 56 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 40 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaatste Brussel op 19 september 1807 om 12 uur volgens de affiche nr. 590 artikel 8. Het bieden begon met een openingsbod van 950 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 275 frank aan Jean François Glibert wonende te Brussel en Jean Fieremans wonende te Meulebeke, stroman die kocht met een volmacht van Jean Louis Augustin Lejeune, wonende te Brussel.

De weduwe Pierre De Schrijver en Pierre Vonck, nr. 538.

Petrus De Schrijver werd te Hekelgem gedoopt op 22 novelber 1741en overleed er op 14 april 1806. Hij trouwde met Maria Theresia Vonck te Hekelgem op 21 november 1797. Maria Theresia was te Hekelgem gedoopt op  14 juni 1763 en overleed er op 25 februari 1836. Hun huis stond in Terlinden. Zij hadden 4 kinderen: Maria Petronella (°7 oktober 1798), Judocus (°29 november 1799), Joannes (°4 februari 1803) en Petrus (°17 november 1805).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op het  “Asscherenveld”, groot 1 ha 28 a 74 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe François Clauwaert, 2de met de helft van de veldweg aan het land van Jean Baptiste Van Den Wijngaerden, Jean Plas, en François Verlijsen, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Josse Vonck, en 4de aan een gerooid bos genaamd “Asscherenbosch”.

Proces-verbaal van de schatting werd opgemaakt op 11 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 50 frank en de verkoopprijs op 1000 frank. Verpacht vanaf 22 december 1801 aan de weduwen Pierre De Schrijver en Pierre Vonck wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1800 door de burgemeester van Asse (registernr. 393 te Asse – 116 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 38,70 frank

De verkoop had plaats te Brussel op 13 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 538          artikel 8. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1000 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 375 frank aan Daniël De Smet wonende Aalst.

Guillaume De Smedt, nr. 184.

Guillelmus werd te Hekelgem gedoopt op 26 november 1740 en stierf er op 22 december 1822. Hij trouwde met Anna Maria Stallaert . Zij overleed te Hekelgem op 8 mei 1828. Hun huis stond tegen den steenweg aen de Bleregemsche straete. Zij hadden 12 kinderen: Petrus (°4 april 1778), Susanna (°26 augustus 1779), Zacharias (°21 april 1781), Elisabeth (°14 september 1782), Petronella (°14 september 1782), Joannes Baptist (°13 december 1783), henricus (°27 augustus 1786), Joannes (°20 november 1787), henricus (°24 juli 1790), Dominicus (°12 juni 1792), Henricus (°13 maart 1793) en Joanna Catharina (°29 november 1795).

Beschrijving van de goederen: acht bunder 49 roeden (10 ha 21 a 40 ca) land en weide verpacht aan Guillaume De Smedt. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Twee bunder (2 ha 51 a 50 ca) landbouwgrond gelegen op de “Schaepschuer” grenzend aan een zijde aan Benoit De Witte, 2de aan Henri De Brucker, 3de aan de steenweg van Asse naar Aalst, en 4de aan de straat genaamd “d’ Oude Baan”.

2- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond op de “Schaepschuer” grenzend aan een zijde aan de hoeve van de pachter, 2de aan de steenweg naar Aalst, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

3- Eén bunder (1 ha 25 a 75 ca) weide op de “Schaepschuer” grenzend aan een zijde aan François Van Den Bossche, 2de aan Josse Robijns, 3de aan Amand Vertongen, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

4- Drie bunder 49 roeden (3 ha 92 a 65 ca) landbouwgrond, een klein perceel schaarhout inbegrepen,  op “Het Hoeft” grenzend aan een zijde aan Jean Baptiste De Baillieu, 2de aan de goederen van de abdij Affligem, 3de aan Jean Baptiste Robijns, en 4de aan de “Cauwenbergvijver”.

5- Vijf dagwand (1 ha 57 a 19 ca) weide op de “Koeyweijde” grenzend aan een zijde aan Guillaume Louis, 2de aan de “Koeystraete”, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 31 mei 1798 door Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 400, en de verkoopprijs op £ 8 000, plus de 12 hoogstammige bomen die geschat werden op £ 18, samen £ 8 018. De goederen waren verpacht aan burger Guillaume De Smedt, voor negen jaar met een pachtcontract van 25 december 1796, verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem en eindigend op 25 december 1805. De pacht bedroeg 160 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 10 juli 1798 om 11 u. volgens affiche nr. 98, artikel: 2. Het bieden begon met een openingsbod van 5 250 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 130 000 pond aan burger Jacques Joseph De Waha wonende te Brussel, rue de la Montagne nr. 316, die kocht voor zichzelf en stroman was met een volmacht van Henry Charles en Marie Anne De Waha zijn broer en zus, wonende te Brussel, rue du Chêne nr. 748, ieder voor een derde deel.

De weduwe Jean Baptiste De Smet, nr. 632.

Jan Baptist trouwde te Hekelgem met Anna Catharina Resteau op 10 januari 1764 en overleed er op 23 juni 1786. Anna Catharina was te Hekelgem gedoopt op 23 augustus 1743 en stierf er op 14 juli 1808. Zij hadden 8 kinderen: Joannes Baptist (°14 juni 1765), Joanna Maria (°20 oktober 1766), Joannes Franciscus (°21 juli 1769), Martinus (°5 april 1772), Maria Theresia (°17 april 1774), Maria Francisca (°15 april 1777), Joanna (°12 oktober 1779) en Anna Maria (°18 juli 1782).

Beschrijving van de goederen: zeven ha 32 a 24 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Vijf ha 43 a 84 ca landbouwgrond gelegen op de “Lemmekensweijde” in de volksmond ook “Den Poel” genaamd, grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Gent, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Josse De Backer of de scheiding van de gemeenten Hekelgem en Erembodegem, 3de aan het land van Josse Clauwaert en François Everaert verpacht aan de weduwe Jean Baptiste Van Vaerenbergh, 4de aan het land van de weduwe Michel Clauwaert, Gilles De Gols, Jean De Cort en de weduwe Gilles De Gijseleer, 5de aan het land van de weduwe De Gijseleer, 6de met de veldweg aan de goederen van de Armen en de kerk van Hekelgem verpacht aan Jean Baptiste De Schrijver, het land van Jean Baptiste Van Nieuwenborre en de weduwe Henri Wamback, en 7de de goederen van Jean De Vis gehuwd met de weduwe van Jean Baptiste Mattens. Op dit perceel bevinden zich twee beuken en 15 geknotte eiken. Het perceel wordt eveneens doorsneden door een voetpad van Mazits naar de steenweg. Ingesloten in dit perceel bevindt zich een nat stuk land, groot ongeveer 31 a 40 ca, dat eigendom is van de weduwe Jean Baptiste Vonck en dat geen deel uitmaakt van deze toewijzing.

2- Eén ha 88 a 40 ca landbouwgrond gelegen op “Het Weijmeerschveldt” grenzend langs een zijde aan de straat van de steenweg naar Moorsel, 2de aan het erf van Pierre Van Den Berghe, 3de met de helft van de gracht aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Paul Van Vaerenbergh, 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Benoit Schoon, 5de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Josse Van De Perre. Dit perceel wordt doorsneden door een voetpad.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 10 november 1806 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 240 frank en de verkoopprijs op 4 900 frank, inbegrepen 19 hoogstammige bomen geschat op 100 frank. Verpacht vanaf 26 december 1795 aan de weduwe Jean Baptiste De Smet wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, voor een jaarlijkse pachtsom van 218 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 6 augustus 1808 om 12 uur volgens de affiche nr. 636 artikel 8. Het bieden begon met een openingsbod van 4 900 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 5 750 frank aan Joseph Van Den Houte wonende te Meulebeke. Voor een onbekende opdrachtgever ?

Jean De Vis, nr. 413.

Beschrijving van de goederen: twee dagwand 50 roeden (78 a 59 ca) landbouwgrond gelegen op “De Koyweyde”, verpacht aan Jean De Vis voor een jaarlijkse pachtsom van 32 frank, grenzend langs een zijde aan de “Koyweyvijver”, een vijver van de voormalige abdij Affligem, 2de aan burger Jaspart ’T Kint, 3de aan de weg naar de weiden, en 4de aan de goederen van de kinderen Pierre D’Hauwe.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 november 1797 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 31,75 frank en de verkoopprijs op 254 frank. Verpacht aan Jean De Vis, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 13 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801 om 12 uur volgens affiche nr. 308 artikel 13. Het bieden ving aan met een openingsbod van 256 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 550 frank aan burger Jean De Loecker wonende te Asse, stroman die kocht met een volmacht van Jean Van Varenberg wonende te Ninove.

Michiel De Vis, nr. 433.

Michiel, geboren te Hekelgem op 3 september 1740, trouwde te Hekelgem op 5 februari 1782 met Joanna Boom uit Welle, maar al sinds 1756 in Hekelgem woonde. Michiel overleed te Hekelgem op 18 maart 1805 en Joanna op 27 februari 1820. Zij hadden 5 kinderen: Joannes (°15 mei 1783), Petrus (°28 december 1785), Francisca (°25 december 1788), barbara (°20 december 1790) en Joanna Petronella (°17 augustus 1795).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Fossel”, groot 50 a 94 ca, grenzend langs een zijde aan Jean Verleysen, 2de aan de straat naar de kerk van Hekelgem, 3de aan Benoit De Witte, en 4de aan de Armen van Hekelgem

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 22,50 frank en de verkoopprijs op 225 frank. Verpacht aan Michiel De Vis, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 19,95 frank. Hij pachtte dit perceel sinds lange tijd. De ontvanger der domeinen te Asse verklaarde dat dit goed voordien verpacht werd voor een jaarlijkse pachtsom van 10 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 4 september 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 332 artikel 10. Het bieden begon met een openingsbod van 248 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 610 frank aan burger Guillaume Graindorge wonende te Asse, stroman die kocht met een volmacht van Michiel De Vis wonende te Hekelgem.

Jean Baptiste De Vos, nr. 356.

Joannes werd gedoopt te Hekelgem op 8 september 1750 en overleed er op 15 november 1815. Hij trouwde te Hekelgem op 10 mei 1777 met Elisabeth ledegen en woonden in het Mazits. Zij werd te Hekelgem gedoopt op 12 augustus 1738 en overleed op 23 juni 1822. Zij hadden 2 kinderen: Andreas (°30 maart 1778) en Maria (°2 november 1779).

Beschrijving van de goederen: drie bunder één dagwand 90 roeden (4 ha 36 a 98 ca) land en weide gelegen te Hekelgem, verpacht aan de burgers Jean Baptiste De Vos, Jacques De Leeuw, Passchier Vertongen & Pierre Dauwe voor een jaarlijkse pachtsom van 168 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand 87 roeden (90 a 22 ca) landbouwgrond gelegen “Den Molencauter” grenzend zuid aan de weduwe M. Robijns, 2de aan Benoit Schoon, en 3de aan burger Mattens.

2- Twee dagwand 3 roeden (63 a 82 ca) landbouwgrond gelegen “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Aalst, 2de aan burger Brucker, 3de aan de oude weg van Brussel naar Aalst, 4de aan burger G. Louis, 5de aan burger Benoit Schoon. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Jean Baptiste De Vos.

3- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan het goed van J. De Cort, aan dit van de kinderen van de weduwe Batselier, 3de aan burger Pierre D’Houwe, en 4de aan burger F. Linthout.

4- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan de weg genaamd “Droogeweijde”, 2de aan de “Bleregemsche straete”, 3de aan burger B. Verdoot, 4de aan burger Zacharias De Wever. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw.

5- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond en één dagwand (31 a 44 ca) weide gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan burger Baetselier, 2de aan burger Josse Robijns, 3de aan Zacharias De Wever, 4de aan burger Josse Robijns, 5de aan burger Gilles Cammaert, en 6de aan André Keymolen. Verpacht aan Pierre Dauwe.

Er werden drie proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) PV van de schatting opgemaakt op 11 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 66,65 frank, en de verkoopprijs op 569,20 frank, 24 hoogstammige bomen met een omtrek van 2 tot 3 voet, geschat 36 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jean Baptiste De Vos wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 9 juni 1794, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 51,40 frank. Dit PV betreft de nummers 1 & 2 van de beschrijving van de goederen.

2) PVvan de schatting opgemaakt op 15 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 52,60 frank, en de verkoopprijs op 420,20 frank. Verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 40,40 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 & 4 van de beschrijving van de goederen.

3) PV  van de schatting opgemaakt op 9 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 48,90 frank, en de verkoopprijs op 391,20 frank. Verpacht aan Pierre Dauwe wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 36,70 frank. Dit PV betreft nr. 5 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juli 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 251 artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 380 frank door burger M. Rocher wonende te Brussel, vervanger van burger Louis Badin die bood met een volmacht van Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 800 frank aan burger M. Rocher.

Josse De Wever, nr. 424.

Josse (Judocus), gedoopt te Hekelgem op25 juni 1771 en er overleden op 4 november 1826, trouwde te Hekelgem op 9 mei 1799 met Maria Theresia De Smedt. Zij was te Hekelgem gedoopt op 17 april 1774 en er overleden op28 augustus 1824. Zij woonden op Boekhout en hadden 10 kinderen: Anna Catharina (°15 september 1799), Joannes Franciscus (°3 mei 1801), Anna Catharina (°15 december 1802), Egidius (°4 november 1804), Anna Maria (°15 april 1806), Maria Dorothea (°17 juni 1810), Zacharias (°7 november 1811) en Amelia (°28 februari 1813).

Beschrijving van de goederen: een perceel van 39 a 25 ca land en bos gelegen op de  “Couwaze” (sic) grenzend langs een zijde aan de kinderen Pierre D’Hauwe, 2de aan Laurent Van Roy, 3de aan Jacques Delcam?, en 4de aan Gaspard Thinot.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De verkoopprijs werd geschat op 120 frank. Verpacht aan Josse De Wever die verklaarde dat dit perceel deel uitmaakte van een pachtcontract dat nog andere percelen omvatte en hem toegewezen werd op een openbare aanbesteding op 26 juli 1801 door de burgemeester van Asse. Het was slechte grond, maar de waarde nam toe door het schaarhout erop staande dat kon dienen voor hopstaken die toen waardevol waren.

De verkoop had plaats te Brussel op 14 augustus 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 329 artikel 20. Het bieden begon met een openingsbod van 132 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 400 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, en Guillaume Graindorge wonende te Asse.

Zacharias De Wever, nr. 412.

Zacharias werd te Hekelgem gedoopt op 8 december 1739 en overleed er op 5 januari 1828. Hij trouwde te Hekelgem op 11 augustus 1765 met Anna Van de Perre, te Hekelgem gedoopt op 28 maart 1734 en er overleden op 4 januari 1795. Hun huis stond op Boekhout en was de bekende afspanning “De kaaszak”. Zij hadden 6 kinderen: Joanna Catharina (13 juli 1766), Maria Anna (°12 mei 1768), Catharina (°27 november 1769), Judocus (°25 juni 1771) Egidius (°21 april 1774) en Petrus (°2 aprl 1778).

Beschrijving van de goederen: twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op “Den Molencauter”, verpacht aan Zacharias De Wever voor een jaarlijkse pachtsom van 25 frank, grenzend langs een zijde aan Benoit Schoon, 2de aan burger Pierre François ’T Kint, 3de aan de weg naar de steenweg van Aalst naar Brussel, en 4de aan burger Pierre Van Den Bossche

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 november 1797 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 24,85 frank en de verkoopprijs op 198,80 frank. Verpacht aan Zacharias De Wever, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 10 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801 om 12 uur volgens de affiche nr. 308 artikel 12. Het bieden begon met een openingsbod van 212 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 570 frank aan burger Henri Bastaerts, wonende te Kobbegem.

Benoit De Witte, nr. 479.

Benedicts Emanuel werd te Hekelgem gedoopt op 24 december 1753 en stierf er op 11 juli1847. Hij trouwde te Opwijk op 3 april 1786 met Catharina Paula De lantsheere. Zij overleed te Hekelgem op23 september 1826. Benedictus was griffier van de abdij en oliehandelaar. Hij bewoonde het Griffiershof aan de steenweg op Brussel. Zij hadden 8 kinderen: Joanna Benedicta (°26 augustus 1787), Paula Catharina (°12 maart 1789), Catharina Hubertina (°27 juli 1790), Joannes Baptist (°12 november 1792), Ivo Josephus (°30 januari 1794), Maria Theresia (°25 april 1795), Josephus Joannes (°15 november 1796) en Constantinus Alexander (°29 septmber 1800).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de “Molencauter”, groot 1 ha 20 a 19 ca, grenzend langs een zijde aan de steenweg van de abdij Affligem naar de steenweg van Brussel naar Gent, 2de aan Joseph Mertens, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Clauwaert, 4de aan de kleine weg van de steenweg van Brussel naar Gent naar de abdij Affligem, en 5de aan de goederen verpacht aan Pierre Roggemans.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 augustus 1803 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 55 frank en de verkoopprijs op 550 frank, plus 49 hoogstammige bomen, die stonden langs de dreef van de steenweg naar de abdij Affligem, geschat op 98 frank, samen 648 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Benoit De Witte wonende te Hekelgem aan de steenweg van Brussel naar Gent, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1591 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 39,90 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 12 mei 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 416 artikel  Het bieden begon met een openingsbod van 1 100 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 600 frank aan burger Charles Van Hattem wonende te Brussel, rue de Schaerbeek nr. 1002, sectie 6.

Albert De Wit, nr. 404.

Albert De Wit was niet afkomstig van Hekelgem. Hij overleed er op 11 december 1804. Op 4 februari 1794 trouwde hij te Hekelgem met Joanna Catharina De Bisschop, te Hekelgem gedoopt op 23 oktober 1769 en er gestorven op 11 juli 1837. Zij hadden 5 kinderen: Joannes Franciscus (°23 december 1794), Cornelius (°27 maart 1797), Theresia (°26 april 1799), Petrus Benedictus (°4 januari 1801) en Joannes Franciscus (°23 maart 1805).

Beschrijving van de goederen: zeven dagwand 8 roeden (2 ha 22 a 44 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem, verpacht aan De Wit, met een pachtcontract eindigend in het jaar 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 98,50 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Vijf dagwand 4 roeden (1 ha 58 a 44 ca) landbouwgrond gelegen op de “Schaepschuer” grenzend langs een zijde aan de oude weg, 2de aan het goed verpacht aan G. Smets, 3de aan de weg naar Brussel naar Aalst, en 4de aan het goed verpacht aan H. De Brucker.

2- Twee dagwand 4 roeden (64 a 14 ca) landbouwgrond gelegen op het “Wijnveldt” grenzend langs een zijde aan de oude weg, 2de aan het goed verpacht aan H. De Brucker, 3de aan de steenweg van Brussel naar Aalst, en 4de aan de weg naar Essene.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 februari 1800 door Charles Louis Joseph Terrace, en Mathias Gruber burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 98,55 frank en de verkoopprijs op 788,40 frank. Verpacht aan burger De Wit wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 25 december 1794, en eindigend op 25 december 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 77,20 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 29 maart 1801 om12 uur volgens affiche nr. 303 artikel 3. Het bieden begon met een openingsbod van 788 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 000 frank aan burger Philippe Van Den Hecke wonende te Gent, rue Draepstraat.

François De Wolf, nr. 420.

Franciscus,  overleden te Hekelgem op 22 juni 1811, trouwde te Hekelgem op 1 mei 1788 met Maria Elisabeth Fieremans, te Hekelgem overleden op 1 februari 1822. Hun dochter Catharina werd te Hekelgem gedoopt op 19 oktober 1789.

Beschrijving van de goederen: een huis gebouwd op een terrein van twee dagwand 60 roeden (81 a 74 ca) landbouwgrond, gedeeltelijk gebruikt als tuin en boomgaard, gelegen te Hekelgem op het “Leenveld”. De woning is gebouwd in baksteen en bedekt met stro en heeft alleen een gelijkvloers bestaande uit een keuken, twee kamers, kelder en stal, grenzend zuid aan burger Jean Baptiste De Raedt, aan burger François Verlijsen, aan burger Pierre De Raedt en burger Zacharias De Wever, 2de aan de oude weg naar Brussel, 3de noord aan burger François De Ridder, en 4de aan de steenweg van Aalst naar Brussel.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 januari 1802 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en Mathias Gruber, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 34,80 frank en de verkoopprijs op 827 frank. Verpacht aan François De Wolf, voor zevenentwintig jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 10 juni 1793, van kracht vanaf 25 december 1793 en eindigend op 24 december 1820, voor een jaarlijkse pachtsom van 34,80 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 10 maart 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 320 artikel 7. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 640 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 76 000 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, stroman die kocht met een volmacht van François De Wolf wonende te Hekelgem.

De weduwe Jean en Michel Droeshout, nr. 662.

Michiel, te Hekelgem gedoopt op26 februari 1736, stierf er op 14 december 1806. Hij trouwde te Hekelgem op 25 februari 1772 met Elisabeth Theresia Van der Elst. Zij overleed te Hekelgem op 2 september 1832. Het gezin woonde op Ten Bos en had 4 kinderen: Joanna Maria (°9 februari 1773), Anna Catharina (°27 juni 1776), Theresia (°1 april 1778) en Petronella (°16 februari 1783).

Joannes is niet terug te vinden in het Gezinsboek.Woonde hij op Erembodegem?

Beschrijving van de goederen: elf ha 64 a 94 ca landbouwgrond, hopveld, weide en schaarhout gelegen te Hekelgem en Teralfene. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 53 a 38 ca hopveld gelegen te Hekelgem, gehucht “Ten Bossche”, grenzend langs een zijde aan de weg die de scheiding vormt tussen de gemeenten Erembodegem en Hekelgem, 2de aan de tuin en hopveld van de weduwe Michel Droeshout en het volgende perceel, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Gillis De Wever, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Bosteels.

2- 31 a 40 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem, gehucht “Ten Bossche”, op “Het Lindeken”, grenzend langs een zijde aan de tuin en hopveld van de weduwe Michel Droeshout, 2de met de veldweg aan het volgende perceel, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Henri De Baillieu en Gillis De Wever, en 4de aan het voorgaande perceel.

3- Twee ha 10 a 80 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem, gehucht “Ten Bossche”, op  “De Lettecauter”, grenzend langs een zijde aan de goederen van Jean Bosteels, Jean De Rijcke en Jean Van Nuffel, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Michel Droeshout, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Pierre Vonck, en 4de aan de veldweg naast de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Henri De Baillieu en het voorgaande perceel.

4- Drie ha 45 a 40 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem, gehucht “Ten Bossche”, op “De Meerecauter”, grenzend langs een zijde aan aan de goederen van Corneille Cannic, het goed verpacht aan François De Backer, en een gerooid bos van de abdij Affligem, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Michel Droeshout, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jacques Lanckman en de kinderen Van Vaerenbergh, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Van Vaerenbergh.

5- 94 a 20 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem, gehucht “Ten Bossche”, op “De Nieuwstraet”, grenzend langs een zijde aan “De Nieuwstraet”, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Van Vaerenbergh, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Gillis De Wever. Op dit perceel bevonden zich zes beuken.

6- 43 a 96 ca landbouwgrond en schaarhout gelegen te Hekelgem, op “Den Molencauter”, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Van Nieuwenhove, 2de aan de goederen verpacht aan de weduwe François Verbeken, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François De Smedt.

7- 62 a 80 ca landbouwgrond en weide gelegen te Hekelgem, op “Den Molencauter” dichtbij de windmolen van Boekhout, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de kinderen Bosteels, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Van Nieuwenhove, 3de aan de weg van de windmolen van Boekhout naar het gehucht “Ten Bossche”, 4de aan het goed van Jean De Cort verpacht aan Benoit Bombeek, het goed van de weduwe Van Vaerenbergh, François Verhasselt en Guillaume Van Vaerenbergh, en 5de aan het goed van een andere Van Vaerenbergh.

8- Twee ha 19 a 80 ca landbouwgrond en hopveld gelegen te Hekelgem, op “Drooghuysel” grenzend langs een zijde aan het gerooid bos van de abdij Affligem genaamd “Cortenbosch”, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Bosteels, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe De Cuyper, en 4de aan de weg van Teralfene naar Aalst. Op dit perceel bevonden zich vier eiken en negen beuken.

9- 94 a 20 ca weide gelegen te Teralfene, op de “Pittantiemeersch” grenzend langs een zijde aan het gerooid bos van de abdij Affligem genaamd “Caviebosch”, 2de aan een perceel weide en schaarhout van Jean Van Der Borght en aan de Dender, 3de aan een weide van de abdij Affligem verpacht aan Jean Bosteels, en 4de aan een weide van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe De Cuyper , aan een bos schaarhout van de pastorij van Teralfene, en aan de goederen van Jacques Lanckman. Dit perceel werd doorsneden door een losweg naar de weide van de weduwe De Cuyper.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 februari 1809 door: Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 419 frank en de verkoopprijs op 8 438 frank, de hoogstammige bomen geschat 58 frank, inbegrepen. Verpacht aan de weduwe van Michel Droeshout en Jean Droeshout wonende te Hekelgem, voor zes jaar, ingaande op 26 december 1804, tijdens de openbare aanbesteding van 22 maart 1804, door de burgemeester van Asse in naam van de prefect van het departement, voor een jaarlijkse pachtsom van 340 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 22 juli 1809 om 12 uur volgens de affiche nr. 661 artikel 15. Het bieden begon met een openingsbod van 8 438 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 10 200 frank aan Jean François Laurent Tack wonende te Aalst & Pierre Joseph Coppijn wonende te Brussel, rue de l’Hopital.

Michel Eckman, nr. 485.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Meerecauter”, groot 62 a 60 ca, grenzend langs een zijde aan de “Nieuwstraet” die de gemeenten Hekelgem en Teralfene scheidt, 2de aan het perceel verpacht aan Guillaume Van Kerkhove, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jacques Van Varenbergh, en 4de aan het goed verpacht aan François Arijs.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 18 juli 1804 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en G. Petrus T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 400 frank. Verpacht vanaf 22 december 1801 aan burger Michel Eckman wonende te Teralfene, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1570 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 21,78 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 8 september 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 433 artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 860 frank aan burger Michel Eckman wonende te Teralfene, huurder van het perceel.

De weduwe Jean Godefroy, Elisabeth Van Vaerenbergh, nr. 457.

Joannes Baptist werd te Hekelgem gedoopt op 10 maart 1719 en stierf er op 30 oktober 1793. Hij trouwde te Hekelgem op 22 mei 1760 met Elisabeth Van vaerenbergh. Zij was te Hekelgem gedoopt in 1735 en overleed er op 4 juni 1815. Zij hadden 8 kinderen: Joannes Baptist (°3 augustus 1761), Anna Petronella (°26 juli 1762) Joanna Maria (°14 oktober 1763), Judocus (°3 april 1766), Petrus Benedictus (°7 augustsu 1767), Maria Theresia (°23 december 1769), Guillelmus (°4 september 1771) en Maria Petronella (°16 maart 1775).

Beschrijving van de goederen: één ha 88 a 62 ca landbouwgrond verpacht aan Jean François Godefroy (zoon van?) met een vervallen pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 73 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Een perceel landbouwgrond gelegen op “De Molencauter”, groot 62 a 87 ca, grenzend langs een zijde, zuid, aan de weg van Meldert naar Mechelen, 2de aan burger Henri De Nil, 3de aan burger Benoit Schoon, en 4de aan burger Pierre Van Den Bosch. Op dit perceel bevond zich 10 roeden schaarhout.

2- Een perceel landbouwgrond gelegen op “De Droogeweijde”, groot 1 ha 25 a 75 ca, grenzend langs een zijde, zuid, aan burger Josse Robijns, 2de aan burger Pierre Van Den Bosch, 3de aan burger Emmanuel Demey, en 4de aan de weduwe J. De Cort.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 november 1797 door Charles Louis Joseph Terrace, expert wonende te Asse, en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 73,10 frank en de verkoopprijs op 584 frank. Verpacht aan de weduwe Jean Godefroy wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden op 11 november 1793 door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 11 november 1793 en eindigend op 10 november 1802, voor een jaarlijkse pachtsom van 55,10 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 3 september 1803 om 12 uur volgens de affiche nr. 380 artikel: 24. Het bieden begon met een openingsbod van 803 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 550 frank aan burger Antoine De Vos wonende te Brussel, Quai aux Tourbes.

De weduwe Jacques Goedvinck, Jeanne Marie Meskens, nr. 536.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de “De Koeijweijde”, groot 94 a 20 ca, grenzend langs een zijde, met de helft van de gracht, aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Grégoire De Baetselier, 2de met de gracht aan de losweg, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Martin De Smet, en 4de met de helft van de gracht aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Baptiste Vermoesen en Jean Godefroy. Langs dit perceel staan langs de kant van de losweg 10 geknotte eiken en populieren.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 19 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 25 frank en de verkoopprijs op 510 frank, de geknotte bomen geschat op 10 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jeanne Marie Meskens, weduwe Jacques Goedvinck wagenmaker, wonende te Meldert, zonder pachtcontract (registernr. 346 te Asse – 95 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 21,76 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 13 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 538          artikel 6. Het bieden ving aan met een openingsbod van 510 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 860 frank aan burger Arnould Pierre Geeroms wonende te Brussel, buiten de Lakense poort te Molenbeek.

Jean Baptiste Helinck, nr. 386.

Geen Jan Baptist die in aanmerking komt, wel een Joannes die te Hekelgem werd gedoopt op 27 april 1733 en er overleed op 18 februari 1803. Hij trouwde met Maria Angelica Houfflin, te Hekelgem gestorven op 10 maart 1777. Zij hadden 10 kinderen: Theresia (°27 augustus 1758), Maria Elisabeth (°4 december 1759), Egidius (°12 augustus 1761), Adriana (°16 februari 1763) Ludovica Theresia (°16 mei 1765), Henricus (°23 januari 1767), Maria Anna Rosa (°10 maart 1769), Petrus (°16 november 1770), Petrus Franciscus (°23 december 1772) en Petrus Amandus (°12 oktober 1774).

Beschrijving van de goederen: drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond verpacht aan Jean Baptiste Helinckx voor een jaarlijkse pachtsom van 37 frank, belastingen inbegrepen. Gelegen te Hekelgem op het veld “Lochtinck” grenzend langs een zijde, zuid, aan burger Guillaume De Smedt, 2de aan burger Gaspard ‘t Kint, 3de aan burger Henry De Clerck, en 4de aan burger François Linthout.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 30 augustus 1800 door Charles Louis Joseph Terrace, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 27,55 frank en de verkoopprijs op 293,60 frank. Verpacht aan burger Jean Baptiste Helinck wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, voor een jaarlijkse pachtsom van 27,55 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 november 1800 om 12 uur volgens affiche nr. 277 artikel 8. Het bieden begon met een openingsbod van 296 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 305 frank aan burger Evrard Tops wonende te Brussel, Longue rue Neuve nr. 158. Vermoedelijk was hij een stroman voor een onbekende opdrachtgever.

François Hoefs (Van Houf), nr. 406.

Beschrijving van de goederen: twee bunder één dagwand (2 ha 82 a 94 ca) landbouwgrond op de  “Boicauter” grenzend zuid aan de weg naar Teralfene, 2de aan de weduwe Jacobus Schoon, 3de aan het goed van de abdij Affligem verpacht aan Jean Bastiens, en 4de aan de goederen van de kinderen Jacobus Schoon.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 februari 1800 door Charles Louis Joseph Terrace en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 117 frank en de verkoopprijs op 936 frank. Verpacht aan François Van Houf (vermoedelijk betreft het hier François Hoefs geboren te Baardegem en overleden te Teralfene) wonende te Teralfene, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 90 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 29 maart 1801 om 12 uur volgens affiche nr. 303 artikel 7. Het bieden begon met een openingsbod van 936 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 825 frank aan burger Philippe Van Den Hecke wonende te Gent, rue Draepstraat.

François kocht 7 jaar later, op 10 december 1808 om 12 uur (nr. 645) nog drie percelen bij.

Beschrijving van de goederen: één ha 88 a 40 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 68 a 50 ca landbouwgrond gelegen op “Den Brempst” grenzend langs een zijde aan de straat van Hekelgem naar Teralfene, 2de aan de losweg gelegen op de scheiding van de gemeenten Hekelgem en Teralfene, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Van Nieuwenhove, 4de & 5de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean Van Nieuwenhove, en 6de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe François Verbeken.

2- 47 a 10 ca landbouwgrond gelegen op “Den Brempst” grenzend langs een zijde aan de goederen van Jean Van Nieuwenhove, 2de aan de losweg gelegen op de scheiding van de gemeenten Hekelgem en Teralfene, 3de & 4de aan de gracht naast de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe François Verbeken.

3- 62 a 80 ca landbouwgrond gelegen op het “Pesterveld” grenzend langs een zijde aan de goederen van Jean Christiaens, de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Van Nijghem en de goederen van Michel De Bisschop en François Dirickx, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Van Nijghem, 3de & 4de aan het land van de weduwe Beekman, 5de & 6de aan de goederen van de erfgenamen Jean De Backer, 7de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Van Nijghem, en 8ste aan de goederen van Sieur Vaeremans, de erfgenamen Van Den Bergh en aan Louis Verbruggen

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 14 oktober 1808 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 60 frank en de verkoopprijs op 1 250 frank, inbegrepen 9 hoogstammige bomen geschat op 50 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan François Hoefs wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens een openbare aanbesteding, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 96,14 frank..

Verkoop te Brussel, affiche nr. 654 artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 250 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 350 frank aan Jean Baptiste Vaerman wonende te Teralfene, stroman die kocht met een volmacht van Jean François Laurent Tack wonende te Aalst.

Josse Kerckhove, nr. 434.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Merecauter”, groot 62 a 80 ca, grenzend langs een zijde aan de weg van Teralfene naar Aalst, 2de aan Michel Droeshoudt, 3de aan de kinderen Van Varenbergh, en 4de aan de weg

 genaamd “Nieuwstraat”. Het perceel was langs de weg afgeboord met bomen en waren eigendom van een andere eigenaar.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 juli 1802  door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 22 frank en de verkoopprijs op 220 frank. Verpacht aan Josse Kerchove, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 21,76 frank. Hij pachtte dit perceel sinds 12 jaar. De ontvanger der domeinen te Asse verklaarde dat dit goed voordien verpacht werd voor een jaarlijkse pachtsom van 11 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 4 september 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 332 artikel 11. Het bieden begon met een openingsbod van 242 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 710 frank aan burger Jean François Callebaut, landbouwer, wonende te Hekelgem.

Jacques Lanckman, nr. 483.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Meerecauter”, groot 31 a 30 ca, grenzend langs een zijde aan de “Nieuwstraet” die de gemeenten Hekelgem en Teralfene scheidt, 2de aan het perceel verpacht aan Jean Boterbergh, 3de & 4de aan de goederen verpacht aan Michel Droeshoudt.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 juli 1804 door: Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en G. Petrus T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 10 frank en de verkoopprijs op 200 frank. Verpacht vanaf 22 december 1801 aan burger Jacques Lanckman wonende te Teralfene, in naam van zijn echtgenote, de weduwe Jacques Van Den Berghen, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1372 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 9,97 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 8 september 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 433 artikel 17. Het bieden begon met een openingsbod van 200 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 500 frank aan burger Jacques Lanckman wonende te Hekelgem, huurder van het perceel.

De kinderen Gilles Lensens, nr. 357.

Beschrijving van de goederen: twee bunder drie dagwand 21 roeden (3 ha 52 a 41 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem, verpacht aan Thomas Raes & de weduwe Gilles Beekmans voor een jaarlijkse pachtsom van 134 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand 31 roeden (72 a 62 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Het Vijverken” grenzend langs een zijde aan het “Cautergat”, 2de aan de goederen van de kinderen Gilles Lensens, 3de aan burger Pierre Raes, en 4de aan burger Michel Van Den Wijngaert.

2- Twee dagwand 90 roeden (91 a 17 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “De Weijde” grenzend langs een zijde aan de weg naar het bos, 2de aan burger Josse Van De Perre, 3de aan burger Pierre Raes, en 4de aan een kleine weg genaamd “Beckenelen”.

3- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Assenboschveldt” grenzend langs een zijde aan Pierre Vonck, 2de aan burger Pierre Van Den Wijngaert, 3de aan burger Pierre Vasseur, en 4de aan de voormalige abdij Affligem.

4- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan burger Pierre Okely, 2de aan burger Jacques Bellemans, 3de aan burger Joseph Mertens, en 4de aan de steenweg van Aalst naar Brussel. Op dit laatste perceel bevinden zich zeven hoogstammige bomen, beuken, van twee tot drie voet omtrek

Er werden twee proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) Het PV van de schatting werd opgemaakt op 8 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 61,60 frank, en de verkoopprijs op 488,48 frank. Verpacht aan Thomas Raes en de kinderen Gilles Lensens wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 45,91 frank. Dit proces-verbaal betreft de nummers 1 & 2 van de beschrijving van de goederen.

2) Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 73,10 frank, en de verkoopprijs op 598,80 frank. Verpacht aan de weduwe Gilles Beekmans wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 oktober 1791, in voege vanaf 10 november 1792 en eindigend op 10 november 1801, voor een jaarlijkse pachtsom van 55,10 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 & 4 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juli 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 251 artikel 20. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 072 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 375 frank aan burger Everard Tops wonende te Brussel, Longue rue Neuve nr. 158. Vermoedelijk was hij stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Guillaume Louis, zie ook Jean Vertongen, nr. 362.

Beschrijving van de goederen: twee bunder drie dagwand 70 roeden (3 ha 67 a 82 ca) land, weide en bos gelegen te Hekelgem, verpacht aan de kinderen J. Vertongen, Jean Baptiste Vonck en Guillaume Louis voor een jaarlijkse pachtsom van 134,75 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Eén bunder twee dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Keselveck” (Kwezelsweg) grenzend langs een zijde aan de weg naar de molen van Hekelgem, 2de aan de goederen van de kinderen Van Lierde, 3de aan het goed van de abdij Affligem, 4de aan burger Zacharias De Wever, 5de aan burger Pierre Verleijsen, en 6de aan de weduwe Coppens.

2- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond, weide en bos, gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Koyweijde” grenzend langs een zijde, zuid, aan de weg naar het bos, 2de aan de dreef van de voormalige abdij naar Aalst, 3de aan burger Pierre Van De Perre, en 4de aan de weduwe Pierre Vasseur.

3- Twee dagwand 70 roeden (84 a 88 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld genaamd “Bas Dewit” grenzend langs een zijde aan de oude weg van Aalst naar Brussel, 2de aan burger Charles Terrace, 3de aan dezelfde, en 4de aan burger Jean Baptiste De Vos.

Er werden drie proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) Het PV van de schatting werd opgemaakt op 4 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 70,30 frank, en de verkoopprijs op 562,40 frank. Verpacht aan de kinderen Jean Vertongen wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een door de pachter onvindbaar pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 11 november 1793, voor een jaarlijkse pachtsom van 55,10 frank, belastingen niet inbegrepen. Dit proces-verbaal betreft het nummer 1 van de beschrijving van de goederen.

2) Het PV van de schatting opgemaakt op 15 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 34,85 frank, en de verkoopprijs op 598,80 frank, zeventien hoogstammige bomen geschat op 51 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jean Baptiste Vonck wonende te Hekelgem, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 25,70 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 2 van de beschrijving van de goederen.

3) Het PV van de schatting werd opgemaakt op 5 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 29,65 frank, en de verkoopprijs op 237,20 frank. Verpacht aan Guillaume Louis wonende te Hekelgem, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 22 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 22 juli 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 254 artikel 24. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 129 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 100 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, stroman die kocht met een volmacht van Jean François Merckaert wonende te Aalst.

De weduwe Jean Mattens, nr. 599.

Beschrijving van de goederen: één ha 9 a 90 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 47 a 10 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de “Hoogstraet” van de abdij Affligem naar het gehucht Boekhout, 2de aan goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan Jacques Mersman, 3de aan goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan Benoit Schoon, en 4de aan goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan Zacharias De Wever. Dit perceel wordt doorsneden door een voetpad van de steenweg van Brussel naar Gent naar de abdij. Naast dit voetpad bevinden zich acht beuken en vier essen.

2- 62 a 80 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de “Hoogstraet” van de abdij Affligem naar het gehucht Boekhout, 2de aan goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan Pierre Jaspar T’Kint, 3de aan de tuin van deze T’Kint, en 4de aan goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan Philippe Van Der Perren en Benoit Schoon. Dit perceel wordt doorsneden door een een kleine steenweg van de steenweg van Brussel naar Gent naar de abdij. Naast deze baan bevinden zich zeven beuken, één eik en vier essen.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 18 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Gaspar Petrus ‘T Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 40 frank en de verkoopprijs op 950 frank, de hoogstammige bomen die zich op het perceel bevonden inbegrepen. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de weduwe Jean Mattens wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 37 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 34 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807 om 12 uur volgens de affiche nr. 590          artikel 4. Het bieden ving aan met een openingsbod van 950 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 970 frank aan Pierre Cierlans wonende te Brussel.

Merckaert, nr. 421.

Beschrijving van de goederen: één ha 57 a 19 ca bos, waarvan de hoogstammige bomen geveld en verkocht waren, gelegen te Hekelgem op “Den Boerdelaers” grenzend langs een zijde aan de weg van Meldert naar Aalst, 2de aan de goederen van de kinderen Jean Vonck, 3de zuid, aan de “Asscherenbosch”.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 januari 1802. Nog voor de schatting had een zekere Merckaert de bomen van het bos al verkocht voor een bedrag van 247, 20 fr.

De verkoop had plaats te Brussel op 10 maart 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 320 artikel 9.Het bieden begon met een openingsbod van 247 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 370 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, voor zichzelf, en als stroman met een volmacht voor Guillaume Graindorge wonende te Asse.

Ferdinand Meert, nr.307.

Ferdinand, te Hekelgem gedoopt op 13 oktober 1722 en er gestorven op 4 april 1800, trouwde te Hekelgem op 15 juli 1760 met Petronella Droeshout. Zij was te Hekelgem gedoopt op 6 januari 1734 en overleed er op 18 februari 1795. Zij hadden 6 kinderen: Petrus Ftanciscus (°17 juli 1761), Maria Theresia (°23 januari 1763), Joanna Francisca (°28 januari 1765), Cornelius (°12 oktober 1768), Michael (°22 april 1771) en Petrus Benedictus (°23 oktober 1776).

Beschrijving van de goederen: vijf bunder twee dagwand 82 roeden (7 ha 17 a 40 ca) land, weide en bos verpacht aan Ferdinand Meert voor een jaarlijkse pachtsom van 202 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1-Één bunder twee dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond waarvan één dagwand beplant met schaarhout gelegen op “’t Setsel” grenzend langs een zijde aan burger J. Hellinckx, 2de aan burger Pierre Van Vaerenberghe, 3de aan burger Jerôme Hellinckx, en 4de aan burger François Meert.

2- Twee bunder drie dagwand 82 roeden (2 ha 45 a 34 ca) landbouwgrond op de “Buycauter” grenzend langs een zijde aan de weg naar Ninove, 2de aan ?, 3de aan burger Jean Baptiste Meert, 4de aan burger Joannes Franciscus Van Nieuwenhove, en 5de aan burger Pierre Verbeeck.

3- Vijf dagwand (1 ha 57 a 19 ca) weide, waarvan één dagwand schaarhout in de “Broeckagie” grenzend langs een zijde aan J. F. Callebaut, 2de aan de weduwe Martin Robijns, 3de aan de kinderen Pierre Bosteels, 4de aan ?, en 5de aan burger Jean Baptiste Meert.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 20 juli 1798 door Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 110 gulden, en de verkoopprijs op 4 400 pond. De 14 hoogstammige bomen die zich op de percelen bevonden werden geschat op 56 pond, samen 4 456 pond. De goederen waren verpacht aan burger Ferdinand Meert, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 oktober 1793, in voege vanaf 9 oktober 1794 en eindigend op 9 oktober 1803. De pachtsom bedroeg 259 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 12 februari 1800 om 11 u. volgens affiche nr. 223, artikel 27.

Het bieden ving aan met een openingsbod van 2 000 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 025 frank aan burger Jean Baptiste Weemaels wonende te Brussel, rue de la Liberté nr. 181, vermoedelijk voor een onbekende opdrachtgever.

Jean Baptiste Meert, nr. 430.

Jan Baptist werd te Hekelgem gedoopt op24 augustus 1747 en overleed er op 2 december 1818. Hij trouwde te Hekelgem op 23 oktober 1771 met Petronella Van de Velde, te Hekelgem gedoopt in december 1737 en er overleden op 21 juni 1795. Zij hadden 4 kinderen: Joannes Franciscus (°5 oktober 1771), Maria Theresia (°31 januari 1773), Elisabeth (°13 oktober 1776) en Maria Josina (°5 juni 1780).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de “Beaucauter”, groot 4 ha 86 a, grenzend langs een zijde aan François Verbeken, 2de aan Pierre Jean Bosteels, pachter van het perceel, 3de aan het “Cautergat, en 4de ?, 5de aan burger Jérôme Hellinckx, 6de aan de kinderen Ferdinand Meert, en 7de aan Josse Lelie.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De verkoopprijs werd geschat op 2 000 frank. Verpacht aan Jean Baptiste Meert, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 199,54 frank. Jean Baptiste Meert liet optekenen dat hij en consorten dit perceel pachtte voor een jaarlijkse pachtsom van 100 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 4 september 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 332 artikel 7. Het bieden begon met een openingsbod van 2 200 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 5 500 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, en Guillaume Graindorge wonende te Asse.

Joseph Meert, nr. 459.

Beschrijving van de goederen: één ha 64 a 32 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem, grenzend langs een zijde aan de straat van Essene naar Hekelgem, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François Hellinckx, 3de aan de scheiding van de gemeenten Essene en Hekelgem en naast de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Joseph Rollier, 4de met de helft van het voetpad die naar de molen van Essene liep, naast de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Corneille Van Mol.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 11 augustus 1803 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 68,16 frank en de verkoopprijs op 749,76 frank. Verpacht aan Joseph Meert wonende te Essene, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1559 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 47,16 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 september 1803 om 12 uur volgens de affiche nr. 383          artikel 4. Het bieden begon met een openingsbod van 750 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 650 frank aan burger Joseph De Bisschop wonende te Teralfene.

Jean Baptiste Pauwels, nr. 607.

Jan baptist werd te Hekelgem gedoopt op 26 mei 1757 en stierf er op 25 juni 1822. Hij trouwde te Hekelgem op 1 juli 1790 met Maria Catharina Van de Velde, te Hekelgem gedoopt op 17 septmber 1756 en er gestorven op 13 september 1808. Zij woonden op het gehucht Ten Bos en hun zoon Petrus Franciscus werd te Hekelgem gedoopt op 15 juli 1795.

Beschrijving van de goederen: één ha 29 a 68 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 62 a 80 landbouwgrond gelegen op “Den Drapdries” grenzend langs een zijde aan de “Nieuwstraet”, 2de aan het gemeentegoed genaamd “Drapdries”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Amand Vertongen, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Adrien Van Nijghem. Op dit perceel stonden 17 beuken, 14 geknotte eiken en 3 geknotte populieren.

2- 66 a 88 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de “Donckerstraet” van “Tenbosch” naar de steenweg, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Benoit Cooreman, 3de met de helft van de “Haesewegh” aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Verbeken, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Benoit Cooreman

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 april 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 50 frank en de verkoopprijs op 1060 frank, de bomen die zich op het perceel bevonden, geschat 60 frank, inbegrepen. Verpacht vanaf 26 december 1804 aan Jean Baptiste Pauwels wonende te Hekelgem, voor zes jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 22 maart 1804 (registernr. 67 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 38 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807om– 12 uur volgens de affiche nr. 590         artikel 12. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1060 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 100 frank aan burger Pierre Cierlans wonende te Brussel, rue Neuve, section 5, n° 230.

Pierre François Pauwels, nr. 296.

Petrus Franciscus werd te Hekelgem gedoopt op 29 januari 1765 en overleed er op 20 juli 1817. Hij trouwde te Hekelgem op 3 januari 1791 met Anna Catharina De Wever, te Hekelgem gedoopt op 27 november 1769 en er overleden op 21 maart 1808. Zij hadden2 kinderen: Joannes (°24 februari 1798) en Maria Judoca (°3 december 1802).

Beschrijving van de goederen: twaalf bunder drie dagwand 30 roeden (16 ha 12 a 74 ca) land verpacht aan Pierre François Pauwels en anderen voor een jaarlijkse pachtsom van 500 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Drie bunder één dagwand (4 ha 8 a 69 ca) landbouwgrond op de “Nettecauter” grenzend langs een zijde aan de “Nieuwe Straet”, 2de aan de goederen van de abdij Affligem, 3de aan de goederen van de pachter, en 4de aan het goed van burger Van Der Noot.

2- Zes bunder drie dagwand (8 ha 48 a 81 ca) landbouwgrond gelegen op de “Molencauter”, grenzend langs een zijde aan het goed van burger De Doncker, 2de aan de “Donkerstraet”, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

3- Één bunder één dagwand 50 roeden (1 ha 72 a 90 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op  “Het Block” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

4- Één bunder één dagwand 80 roeden (1 ha 82 a 34 ca) landbouwgrond gelegen op “Het Block” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 29 juni 1798 door: Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 520, en de verkoopprijs op £ 10 400. Bij de toewijzing te Brussel op 29 december 1799 werd door de administratie de verkoopprijs vastgesteld op 3 600 frank. De goederen waren verpacht aan Pierre François Pauwels en consorten, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 25 december 1795 en eindigend op 25 december 1804. De pachtsom bedroeg van 259 gulden. Expert Cordier noteerde dat pachter Pauwels nog een ander pachtcontract bezat voor zes dagwand land gelegen te Erembodegem en zes dagwand land die niet voorkwamen in deze schatting

De verkoop had plaats te Brussel op 29 december 1799 om 11 u. volgens affiche nr. 215, artikel 11. Het bieden ving aan met een openingsbod van 3 600 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 6 050 frank aan burger Egide Van Boterdael wonende te Aalst.

Michel Paridaens, nr. 487.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Meerecauter”, groot 13 a 14 ca, grenzend langs een zijde aan de “Nieuwstraet” die de gemeenten Hekelgem en Teralfene scheidt, 2de aan de straat komende van Hekelgem naar de “Nieuwstraat”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jacques Van Vaerenbergh, en 4de aan het goed verpacht aan Josse Schoon en toegewezen aan Callebaut

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 17 juli 1804 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en G. Petrus T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 3 frank en de verkoopprijs op 60 frank. Verpacht vanaf 22 december 1801 aan burger Michel Paridaens wonende te Erembodegem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1572 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 3,62 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 8 september 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 433 artikel 21. Het bieden ving aan met een openingsbod van 60 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 80 frank aan burger Michel Paridaens wonende te Erembodegem.

De weduwe Francois Plas, Joanna Verherstraeten, nr. 405.

Franciscus Benedictus Plas, te Hekelgem gedoopt op 31 maart 1715 en er overleden op 27 juli798, trouwde met Joanna Verherstraeten te Hekelgem op 7 oktober 1764. Zij was te Hekelgem gestorven op 2 november 1810. Zij woonden te Bleregem en hadden 4 kinderen: barbara (°19 augustus 1765), Gerardus (°17 juli 1768), Henricus (°24 november 1770) en Thomas (°23 november 1773).

Beschrijving van de goederen: één bunder twee dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond gelegen op de “Coyewey” grenzend zuid aan de goederen van de kinderen Van Nieuwenborgh, 2de aan burger Jean Baptiste Van De Velde, 3de aan burgeres Adrienne De Kegel, 4de aan burgeres weduwe Pierre Ockelye, 5de aan burger Pierre Van den Bosch, 6de aan burger Laurent Van Roy, 7de aan het goed van de kinderen Pierre Daeve, en 8ste aan burger Josse Robijns.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op20 februari 1800 door Charles Louis Joseph Terrace en Mathias Gruber burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 73,40 frank en de verkoopprijs op 787,20 frank. Verpacht aan weduwe François Plas wonende te Hekelgem, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 55,10 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 29 maart 1801 om 12 uur volgens affiche nr. 303 artikel 4. Het bieden ving aan met een openingsbod van 584 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 025 frank aan burger Thomas Plas wonende te Hekelgem.

De weduwe Gerard Plas, Joanna Maria Rollier, nr. 79.

Gerard werd te Hekelgem gedoopt op 3 november 1734 en stierf er op 21 juli 1794. Hij trouwde te Pamel met Maria Joanna Rollier, te Hekelgem overleden op 23 december 1812. Zij hadden10 kinderen: Elisabeth (°23 februari 1771), Egidius (°22 februari 1772), Judocus Benedictus (°8 maart 1775), Barbara (°18 januari 1778), Carolina Judoca (° 15 januari 1780), Joannes Franciscus (°13 september 1781), Francisca Elisabeth (°31 augustus 1783), Cornelius (°4 december 1784), Joanna (°25 november 1787) en Carolus Franciscus (°20 juni 1790).

Beschrijving van de Blakmeershoeve: een hoeve genaamd “Ten Blauwkerse” (Blackmeersch) bestaande uit een woonhuis, schuur, paardenstallen, stallen, gebouwd in baksteen en bedekt met stro, met achtendertig bunder (47 ha 78 a 50 ca) land en weiden, verpacht aan de weduwe Gerard Plas met een pachtcontract eindigend jaar 11 voor een jaarlijkse pachtsom van 580 gulden, lasten niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Zevenentwintig bunder twee dagwand (33 ha 95 a 25 ca) landbouwgrond in een stuk gelegen op het veld genaamd “Boschcauter” grenzend aan een zijde aan burger Vogels, langs de drie andere zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

2- Vier bunder (5 ha 3 a) weide gelegen op de plaats genoemd “Feesttruyn” grenzend langs de vier zijden aan de goederen van de abdij Affligem en aan de “Esschene Baene”.

3- Drie bunder twee dagwand (4 ha 40 a 12 ca) gelegen op de plaats genaamd “Tijke”, vermoedelijk “Het Heiken”, grenzend aan een zijde aan de “d’Hauwe Baan” (Oude Baan), 2de aan burger Benoit De Witte, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

4- Eén bunder (1 ha 25 a 75 ca) weide gelegen te Essene op de “Steenbrugge” grenzend aan een zijde aan burger François Linthout, 2de aan burger Josse De Smedt, en 3de & 4de aan dezelfden.

De schatting. Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse stelden het PV van de schatting op 25 mei 1798 op. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 920, en de verkoopprijs op £ 38 000, de 25 hoogstammige bomen werden geschat op £ 60, samen £ 38 060. Alles was voor 9 jaar verpacht aan de weduwe Gerard Plas met een pachtcontract van 25 december 1794 en eindigend op 25 december 1803 voor een jaarlijkse Pachtsom van 580 gulden. De weduwe Plas liet  noteren dat de schuur op het erf haar eigendom was.

De verkoop had plaats te Brussel op 26 juni 1798 om 10 uur volgens affiche nr. 94, artikel 4. Het bieden ving aan met een openingsbod van 19 500 pond. Tijdens het branden van de laatste kaars werden de goederen toegewezen voor het eindbod van 540 000 pond aan burger Josse Adrien De Wolf wonende te Aalst.

De huidige Blakmeershoeve dateert uit de 18de en 19de eeuw. Het is een indrukwekkend complex aan 3 zijden van een geplaveide binnenkoer ingeplant. De oude Blakmeershoeve stond zo’n 250 m meer zuidwaarts in een “broekagie”, een moerassig gebied wat sommigen doet veronderstellen dat de naam Blakmeers, vroeger Blackheyse, daarvan is afgeleid. Deze hoeve, eveneens eigendom van de abdij, ging in 1689 in de vlammen op. In 1726 werden een nieuwe paardenstal, koeienstal en kelderkamer gebouwd en in 1779 een schuur. Ca 1790 bedroeg de oppervlakte 15 b 2 d. Tot ‘de openbare verkoop’ door de Franse overheid (werd aangeslagen) was ze met haar 60 ha het belangrijkste landbouwbedrijf in Hekelgem. Nu is de semi-gesloten hoeve omgebouwd tot een riant woonhuis, met 24 are bestrijkende bebouwde vertrekken. Voor de restauratie van het schuurdak waren 24 000 dakpannen nodig.

Thomas Raes, nr. 357.

Thomas werd te Hekelgem gedoopt op 22 december 1737 10 januari 1771), Petrus Joannes (°2 februari 1772) en Henricus (°15 april 1775). overleed er op 30 mei 1814. Hij trouwde te Hekelgem op 24 mei 1763 met Judoca Boom, te Hekelgem gestorven op 2 mei 1795. Zij hadden 6 kinderen: Petrus Franciscus (°6 juli 1764), Anna Francisca (°27 april 1766), Egidius (°20 december 1768), Anna Petronella.

Beschrijving van de goederen: twee bunder drie dagwand 21 roeden (3 ha 52 a 41 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem, verpacht aan Thomas Raes & de weduwe Gilles Beekmans voor een jaarlijkse pachtsom van 134 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand 31 roeden (72 a 62 ca) landbouwgrond gelegen op het veld genoemd “Het Vijverken” grenzend langs een zijde aan het “Cautergat”, 2de aan de goederen van de kinderen Gilles Lensens, 3de aan burger Pierre Raes, en 4de aan burger Michel Van Den Wijngaert.

2- Twee dagwand 90 roeden (91 a 17 ca) landbouwgrond gelegen op het veld genoemd “De Weijde” grenzend langs een zijde aan de weg naar het bos, 2de aan burger Josse Van De Perre, 3de aan burger Pierre Raes, en 4de aan een kleine weg genaamd “Beckenelen”.

3- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond gelegen op het “Assenboschveldt” grenzend langs een zijde aan Pierre Vonck, 2de aan burger Pierre Van Den Wijngaert, 3de aan burger Pierre Vasseur, en 4de aan de voormalige abdij Affligem.

4- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan burger Pierre Okely, 2de aan burger Jacques Bellemans, 3de aan burger Joseph Mertens, en 4de aan de steenweg van Aalst naar Brussel. Op dit laatste perceel bevinden zich zeven hoogstammige bomen, beuken, van twee tot drie voet omtrek

Er werden twee PV van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) PV van de schatting opgemaakt op 8 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 61,60 frank, en de verkoopprijs op 488,48 frank. Verpacht aan Thomas Raes en de kinderen Gilles Lensens wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 45,91 frank. Dit PV betreft de nummers 1 & 2 van de beschrijving van de goederen.

2) PV van de schatting opgemaakt op 17 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 73,10 frank, en de verkoopprijs op 598,80 frank. Verpacht aan de weduwe Gilles Beekmans wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 oktober 1791, in voege vanaf 10 november 1792 en eindigend op 10 november 1801, voor een jaarlijkse pachtsom van 55,10 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 & 4 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juli 1800 om 12 uur volgens affiche nr. 251      artikel 20. Het bieden begon met een openingsbod van 1 072 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 375 frank aan burger Everard Tops wonende te Brussel, Longue rue Neuve nr. 158. Vermoedelijk was hij stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Joseph Robijns, nr. 480.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Koyweijde”, groot 1 ha 95 a 80 ca, grenzend langs een zijde aan de weg naar “Koywyvijver”, 2de aan burger Pierre Van Den Bossche, 3de aan burger Zacharias De Wever, en 4de aan de kinderen van François De Baetselier.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 25 november 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert wonende te Asse, en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 69 frank en de verkoopprijs op 1 380 frank. Verpacht aan Joseph Robijns, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 27 oktober 1793, van kracht vanaf 10 november 1796 en eindigend op 10 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 27 gulden. Bij de toewijzing in het jaar 1804 was het verpacht voor 53,90 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 12 mei 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 416 artikel 24. Het bieden begon met een openingsbod van 1 078 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 675 frank aan burger Everard Tops wonende te Brussel, rue du Perril. Vermoedelijk was hij stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Martin Robijns, nr. 210.

Martinus werd te Hekelgem gedoopt op 5 september 1733 en overleed er op 14 januari 1789. Hij trouwde te Hekelgem op 7 juli1767 met Francisca Resteau, te Hekelgem gedoopt op 19 maart 1740 en er overleden op 19 juli 1804. Zij hadden 6 kinderen: Joanna Catharina (°24 oktober 1768), Henricus (°7 augustus 1770), Joanna Maria (°7 april 1772), Anna Adriana (°29 april 1775), Anna (°30 augustus 1778) en Joannes Baptist (°12 december 1780).

Beschrijving van de goederen: drie bunder één dagwand 84 roeden (4 ha 35 a 10 ca) landbouwgrond verpacht aan de weduwe Robijns. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Eén bunder twee dagwand 84 roeden (2 ha 15 a 3 ca) landbouwgrond gelegen op de “Molencauter” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

2- Eén bunder drie dagwand (2 ha 20 a 7 ca) landbouwgrond gelegen op “De Fossel” grenzend aan een zijde aan de goederen van de erfgenamen François De Kegel, 2de aan de goederen van burger Emmanuel Verleysen, 3de aan de oude baan van Brussel naar Aalst, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

Het Proces-verbaal van de schatting werd opgemaakt op 4 juli 1798 Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 150, en de verkoopprijs op £ 2 000, de 12 hoogstammige bomen die geschat werden op £ 18, samen £ 2 018. De goederen waren verpacht aan de weduwe Martin Robijns, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 25 december 1795 en eindigend op 25 december 1804. De jaarlijkse pachtsom bedroeg 70 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 15 augustus 1798 om 10 uur volgens de affiche nr.109, artikel 17. Het bieden ving aan met een openingsbod van 2 100 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars werden de goederen toegewezen voor het eindbod van 62 000 frank aan burger Gérard Van Den Steen, wonende te Moorsel, kanton Lebbeke.

Josse Roggeman, nr. 319.

Judocus, afkomstig uit Denderbelle, overleed te Hekelgem gedoopt op 18 december 1795. Hij trouwde op 2 mei 1742 met Theresia Dierickx, te Hekelgem gedoopt op 8 noveber 1711 en er overleden op 27 januari 1784. Zij hadden 4 kinderen: Petronella (°1 augustus 1743), Ludovica Theresia (°19 januari 1746), Petrus (°4 augustus 1749) en Adriana (°11 april 1753).

Beschrijving van de goederen: drie bunder (3 ha 77 a 25 ca) landbouwgrond gelegen op “’t Heijken” grenzend langs een zijde aan burger Josse Robijns, 2de aan “De oude baan naar Brussel”, 3de aan de kinderen Van Lierde, 4de aan burger Jaspart ’t Kint, 5de aan Groenstraat”, 6de aan burger Josse Lelie, en 7de aan burger Ferdinand Meert

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 29 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 70 gulden, en de verkoopprijs op 2 800 pond. Verpacht aan de kinderen Josse Roggeman, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden op 10 oktober 1793 door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 10 oktober 1796, en eindigend op 10 oktober 1805, voor een pachtsom van 70 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 14 maart 1800 om 11 uur volgens de affiche nr. 229, artikel 16. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 200 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 300 frank aan burger Henri Greindt wonende te Brussel, op het “Cantersteen”, stroman die kocht met een volmacht van Daniël De Smet, wonende te Aalst.

Peter Roggeman, nr. 604.

Petrus werd te Hekelgem gedoopt op 4 augustus 1749 en overleed er op 4 juni 1832. Hij trouwde te Hekelgem op 10 januari 1786 met Petronella Van Droogenbroeck te Hekelgem overleden op 31 januari 1830. Hun huis stond op Bleregem en zij hadden 8 kinderen: Josephus (°14 november 1786), Ludovica (°15 december 1788), Thomas (°2 januari 1791), Joannes Baptist (°20 maart 1793), Joannes Franciscus (°18 april 1796), Anna Maria (°13 januari 1799),

Michael (°30 november 1801) en Maria Judoca (°15 februari 1804).

Beschrijving van de goederen: twee ha 4 a 10 ca landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” rechtover de abdij Affligem, grenzend langs een zijde aan de “Hoogstraet” van de abdij Affligem naar het gehucht Boekhout, 2de aan “Den Dries” en het erf verpacht aan François Smet, 3de aan de “Blereghemstraet” van de abdij Affligem naar de steenweg van Brussel naar Gent, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Benoit Emmanuel De Witte en de kinderen Jacques Bellemans. Dit perceel wordt doorsneden door een kleine steenweg van de steenweg van Brussel naar Gent. op dit perceel bevinden zich 28 geknotte bomen, 23 essen, 31 beuken en 16 eiken.

Het PV van de schatting werdd opgemaakt op 24 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Gaspar Petrus ‘T Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 80 frank en de verkoopprijs op 2000 frank, de bomen die zich op het perceel bevonden, geschat 400 frank, inbegrepen. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Peeter Roggeman wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 31 mei 1801 (registernr. 38 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 56 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807om 12 uur volgens de affiche nr. 590 artikel 9. Het bieden ving aan met een openingsbod van 2 000 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 100 frank aan Peeter Roggeman wonende te Hekelgem.

Benoit Schoon, nr. 254.

Benedictus werd te hekelgem gedoopt op 29 augustus 1752 en stierf er op 19 maart 1808. Hij trouwde te Hekelgem op 11 juli 1780 met A       nna Francisca Van Lierde. Zij was te Hekelgem gedoopt op 7 mei 1756 en er overleden op 13 september 1797. Hun huis stond in de Langestraat. Hun gezin telde 12 kinderen: Joanna Maria (°3 mei 1781), Benedictus (°6 september 1782), Joannes Franciscus (°13 januari 1784), Joanna Benedicta (°20 oktober 1785), Joannes Baptist (°28 februari 1787), Petrus Joannes (°7 juni 1788), Joannes Hubertus (°3 november 1789), Catharina Jacoba (°8 juli 1791), Maria Francisca (°16 december 1792), Maria Theresia (°19 april 1794), Petrus Emanuel (°7 februari 1796) en Petronella (°27 augustus 1797).

Beschrijving van de goederen: drie bunder één dagwand (4 ha 8 a 69 ca) land en weide verpacht aan Benoit Schoon voor een jaarlijkse pachtsom van 143 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:° Twee dagwand (62a 87 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan het goed van Pierre Nieulant, langs de drie andere zijden aan de goederen van de voormalige abdij Affligem.

1- Twee dagwand (62a 87 ca) landbouwgrond gelegen op “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan het goed van Pierre Nieulant, langs de drie andere zijden aan de goederen van de voormalige abdij Affligem

2- Zes dagwand (1 ha 88 a 63 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de goederen van de Armen van Asse, 2de aan het goed van Benoit Schoon, 3de aan de steenweg van Brussel naar Gent, en 4de aan de goederen van de voormalige abdij Affligem.

3- Drie dagwand 50 roeden (1 ha 10 a 3 ca) landbouwgrond gelegen in “Den Wijmeersch” grenzend langs alle zijden aan het goed van Guillaume Van De Perre.

4- Één dagwand 50 roeden (47 a 16 ca) weide gelegen in “Den Wijmeersch” grenzend langs een zijde aan de “Wijmeerschvijvers”, 2de aan het goed van Benoit Schoon, 3de aan het goed van de weduwe De Smedt, en 4de aan het goed van Benoit Schoon.

De datum van de schatting werd niet vermeld. De schatters waren Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op £ 178, en de verkoopprijs op £ 3 560. De goederen waren verpacht aan burger Benoit Schoon, voor negen jaar, met een pachtcontract in voege vanaf 25 december 1790 en eindigend op 25 december 1799, voor een jaarlijkse pachtsom van 78 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 17 januari 1799 om 10 uur volgens de affiche nr. 149, artikel 6. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 280 frank. Tijdens het branden van de 2de kaars toegewezen voor het eindbod van 2 000 frank aan burger Charles Louis Joseph Terrace wonende te Asse in opdracht van een onbekende opdrachtgever.

Jacques Schoon, nr.5.

Jacobus werd te Hekelgem gedoopt op 6 april 1727 en overleed er op 31 mei 1797. Hij trouwde met Maria Anna Barbé uit Gooik. Zij stierf te Hekelgem op 23 juli 1799. Zij hadden 6 kinderen: Maria Elisabeth (°1 juni 1770), Joanna Petronella (°13 juni 1772), Joanna Catharina (°4 juli 1773), Maria Anna (°15 juni 1776), Maria Benedicta (°8 april 1779) en Joannes Baptist (°19 december 1780).

Beschrijving van de goederen: Jacques (Jacobus) pachtte 5 bunder drie dagwand 38 roeden (7 ha 35 a) landbouwgrond met een pachtcontract afgesloten op Sint-Maarten 1789 door de weduwe Wouters, ontvanger van de abdij Affligem, voor een termijn van negen jaar, eindigend op Sint-Maarten 1799 voor een pachtprijs van 120 gulden per jaar, lasten niet inbegrepen. De goederen waren als volgt opgedeeld als volgt:

1- Drie bunder (3 ha 77 a 25 ca) landbouwgrond gelegen op de plaats genaamd “Buycauter”, palende langs een kant aan de goederen van de voormalige abdij Affligem, 2de door het deel dat de scheiding vormt met de gemeente Teralfene, en langs de twee andere zijden aan goederen van de voormalige abdij Affligem.

2- Twee bunder (2 ha 51 a 50 ca) landbouwgrond gelegen op dezelfde plaats grenzend aan de ene zijde aan de goederen van de weduwe Michiel Clauwaert en langs de andere zijden aan de goederen van de voormalige abdij Affligem.

3- Drie dagwand 38 roeden (1 ha 6 a 26 ca) landbouwgrond genaamd “le Jardin aux choux” (de Kooltuin?) grenzend aan de goederen van de voormalige abdij Affligem, 2de aan de goederen van Josse Van Varenberg en aan de andere zijden aan de goederen van de voormalige abdij Affligem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 december 1796. De goederen werden geschat door Philippe Van Itterbeke, expert, en Mathias Gruber, commissaris. De verkoopprijs werd geschat op 2171 gulden en de jaarlijkse opbrengst op 144 – 15 – 0 pond. Het proces-verbaal werd ondertekent door Maria Anna Schoon in naam van haar vader Jacques (Jacobus). De landbouwgrond was van middelmatige kwaliteit.

De verkoop had plaats te Brussel op 22 januari 1797 om 9 uur ’s morgens volgens de affiche nr. 17 artikel 4. Het bieden begon met een bod van 4 600 pond. Tijdens het branden van de tweede kaars werden de percelen toegewezen met een eindbod van 4 600 pond aan burger Troussel. Deze persoon was de stroman van Jean Baptiste Pulée wonende te Parijs, rue Boudreau, divisie place de Vendôme. Hij beschikte over een volmacht geregistreerd op 25 december 1796 te Brussel. In de rand stond vermeld: burger Troussel gevolmachtigde van burger J. B. Paulée betaalde de helft van het 1ste tiende deel van de prijs en tekende in voor 4 obligaties gelijk aan 8 tienden van de prijs.

J. Schoon, nr. 416.

Beschrijving van de goederen: eén bunder twee dagwand land en weide, verpacht aan J. Schoon, voor een jaarlijkse pachtsom van 81 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Één bunder 2 roeden (1 ha 26 a 38 ca) landbouwgrond gelegen op de “Bellecauter” grenzend langs een zijde aan de weg van Ninove naar Mechelen, 2de aan de goederen van de kinderen Guillaume Beekmans, 3de aan L. Van Nieuwenhove, en 4de aan Jean Van Nieuwenhove.

2- Twee dagwand 37 roeden (72 a 87 ca) weide gelegen te Teralfene (roede = 30,7456 ca.)

op “De Kuyp” grenzend zuid aan burger Jean Van Nieuwenhove, 2de aan burger Jean Baptiste Christiaens, 3de aan de “Bellebeke”, en 4de aan burger Jean Van Nieuwenhove.

het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 december 1800 door Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber burgemeester te Teralfene. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 81,40 frank, en de verkoopprijs op 651,20 frank. Verpacht aan J. Schoon, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Piré Van Beeke, voormalig bosmeester van de abdij Affligem op 25 mei 1793, in voege vanaf 10 november 1793 en eindigend op 9 november 1802, voor een pachtsom van 62,40 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 14 maart 1801 om 12 uur volgnes de a   ffiche nr. 306 artikel 5. Het bieden begon met een openingsbod van 648 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 125 frank aan burger Evrard Tops wonende te Brussel, rue Neuve, stroman die vermoedelijk kocht voor een onbekende opdrachtgever.

Jean Baptiste Timmermans, nr. 384.

Beschrijving van de goederen: vijf dagwand 50 roeden (1 ha 72 a 91 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem verpacht aan Jean Baptiste Timmermans & consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 73 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Drie dagwand (1 ha 10 a 3 ca) landbouwgrond gelegen op de “Bellecauter” grenzend langs een zijde aan de weg van Teralfene naar de kerk van Hekelgem, 2de aan burger Michel Beekmans, 3de aan burger Louis Van Nieuwenhove, en 4de aan burger Jean Bosmans.

2- Twee dagwand (62 a 88 ca) landbouwgrond gelegen op de  “Bellecauter” grenzend langs een zijde, zuid, aan de weg van Ternat naar de kerk van Hekelgem, 2de aan burger Timmermans, 3de aan burger Louis Van Nieuwenhove, en 4de aan burger François Verbeeken.

Het PV van de schatting opgemaakt op 3 september 1800 door Charles Louis Joseph Terrace, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 73,40 frank en de verkoopprijs op 578,20 frank. Verpacht aan de burgers Jean Baptiste Timmermans en Jean Van Den Bossche wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 november 1793, in voege vanaf 26 december 1795 en eindigend op 25 december 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 56,90 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 november 1800 om 12 uur volgens affiche nr. 277 artikel 6. Het bieden begon met een openingsbod van 584 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 590 frank aan burger Joseph Grégoire wonende te Brussel, Place de l’égalité nr. 1095. Vermoedelijk was hij een stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Jaspard T’Kint, nr. 345.

Gaspard overleed te Hekelgem op 26 december 1816. Hij trouwde te Hekelgem op 30 juni 1774 met Maria Elisabeth Schelkens, te Hekelgem overleden op 24 maart 1822. Zij woonden op Bleregem en hadden 4 kinderen: Emanuel (°24 juni 1775), Joanna Cecilia (°20 juni 177), Angelina (°11 december 1778) en Henrica (°6 april 1782).

Beschrijving van de goederen: vijftien bunder drie dagwand 53 roeden (19 ha 97 a 22 ca) land, weide en bos, gelegen te Hekelgem en verpacht aan Gaspard T’Kint voor een jaarlijkse pachtsom van 580 frank, belastingen niet inbegrepen. De verkoopprijs werd ingesteld op 4 800 frank.

Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Drie bunder twee dagwand (4 ha 40 a 12 ca) landbouwgrond op de “Molencauter” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

2- Twee bunder twee dagwand (3 ha 14 a 37 ca) landbouwgrond op het “Wijveldt” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem, 2de aan het goed van burger Pierre Van Ransbeek, 3de aan de “Auwebaen”, en 4de aan de steenweg van Brussel naar Aalst.

3- Twee dagwand (62 a 88 ca) landbouwgrond op “Het Lindeken” grenzend langs een zijde aan de “Kerkewegh”, 2de aan het goed van burger Josse Robijns, 3de aan de “Auwebaen”, en 4de aan de plaats genaamd “Losgat”.

4- Drie bunder (3 ha 77 a 25 ca) landbouwgrond en bos gelegen op “Het Heijken” grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem, 2de aan de “Grunestraet”, 3de aan het goed genaamd “Goedtberg”, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

5- Vier bunder (5 ha 3 a) landbouwgrond gelegen op “De broeken” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

6- Eén bunder 53 roeden (1 ha 42 a 41 ca) weide gelegen op de “Koeyweijde” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

7- Drie dagwand (94 a 31 ca) weide gelegen op de “Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan het goed van de weduwe Robijns, 2de aan dit van burger Pascal Vertongen, 3de aan de goederen van de abdij Affligem, en 4de aan de goederen van de burgers Pierre & Joseph Deraedt.

8- Twee dagwand (62 a 88 ca) bos gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Cauwenbergbosch” grenzend langs een zijde aan de “Cauwenbergvijver”, 2de, 3de & 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 juni 1798 door Jean Valentin Cordier, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 750 pond, en de verkoopprijs op 15 000 pond. Verpacht aan Jaspard T’Kint, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 25 december 1795 en eindigend op 25 december 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 317 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juni 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 245 artikel 9. Het bieden begon met een openingsbod van 4 800 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor een eindbod van 6 725 frank aan burger Everard Tops wonende te Brussel, Longue rue Neuve n° 158. Vermoedelijk was hij stroman voor een onbekende opdrachtgever. De pachter ?

Michel Van den Bergh, nr. 551.

Michael werd te Hekelgem gedoopt op 26 mei 1751 en overleed er op 5 januazri 1838. Hij trouwde te Hekelgem op 31 januari 1786 met Francisca Ryssinck, te Hekelgem gedoopt op 12 oktober 1762 en er overleden op 7 januari 1848. Zij woonden in de Bosstraat en hadden 7 kinderen: Joanna (°11 januari 1787), Maria (°26 mei 1791), Francisca (°26 juni 1793), Petrus (°19 april 1796), Petrus Benedictus (°11 april 1799), Joanna Maria (°11 mei 1802) en Petrus Franciscus (°1 juli 1805).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de  “Lennickweijde”, groot 47 a 10 ca, grenzend langs een zijde aan de “Boschstraet”, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François De Gols, 3de aan de dijk van de “Paddevijver”, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht de kinderen Josse Vonck. Langs de kant van de straat bevonden er zich negen geknotte eiken en drie populieren, langs de andere kant, aan de dijk van de vijver, stond er een strook schaarhout. Dat kwam Michel Van den Bergh toe.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 15 frank en de verkoopprijs op 310 frank, inbegrepen de hoogstammige bomen geschat op 10 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de Michel Van Den Bergh wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 door de burgemeester van Asse (registernr. 400 te Asse – 124 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 7,25 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 25 oktober 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 544 artikel 14. Het bieden ving aan met een openingsbod van 310 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 370 frank aan burger Henri Grundt wonende te Brussel, Place Saint Michel.

Jean Van Den Bossche, zie nr. 384.

Pierre Van den Bossche, nr. 251, zie ook Giilis Van de Velde nr. 327.

Petrus werd op 29 augsutus 1755 Hekelgem gedoopt en overleed er op 18 maart 1806. Hij trouwde met Maria Theresia Rogiers die niet van Hekelgem afkomstig was en er ook niet overleed. Zij woonden aan de badij en hadden 10 kinderen: Emanuel (°25 april 1784), Joanna (°31 mei 1785), Petrus Joannes (°9 september 1787), Guillelmus (Catharina (°25 maart 1789), Maria (°16 februari 1791), Adriana (°25 juni 1792), Maria Catharina (°12 februari 1795), Joanna Francisca (°12 december 1796) en Isabella (°16 mei 1799).

Beschrijving van de goederen: twee bunder 20 roeden (2 ha 57 a 79 ca) land, hopveld en schaarhout verpacht aan Pierre Van Den Bossche voor een jaarlijkse pachtsom van 69 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen op de “Koeyweijde” grenzend langs een zijde aan Louis Van Roy, 2de aan de kinderen Dats, 3de aan een kleine weg naar de voormalige abdij Affligem, 4de aan de voormalige abdij.

2- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond grenzend langs een zijde aan de weg van Ninove naar Mechelen, 2de aan de weduwe Jean Baptiste Godefroy, 3de aan Benoit Schoon, en 4de aan Zacharias De Wever.

3- Eén bunder 20 roeden (1 ha 32 a 4 ca) landbouwgrond, waarvan een gedeelte gebruikt als hopveld en een deel voor schaarhout, grenzend langs een zijde aan de steenweg van Aalst naar Brussel, 2de aan de weduwe Robijns, 3de aan Pierre Van Den Bossche, en 4de aan een kleine weg naar de voormalige abdij Affligem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 augustus 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 38 gulden, en de verkoopprijs op £ 1 520, plus de 30 hoogstammige bomen die geschat werden op £ 70, samen £ 1 590. De goederen waren verpacht aan burger Pierre Van Den Bossche, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 9 oktober 1795 en eindigend op 10 oktober 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 38 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 januari 1799 om 10 uur volgens affiche nr. 144, artikel: 28. Het bieden ving aan met een openingsbod van 672 frank door burger Pierre Van Den Bossche. Tijdens het branden van de ? kaars toegewezen voor het eindbod van 765 frank aan burger Pierre Van Den Bossche wonende te Hekelgem, huurder van het goed.

Henri Van den Houten, nr. 411.

Beschrijving van de goederen: drie dagwand 4 roeden (95 a 57 ca) landbouwgrond gelegen op het veld “Clawate”, verpacht aan Jean Van Den Houten, voor een jaarlijkse pachtsom van 9 frank, belastingen inbegrepen, grenzend langs een zijde aan een kleine weg, 2de aan burger Goedvinck, 3de aan burgeres weduwe Jean Baptiste Godfroy, en 4de aan burger Gille Van De Velde.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 november 1797 door Charles Louis Joseph Terrace, expert, wonende te Asse en ? Crick die Mathias Gruber commissaris te Asse, verving. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 46,10 frank en de verkoopprijs op 312,80 frank. Verpacht aan Henri Van Den Houten, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 26 oktober 1793, van kracht vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 16 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 april 1801 om 12 uur volgens affiche nr. 308 artikel 11. Het bieden begon met een openingsbod van 312 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 170 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, stroman die kocht met een volmacht van Jean De Loecker & Guillaume Graindorge wonende te Asse.

Michel Van Den Weijngaert, zie ook Gillis Van de Velde nr. 327.

Michael, overleed te Hekelgem op 14 juni 1804. Hij trouwde met Catharina Van Nieuwenborgh die te Hekelgem overleed op 29 januari 1825. Ze woonden in de Langestraat en hadden 6 kinderen : Joannes Baptist (°10 februari 1779), Anna catharina (°3 oktober 1781) Barbara (°29 september 1784), Anna Francisca (°9 oktober 1787), Petrus (°23 oktober 1791) en Barbara (°28 september 1794).

Gillis Van de Velde, Michel Van Den Weijngaert, weduwe François Plas, Pierre Dauwe en Pierre Van Den Bossche  nr. 327.

Egidius Van de Velde werd te Hekelgem gedoopt op 3 april 1717 en hij trouwde er op 19 juni 1738 met Clara Vijverman die niet in Hekelgem werd gedoopt en er ook niet stierf. Zij hadden 4 kinderen: Elisabeth (°10 september 1738), Joannes Baptist (°30 december 1741), Adrianus (°29 maart 1746) en Joannes Baptist (°18 augustus 1749).

Beschrijving van de goederen: vier bunder 65 roeden (5 ha 23 a 43 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem en Essene, verpacht aan Van De Velde en consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 148 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Vijf dagwand (1 ha 57 a 19 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de “Koyweijde” grenzend langs een zijde aan de “Koyweg”, 2de aan burger Corneille Van Houte, 3de aan burger Joseph Robijns, en 4de aan burger Joseph Clauwaert.

2- Drie dagwand 65 roeden (1 ha 14 a 75 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op “De Weijde” grenzend langs een zijde aan de weg, 2de aan burger Thomas Raes, 3de aan burger Pierre Raes, en 4de aan de weduwe Josse Vonck.

3- Eén bunder (1 ha 25 a 75 ca) landbouwgrond gelegen te Essene op “Den Nieuwenboschcauter” grenzend langs een zijde aan de “Nieuwenbosch”, 2de aan burger Josse Van Nieuwenhove, 3de aan burger François De Clercq, en 4de aan burger Josse Clauwaert.

4- Eén bunder (1 ha 25 a 75 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op “De Koyweijde” grenzend langs een zijde aan burger Pierre Van Den Bossche, 2de aan de weduwe François Plas, 3de aan burger Jean De Vis, en 4de aan burger Joseph De Decker.

Er werden 4 PV van de schattingen opgemaakt:

1) PVl van de schatting van nr. 1 opgemaakt op 31 juli 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 25 gulden, en de verkoopprijs op 1 008 pond, 4 hoogstammige bomen geschat op 8 pond inbegrepen. Verpacht aan Gillis Van De Velde wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden op 9 oktober 1793 door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 9 oktober 1796 en eindigend op 9 oktober 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 25 gulden.

2) PV van de schatting van nr. 2 opgemaakt op 28 november 1797 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 42,60 frank, en de verkoopprijs op 340,80 frank. Verpacht aan Michel Van Den Weijngaert wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 november 1793, in voege vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 15 gulden.

3) PV van de schatting van nr. 3 opgemaakt op 1 augustus 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 21 gulden, en de verkoopprijs op 840 pond. Verpacht aan de weduwe François Plas wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden 9 oktober 1793 door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 9 oktober 1796 en eindigend op 9 oktober 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 21 gulden.

4) PV van de schatting opgemaakt op 1 december 1797 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 53,90 frank, en de verkoopprijs op 431,20 frank. Verpacht aan Pierre Dauwe en Pierre Van Den Bossche wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden op 9 november 1793 door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 9 november 1796 en eindigend op 9 november 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 20 pond. Er werden vier PV van de schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing

De verkoop had plaats te Brussel op 29 maart 1800 om 11 uur volgens de affiche nr. 232 artikel 39. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 250 frank door burger Jean Baptiste Weemaels, vervanger van burger Alexandre Bacquet die bood met een volmacht van Jean Baptiste Beauvais, ondernemer die instond voor de verwarming en licht van de troepen van de Republiek. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 150 frank aan burger Jean Baptiste Weemaels, wonende te Brussel.

André Van de Perre, nr. 602.

Beschrijving van de goederen: één ha 57 a 40 ca landbouwgrond gelegen op “De Beckenelen” grenzend langs een zijde aan de losweg, 2de aan de goederen van de kinderen Henri Verleijsen, 3de aan de goederen van de voormalige abdij Affligem, en 4de aan Jean Baptiste Van Der Schueren, en 6de aan de Armen en de kerk van Hekelgem.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Gaspar Petrus ‘T Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 55 frank en de verkoopprijs op 1100 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan André Van De Perre wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 52 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 48 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807 om 12 uur volgens de affiche nr. 590          artikel 7. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 100 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 125 frank aan Zacharias De Wever wonende te Hekelgem.

Josse (Judocus)Van de Perre, nr. 601.

Judocus werd te Hekelgem gedoopt op 28 december 1755 en overleed er op 16 juni 1838. Hij trouwde met Anna Francisca Wauters die te Hekelgem overleed op 3 oktober 1836. Hun huis stond in de Bosstraat. Zij hadden 7 kinderen: Maria (°2 juni 1791), Andreas (°26 oktober 1792), Maria Judoca (°30 maart 1794), Joanna Catharina (°4 januari 1797), Joannes Baptist (°20 januari 1799), Petronella carolina (°13 juli 1802) en Victoria (°9 juli 1806).

Beschrijving van de goederen: één ha 88 a 40 ca landbouwgrond gelegen op “Het Weijmeerschveld” grenzend langs een zijde aan de “Boschstraet”, 2de aan de goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan de weduwe Jean Baptiste De Smet, 3de aan de goederen van de voormalige abdij Affligem verpacht aan Benoit Schoon, en 4de aan het erf van de weduwe Guillaume Van De Perre. Dit perceel werd doorsneden door een voetpad en op een hoek door een ander voetpad.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Gaspar Petrus ‘T Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 75 frank en de verkoopprijs op 1516 frank, de bomen die zich op het perceel bevonden, geschat 16 frank, inbegrepen. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Josse Van De Perre en consorten wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 53 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 54 frank, belastingen niet inbegrepen. Judocus Van De Perre liet noteren dat dit land gebruikt werd door hem, de weduwe Henri Van Nieuwenborre, Andries Van Den Bergh en de kinderen Henri Plas maar dat het pachtcontract op zijn naam stond.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807 om 12 uur volgens de affiche nr. 590          rtikel 6. Het bieden begon met een openingsbod van 1 516 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 550 frank aan André Van Den Bergh & Pierre Plas wonende te Hekelgem.

Jean Van der Borght, nr. 382.

Joannes werd te hekelgem gedoopt op 19 december 1748 en overleed er op 10 december 1815. Hij trouwde met Maria Anna De Backer, te Hekelgem overleden op 3 februari 1829.Hun huis stond op Kortenbos. Ze hadden 7 kinderen: Joannes Baptist (°18 februari 1780), Petronella (°8 februari 1781), Guillelmus (°27 septemner Adriana (°30 augustus 1789) en Joannes Baptist (°25 februari 1791).1782), Franciscus (°17 september 1785), Anna (°25 januari 1787),

Beschrijving van de goederen: zes dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Kortenbosch” grenzend langs een zijde aan het nationaal goed genaamd “Kortenbosch”, 2de aan het goed van de abdij Affligem, 3de aan burger Defeves, en 4de aan de weg van Teralfene naar Aalst.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 mei 1798 door Jean Valentin Cordier, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 45 pond, en de verkoopprijs op 1 390 pond, negen hoogstammige bomen geschat op 30 pond, inbegrepen. Verpacht aan burger Jean Van Der Borght wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een onderhandse akte verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 25 december 1795, voor een jaarlijkse pachtsom van 20 gulden, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 9 november 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 275 artikel 18. Het bieden begon met een openingsbod van 574 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 225 frank aan burger Josse Van Doren wonende te Opwijk.

Michel Van de(r) Perre(n), nr. 504.

Michael werd te hekelgem gedoopt op 23 oktober 1765 en overleed er op 5 juni 1843. Hij trouwde te Hekelgem op 22 januari 1793 met Joanna Francisca De Coninck. Zij werd te Hekelgem gedoopt op 22 april 1770 en overleed er op 2 november 1837. Ze woonden in ’t Mazits en hadden 7 kinderen: Joanna (°2 december 1793), Gerardus (°23 juni 1796), Petronella (°15 januari 1799), Joanna Maria (°25 juni 1801), Jacobus (°27 februari 1803), Judocus (°29 januari 1806) en Joanna Catharina (°1 september 1808).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “Den Hekelghemcauter”, groot 59 a 3 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de Armen van Moorsel verpacht aan Gille Buggenhout en de goederen van Josse Clauwaert, 2de aan deze van François Van Lierde, 3de met de helft van de losweg aan de goederen van Gille Verbeken, en 4de aan deze verpacht aan Josse Clauwaert.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 27 juni 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 24 frank en de verkoopprijs op 480 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan burger Michel Van Der Perren, landbouwer, wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 39 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 19,96 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 september 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 487          artikel 7. Het bieden ving aan met een openingsbod van 480 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 485 frank aan burger Henri Grundt wonende te Brussel, stroman die kocht met een volmacht van Daniël De Smedt wonende te Aalst.

Peter Van de(r) Perre(n), nr. 503.

Petrus werd te Hekelgem gedoopt op 30 juni 1752 en overleed er op 31 oktober 1816. Hij trouwde te Hekelgem op 15 mei 1779 met Elisabeth Spinael afkomstig van Brussel. Elisabeth stierf te hekelgem op 16 januari 1816. Zij hadden 4 kinderen: Anna (°9 januari 1780), Elisabeth (°5 september 1782), Josephus (°22 februari 1786) en Anna Francisca (°4 augustus 1792).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen dichtbij “De Queselswegh”, groot 39 a 35 ca, grenzend langs een zijde aan de straat van de kerk naar de steenweg van Brussel naar Gent, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Vertongen, 3de aan de goederen van Michel Van Der Perren en deze van de kerk van Hekelgem verpacht aan Emmanuel Verleysen, en 4de aan de goederen van Sieur Benoit De Witte.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 29 juni 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 18 frank en de verkoopprijs op 360 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan burger Peeter Van Der Perren, landbouwer, wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 64 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 11,78 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 september 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 487          artikel 6. Het bieden ving aan met een openingsbod van 360 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 365 frank aan burger Henri Grundt wonende te Brussel, stroman die kocht met een volmacht van Daniël De Smedt wonende te Aalst.

De kinderen Joseph Van Lierde, nr.318.

Joseph werd te Hekelgem gedoopt op 12 mei 1720 en overleed er op 1 februari 1785. Hij trouwde te Hekelgem op 15 mei 1747 met Joanna Catharina De Kegel, te Hekelgem gedoopt op 30 november 1722 en er overleden op 21 juni 1796. Zij hadden 11 kinderen: Anna Theresia (°28 maart 1749), Joannes Franciscus (°28 februari 1751), Ferdinand Baptist (°15 november 1752), Joanna Petronella (°7 oktober 1754), Anna Francisca (°7 mei 1756),  Joannes Baptist (°14 januari 1758), Petrus Benedictus (°5 maart 1759), Joannes Jacobus (°21 juni 1761), Anna Maria (°27 december 1763), Petrus Jacobus (°30 juni 1766) en Maria Anna (°26 september 1769).

Beschrijving van de goederen: Joseph Van Lierde pachtte2 bunder drie dagwand (3 ha 45 a 81 ca) landbouwgrond voor een jaarlijkse pachtsom van 108 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Één dagwand (31 a 44 ca) landbouwgrond gelegen op “De Hoogde” grenzend langs een zijde aan de weg naar de kerk, 2de aan het voetpad gaande naar de steenweg naar Brussel, 3de aan een kleine weg naar Boukhout, en 4de aan Adrien Itterbeek.

2- Zes dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond gelegen op “Den Fossel” grenzend langs een zijde aan de weg van Ninove naar Mechelen, 2de aan de goederen van de pastorij van Hekelgem, 3de aan burgeres weduwe Martin Robijns, en 4de aan de oude baan naar Brussel.

3- Eén bunder (1 ha 25 a 75 ca) landbouwgrond gelegen op “’t Heijken” grenzend langs een zijde aan de oude baan naar Brussel, 2de aan de weg naar Hekelgem, 3de aan burger Jaspart ’t Kint, en 4de aan burger Pierre Roggeman.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 29 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 60 gulden, en de verkoopprijs op 2 400 pond. De goederen waren verpacht aan de kinderen Joseph Van Lierde, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden op 10 oktober 1793 door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 10 oktober 1795, en eindigend op 10 oktober 1804, voor een pachtsom van 60 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 14 maart 1800 om 11 uur volgens de affiche nr. 229, artikel 14. Het bieden begon met een openingsbod van 960 frank door burger Jean Baptiste Weemaels, vervanger van burger Alexandre Bacquet die bood met een volmacht van Louis Badin, die burger Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger, verving. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 200 frank aan burger Jean Baptiste Weemaels, wonende te Brussel.

François Van Nieuwenhove, nr. 253.

Beschrijving van de goederen: twee bunder twee dagwand land en weide gelegen te Teralfene, Hekelgem en Liedekerke, verpacht aan François Van Nieuwenhove voor een jaarlijkse pachtsom van 91 frank, belastingen niet inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 85 roeden (26 a 13 ca) landbouwgrond gelegen te Teralfene op het veld “Welleken” grenzend langs een zijde aan François Hermans, 2de aan Judocus Van Nijghen, 3de aan dezelfde, en 4de aan de los naar de weiden.

2- Drie dagwand 15 roeden (99 a 3 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem, grenzend langs een zijde aan burger Joannes Schoon, 2de aan de weg van Mechelen naar Ninove, 3de aan Joannes Ph. Rollier, en 4de aan burger Judocus De Reuse.

3- Drie dagwand (92 a 24 ca) landbouwgrond gelegen te Liedekerke, grenzend langs een zijde aan een kleine weg, 2de aan burger M. Custens, 3de aan de Bellebeek, en 4de aan Joannes Christiaens.

4- Drie dagwand (92 a 24 ca) weide gelegen te Liedekerke, grenzend langs een zijde aan een kleine weg, 2de aan burger M. Custens, 3de aan de Bellebeek, en 4de aan Joannes Christiaens.

Opmerking: Roede te Teralfene = 30,7456 ca, te Hekelgem = 31,4375 ca, te Liedekerke = 30,7456 ca.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, expert en Mathias Gruber, commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 50 gulden, en de verkoopprijs op £ 2 000, plus 12 hoogstammige bomen. De goederen waren verpacht voor 9 jaar aan burger François Van Nieuwenhove met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 10 oktober 1795 en eindigend op 10 oktober 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 50 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 januari 1799 om 10 uur volgens affiche nr. 144, artikel 27. Het bieden ving aan met een openingsbod van 868 frank door André Van Gaver. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 885 frank aan burger André Van Gaver wonende te Brussel. frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 625 frank aan burger Marc Mercier wonende te Brussel, rue de Fleurus nr. 1008.

Joannes Van Nieuwenhove, Teralfene, nr. 320.

Beschrijving van de goederen: vijf bunder 70 roeden land, weide en bos gelegen te Teralfene, Hekelgem en Liedekerke, verpacht aan Joannes Van Nieuwenhove voor een jaarlijkse pachtsom van 200 frank. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Drie bunder (3 ha 68 a 95 ca) landbouwgrond gelegen te Teralfene (roede = 30,7456 ca.) op “De Bremme” grenzend langs een zijde aan de weg van Ninove naar Mechelen, 2de aan het voetpad naar Ninove, 3de aan burger Jean Bresse, en 4de aan burger Louis Van Nieuwenhove.

2- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond waarvan de helft voordien schaarhout, gelegen te Hekelgem grenzend langs een zijde aan het voetpad naar de weg van Ninove naar Mechelen, 2de aan Jean Van Nieuwenhove, 3de aan burger J. Verbeke, en 4de aan burger Joannes Franciscus Van Hove.

3- Eén bunder 70 roeden (1 ha 47 a 76 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het veld “Ballae” grenzend langs een zijde aan de kinderen Joannes Pauwels, 2de aan François Van Nieuwenhove, 3de aan burger Lawis, en 4de aan burgeres weduwe Jacques Schoon.

4- Twee dagwand (61 a 49 ca) landbouwgrond en weide gelegen te Liedekerke (roede = 30,7456 ca.) op het veld  “Baudelle” grenzend langs een zijde aan de “Bellebeek” komende van Belle, 2de aan burger Michel De Bisschop, 3de aan burger Joannes Franciscus Van Hove, en 4de aan burger Mertens.

Land van gemiddelde kwaliteit.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 juli 1798 door Charles Louis Joseph Terrace expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 100 gulden, en de verkoopprijs op 2 027 pond, 9 hoogstammige bomen geschat op 27 pond inbegrepen. Verpacht Joannes Van Nieuwenhove van Teralfene, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 21 mei 1794. De pacht ging in voege vanaf 21 mei 1796 en eindigde op 21 mei 1805. De pachtsom bedroeg 80 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 14 maart 1800 om 11 uur volgens affiche nr. 229, artikel 15. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 600 frank door burger Jean Baptiste Weemaels, vervanger van burger Alexandre Bacquet die bood met een volmacht van Louis Badin, die burger Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger, verving. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 225 frank aan burger Jean Baptiste Weemaels, wonende te Brussel.

Louis Van Nieuwenhove, nr. 385, zie ook Joannes Baptist Christiaens.

Beschrijving van de goederen: zeven dagwand (2 ha 20 a 6 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem verpacht aan Louis Van Nieuwenhove & consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 89 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Vijf dagwand (1 ha 57 a 19 ca) landbouwgrond gelegen op de “Bellecauter” grenzend langs een zijde, zuid, aan burger Joseph Rollier, 2de aan burgeres weduwe Jacob Meert, 3de aan de “Kabeek” (Okaaibreek), 4de aan burger François Verbeeke, 5de aan burger Jean Bosmans, 6de aan burger Timmermans, 7de aan burger Michel Beekmans, 8de aan burger Guillaume Goedvinck, 9de aan burger Jean Schoon, en 10de aan burger François Van Nieuwenhove.

2- wee dagwand (62 a 88 ca) landbouwgrond gelegen op de “Bellecauter” grenzend langs een zijde, zuid, aan burger Judo Van Nieuwenhove, 2de aan de weg van Teralfene naar Hekelgem, 3de aan burger Jean Van Nieuwenhove, en 4de aan burger Joseph Rollier.

Het PV van de schatting werdopgemaakt op 2 september 1800 door Charles Louis Joseph Terrace, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 67,95 frank en de verkoopprijs op 714,40 frank. Verpacht aan de burgers Louis Van Nieuwenhove en Jean Baptiste Christiaens wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 november 1793, in voege vanaf 26 december 1795 en eindigend op 25 december 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 67,95 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 november 1800 om 12 u. volgens affiche nr. 277 artikel 7.

Het bieden ving aan met een openingsbod van 712 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 728 frank aan burger Joseph Grégoire wonende te Brussel, Place de l’égalité nr. 1095. Vermoedelijk was hij een stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Adrien Van Nijghen, Teralfene, nr. 317.

Beschrijving van de goederen: vijf bunder drie dagwand 84 roeden (7 ha 49 a 47 ca) land verpacht aan Adrien Van Nijghem voor een jaarlijkse pachtsom van 303 frank. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 95 roeden (29 a 86 ca) landbouwgrond gelegen op het veld genoemmd “Bollart” grenzend langs een zijde aan burger Jean Baptiste Christiaens, 2de aan burger Pierre De Bisschop, 3de aan het goed van de kinderen Guillaume Beekmans, en 4de aan burger Guillaume Van Vaerenbergh.

2- Één dagwand 30 roeden (40 a 87 ca) landbouwgrond gelegen op  “Bollart” grenzend langs een zijde aan burger Pierre De Bisschop, 2de aan de kinderen Joannes Pauwels, 3de aan burger Josse Van Vaerenbergh, en 4de aan burger Michel Van Vaerenbergh.

3- Vijf bunder één dagwand 59 roeden (6 ha 78 a 73 ca) landbouwgrond grenzend langs een zijde aan de weg naar Teralfene, 2de aan burgeres weduwe Jacobus Schoon, 3de aan burger François Van Hove, 4de aan de weduwe Michel De Cuyper, en 5de aan burger Michel De Bisschop.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 juli 1798 Charles Louis Joseph Terrace expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 165 gulden, en de verkoopprijs op 6 650 pond, 20 hoogstammige bomen inbegrepen. Verpacht aan Adrien Van Nijghen wonende te Teralfene, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 8 oktober 1797, en eindigend op 8 oktober 1806, voor een pachtsom van 165 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 9 maart 1800 om 11 uur volgens de affiche nr. 228, artikel 21. Het bieden ving aan met een openingsbod van 2 474 frank door burger Jean Baptiste Weemaels, vervanger van burger Alexandre Bacquet die bood met een volmacht van Louis Badin, die burger Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger, verving. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 3 775 frank aan burger Jean Baptiste Weemaels, wonende te Brussel.

De weduwe Pierre Van Occolayen, Anne Cathérine Boom[18], nr.467.

Petrus Van Ockeley, te Hekelgem gedoopt op 21 februari 1741 en er overleden op 20 april 1799, was eerst getrouwd met Catherine Tassenoy die op 24 augustus 1775 overleed. Zij hadden 2 kinderen: Joannes Franciscus (°2 maart 1772 en Eleonora (°23 januari 1775). Petrus hertrouwde Anna Catherina Booms die overleed te Hekelgem op 3 februari 1818. Met haar had Petrus nog 5 kinderen: Petrus (°11 juli 1777), Martinus (°22 januari 1779), Adrianus (°13 december 1780), Maria (°14 december 1783) en Maria Anna (°17 november 1786).

Beschrijving van de goederen: twee percelen landbouwgrond gelegen te Hekelgem, groot 1 ha 25 a 20 ca. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Een perceel landbouwgrond gelegen naast de abdij Affligem en genoemd “De Wijde”, groot 62 a 60 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen verpacht aan François Plas, de dijk maakt deel uit van dit perceel, 2de aan het bos van de kinderen De Kegel tot aan de gracht, 3de aan het bos van Philippe Bal, Henri Poels, de kinderen De Kegel, Jean Van Houzon en de hoek van het bos van Jean Van Lierde, 4de aan het voetpad en losweg naast de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean De Leeuw.

2- Een perceel landbouwgrond doorsneden door een kleine weg naar de abdij Affligem, op de  “Molencauter”, groot 62 a 60 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen verpacht aan Jacques Meersman, 2de aan de weg van de abdij Affligem naar de steenweg van Brussel naar Gent, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe François Clijwaert, dit perceel wordt doorsneden door een voetpad

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 23 juli 1803 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 54,09 frank en de verkoopprijs op 540,90 frank plus 69 jonge beuken en olmen geschat op 138 frank, samen 678,90 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de weduwe Pierre Van Occolayen, wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 1588 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 38,09 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 11 februari 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 403 artikel 5. Het bieden begon met een openingsbod van 746 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 550 frank aan burger Evrard Tops wonende te Brussel, rue du Persil, stroman die kocht voor een onbekende

Laurent Van Roy, nr. 435.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Schaepschuer”, groot 62 a 80 ca, grenzend langs een zijde aan het “Croix de pierre” en de steenweg, 2de & 3de aan de weg naar “Cambergh” (Coudenberg?), en 4de aan het goed van Josse Clauwaert

Het PV van de schatting weerd opgemaakt op 20 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 200 frank. Bij de schatting werd het perceel gebruikt voor de aardappelteelt. Laurent Van Roy liet noteren dat hij dit perceel pachtte sinds Kerstmis 1786, voor negen jaar, voor een jaarlijkse pachtsom van 10 gulden. Het pachtcontract kon hij echter niet tonen. De ontvanger der domeinen te Asse verklaarde dat Laurent Van Roy geen geldig pachtcontract bezat.

De verkoop had plaats te Brussel op 4 september 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 332 artikel 12. Het bieden begon met een openingsbod van 220 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 650 frank aan burger Laurent Van Roy, wonende te Hekelgem.

Guillaume Van Vaerenbergh, nr. 476.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Merecauter”, groot 42 a 70 ca, grenzend langs een zijde aan de weg van Teralfene naar Aalst, 2de aan een voetpad naar de Dender, 3de aan een ander klein voetpad haaks op dit naar de Dender.

Het PV van de schatting opgemaakt op 18 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De verkoopprijs werd geschat op 149 frank. Verpacht vanaf 26 juli 1801 aan Guillaume Van Vaerenberg, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 13,59 frank. De pachter verklaarde dit perceel reeds 16 opeenvolgende jaren in pacht te hebben. Gewone grond waarop rogge geteeld werd.

De verkoop had plaats te Brussel op 17 maart 1804 om 12 uur volgens de affiche nr. 408 artikel 21. Het bieden begon met een openingsbod van 154 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 340 frank aan burger Antoine Levas wonende te Brussel, “Quai aux Tourbes”.

Jean Van Vaerenbergh, nr. 383.

Beschrijving van de goederen: zes dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond van een gemiddelde kwaliteit gelegen op de “Koyweijde” grenzend langs een zijde aan burger Jaspart ‘t Kint, 2de aan burger Pierre Okelije, 3de aan het goed van de kinderen Josse Van Lierde, en 4de aan burger François Stas.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 2 augustus 1798 door Charles Louis Joseph Terrace, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 24 gulden en de verkoopprijs op 960 pond. Verpacht aan burger Jean Van Vaerenberg wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 oktober 1793, in voege vanaf 9 oktober 1795 en eindigend op 9 oktober 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 24 gulden, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 9 november 1800 om 12 uur volgens affiche nr. 275 artikel 19. Het bieden begon met een openingsbod van 480 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 225 frank aan burger Evrard Tops wonende te Brussel, Longue rue Neuve nr. 158. Vermoedelijk was hij een stroman voor een onbekende opdrachtgever.

Paul Van Vaerenbergh en Marie Thérèse Vonck, nr. 367.

Paul werd te Hekelgem gedoopt op 21 februari 1761 en overleed er op 25 januari 1829. Hij trouwde te Hekelgem op 9 november 1784 met Adriana Van den Dorpel, te Hekelgem overleden op 22 december 1834.Zij woonden in de Bosstraat en hadden 8 kinderen: Maria Anna (°6 mei 1785), Joannes (°19 november 1786), Isabella (°15 maart 1789), Francisca (°22 maart 1791), Anna Catharina (°15 mei 1792), Joannes (°8 november 1794), Joanna Benedicta (°13 april 1794) en Guiullelmus (°23 februari 1799).

Maria Theresia was de dochter van Joannesn Baptist en Catherina Van Geite, te Hekelgem geboren op 10 juni 1763 en er overleden op 25 februari 1836. Zij trouwde te Hekelgem op 21 november 1799 met Petrus De Schrijver, te Hekelgem gedoopt op 31 juli 1712 en er overleden op 25 november 1791. Hun huis stond in Terlinden en zij hadden 4 kinderen:  Maria Petronella (°7 oktober 1798), Judocus (°29 november 1799), Joannes (°4 februari 1803) en Petrus (°17 november 1805.

Beschrijving van de goederen: twee bunder één dagwand 50 roeden (2 ha 98 a 66 ca) land gelegen te Hekelgem en verpacht aan Paul Van Vaerenberg & Marie Thérèse Vonck voor een jaarlijkse pachtsom van 96 frank. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Één bunder 75 roeden (1 ha 49 a 33 ca) landbouwgrond gelegen op de “Leuninckweijde” grenzend langs een zijde aan “Den Kisvijver”, 2de aan Benoit Schoon, 3de aan de weduwe Jean Baptiste De Smet, en 4de aan G. Van De Perre.

2- Eén bunder 75 roeden (1 ha 49 a 33 ca) landbouwgrond gelegen  op de “Leuninckweijde” grenzend langs een zijde aan de weg naar het bos, 2de aan burger François De Gols, 3de aan de vijver genaamd “Den Perrevijver”, en 4de aan Paul Van Vaerenbergh.

Er werden twee PV van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) PV van de schatting opgemaakt op 3 augustus 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 21 gulden, en de verkoopprijs op 863 pond, inbegrepen 15 jonge hoogstammige bomen geschat op 23 pond. Verpacht aan burger Paul Van Vaerenberg wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op op 9 oktober 1793, in voege vanaf 9 oktober 1796 en eindigend op 9 oktober 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 21 gulden, belastingen niet inbegrepen. Dit proces-verbaal betreft het nummer 1 van de beschrijving van de goederen.

2) PV van de schatting opgemaakt op 30 juli 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 21 gulden, en de verkoopprijs op 840 pond. Verpacht aan Marie Thérèse Vonck wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op op 9 oktober 1793, in voege vanaf 9 oktober 1796 en eindigend op 9 oktober 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 21 gulden. Dit PV betreft nr. 2 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 5 september 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 263 artikel: 11. Het bieden begon met een openingsbod van 768 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 150 frank aan burger Henry Grundt wonende te Brussel, op de hoek van Cantersteen, stroman die kocht met een volmacht van burger Daniël De Smet wonende te Aalst.

Pierre Van Vaerenbergh, nr. 510.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “Het Zetsel”, groot 62 a 80 ca, grenzend langs een zijde met de helft van het voetpad aan de goederen van Pierre Van Vaerenbergh en Jean De Cort, 2de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Jean Van De Velde, 3de aan de goederen van de abdij verpacht aan Guillaume De Boeck, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jean De Coster. Op dit perceel bevindt zich een “quarré” met schaarhout.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 3 juli 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 400 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Pierre Van Vaerenbergh wonende te Hekelgem, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 19,95 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 december 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 500 artikel 3. Het bieden begon met een openingsbod van 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 460 frank aan burger Bernard Gérard, notaris, wonende te Brussel, rue de l’Oxum.

François Vasseur, nr. 539.

Franciscus werd te Hekelgem gedoopt op 5 november 1752 en overleed er op 22 augustus 1817. Hij trouwde te Hekelgem op 2 mei 1799 met Petronella Lenssens, te Hekelgem gedoopt op 14 maart 1760 en er overleden op 9 september 1828. Zij woonden in de Boekhoutstraat en hadden 2 kinderen: Joanna Maria (°21 april 1800) en Benedictus (°10 februari 1802).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de  “Lennickweijde”, groot 31 a 40 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Clauwaert, 2de aan de “Boschstraet”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Martin Vasseur, en 4de aan de dijk van de “Agterste vijver” ook “Ouden vijver” genaamd. Langs de kant van de straat bevonden er zich vier geknotte bomen en twee beuken, langs de andere kant, aan de dijk van de vijver, stond er een strook schaarhout. Pachter François Vasseur liet noteren dat de opbrengst van het schaarhout rond de “Agterste vijver” verdeeld werd door een onderlinge overeenkomst van diegenen die eraan paalden.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 10 frank en de verkoopprijs op 215 frank, de hoogstammige bomen geschat op 15 frank, inbegrepen. Verpacht vanaf 22 december 1800 aan François Vasseur wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1800 door de burgemeester van Asse (registernr. 392 te Asse – 115 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 5,44 frank.

 De verkoop had plaats te Brussel op 13 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 538         artikel 9. Het bieden ving aan met een openingsbod van 215 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 530 frank aan burger Arnould Pierre Geeroms wonende te Brussel, buiten de Lakense poort te Molenbeek.

Martin Vasseur, nr. 546.

Martinus werd te Hekelgem gedoopt op 3 maart 1774 en overleed er op 29 januari 1850. Hij trouwde met Joanna Maria Cooreman, te Hekelgem overleden op 9 maart 1828. Zij woonden in de Langestraat en hadden5 kinderen: Joanna Maria (°11 augustus 1801), Franciscus (°27 december 1802), Theresia Joanna (°28 april 1804), Gudula Constantia (°13 april 1807) en Anna Francisca (°25 februari 1812).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de  “Lennickweijde”, groot 54 a 95 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan François Vasseur, 2de aan de “Boschstraet”, 3de met de helft van het voetpad aan de goederen van de abdij Affligem verpacht Jean Baptiste Vonck, Jean Baptiste Van Nieuwenhove en Benoit Van Den Bergh, en 4de aan de dijk van de “Agterste vijver”. Langs de kant van de straat bevonden er zich enkele geknotte bomen en drie hoogstammige met een omtrek van 1,5 m tot 2 m omtrek, langs de andere kant, aan de dijk van de vijver, stond er een strook schaarhout. Voor het kappen van het schaarhout zie naar verklaring bij de toewijzing nr. 539.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 22 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 18 frank en de verkoopprijs op 400 frank, inbegrepen de hoogstammige bomen geschat op 40 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan de Martin Vasseur wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 door de burgemeester van Asse (registernr. 88 te Asse – 24 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 13,59 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 20 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 539          artikel 21. Het bieden ving aan met een openingsbod van 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 580 frank aan burger Henry Grundt wonende te Brussel, op de hoek van Cantersteen, stroman die kocht met een volmacht van burger Daniël De Smet wonende te Aalst.

François Verbeken, nr. 431.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de “Bellecauter”, groot 1 ha 65 a 50 ca, grenzend langs een zijde aan de “Carebeek”, 2de aan de kinderen Bosteels, 3de aan Van Den Bosch, en 4de aan Louis Van Nieuwenhove.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 60 frank en de verkoopprijs op 600 frank. Verpacht aan François Verbeken, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 58,05 frank. Hij pachtte dit perceel sinds lange tijd. De ontvanger der domeinen te Asse verklaarde dat dit goed voordien verpacht werd voor een jaarlijkse pachtsom van 32 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 4 september 1802 om 12 uur volgens de affiche nr. 332 artikel 8. Het bieden begon met een openingsbod van 660 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 550 frank aan burger Jean Baptiste Neesen, notaris, wonende te Gent, rue du Raeme nr. 413.

Benoit Verdoodt, nr. 520.

Benedictus werd te Hekelgem gedoopt op 20 maart 1736 en overleed er op 14 februari 1806. Hij trouwde te Hekelgem op 17 juni 1761 met Elisabeth Van de Velde, te Hekelgem gedoopt op 10 september 1738 en er overleden op 17 februari 1806. Zij hadden 7 kinderen: Joannes Baptist (°31 mei 1762), Guillelmus (°14 december 1764), Joannes Baptist (°1 september 1769), Joanna Maria (°15 juli 1770), Petrus Joannes (°28 februari 1774), Judocus (°20 juni 1777) en Michael (°28 december 1781).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond en schaarhout gelegen op het “Nieuwenbosch”, groot 68 a 45 ca, grenzend langs een zijde aan de straat van de abdij Affligem naar de herberg “La Couronne” (De Kroon), 2de, 3de en 4de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Jacques De Leeuw, 5de aan een perceel schaarhout van de abdij verpacht aan Jaspar T’Kint, en 6de aan een weide van de abdij verpacht aan de genoemde T’Kint en het erf van Pierre De Raedt. Langs de straatkant staan er enkele geknotte treurwilgen.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 24 juni 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 24 frank en de verkoopprijs op 480 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Benoit Verdoodt, landbouwer wonende te Hekelgem, voor zes jaar, tijdens een openbare aanbesteding door de burgemeester van Asse (registernr. 56 te Asse), voor een jaarlijkse pachtsom van 19,96 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 22februari 1806om 12 uur volgens de affiche nr. 509 artikel 4. Het bieden ving aan met een openingsbod van 480 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 490 frank aan burger Bernard Gérard, notaris, wonende te Brussel, rue de l’Oxum, stroman die kocht met een volmacht van Claude Antoine Malerme wonende te Ukkel.

Jean Verleysen, nr. 432.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Fossel”, groot 51 a, grenzend langs een zijde aan de Kinderen Bosteels, 2de aan de straat naar de kerk van Hekelgem, en 3de aan Michiel De Vis.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 juli 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Mathias Gruber, burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 200 frank. Verpacht aan Jean Verleysen, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 19,95 frank. Hij pachtte dit perceel sinds lange tijd. De ontvanger der domeinen te Asse verklaarde dat dit goed voordien verpacht werd voor een jaarlijkse pachtsom van 10 gulden.

De verkoop had plaats te Brussel op 4 september 1802om 12 uur volgens de affiche nr. 332 artikel 9. Het bieden begon met een openingsbod van 248 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 610 frank aan burger Jean Verleysen wonende te Hekelgem.

Pierre Verleysen, nr. 600.

Beschrijving van de goederen: één ha 9 a 90 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 47 a 10 ca landbouwgrond gelegen op “De Morette” grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Gent, 2de aan het erf van Sieur De Witte verpacht aan Philippe Van Overstraeten en het land van Jean Baptiste De Vos, 3de met de helft van het voetpad aan goederen van de weduwe Pierre Verleijsen, en 4de aan het land van de erfgenamen Everaert en het erf van François Everaert.

2- 62 a 80 ca gelegen op “De Morette” grenzend langs een zijde aan de goederen van de weduwe Jean Baptiste Mattens en de weduwe Pierre Verleijsen, 2de aan het goed van Jean De Cort, 3de aan de goederen van Gilles De Ridder en Pierre De Gols, 4de aan het bos schaarhout van Josse Verreeken, 5de met het voetpad aan de goederen van Pierre De Wever, Pierre De Gols en de weduwe Jean Baptiste Van Geert.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 19 februari 1807 door Guillaume De Becker, expert, wonende te Brussel, en Gaspar Petrus ‘T Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 40 frank en de verkoopprijs op 800 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Pierre Verlijsen wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801 (registernr. 51 te Asse), door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 33 frank, belastingen niet inbegrepen.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 september 1807 12 uur volgens de affiche nr. 590 artikel 5. Het bieden begon met een openingsbod van 800 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 850 frank aan Pierre Cierlans wonende te Brussel.

Guillaume Vermoesen, nr. 438.

Beschrijving van de goederen: Land, weide en bos, groot 57 a 10 ca, gelegen te Hekelgem en Essene, bestaande uit twee delen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- 23 a 59 ca bos gelegen te Essene op het “Meckelenbosch” grenzend aan de gronden “Menedenbosch”, 2de & 3de aan Jean Hellinckx, en 4de aan de weduwe Robijns.

2- 23 a 59 ca landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de “De Weije” grenzend langs een zijde aan Pierre Van Den Bosch, 2de aan het cautergat, 3de & 4de aan Laurent Van Roy.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 9 augustus 1802 door Pierre Aubugeois, expert wonende te Brussel, en Crick, vervanger van de burgemeester te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 18 frank en de verkoopprijs op 180 frank. Verpacht aan Guillaume Vermoesen, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse, voor een jaarlijkse pachtsom van 14,51 frank. De ontvanger der domeinen te Asse verklaarde dat het eerste perceel begroeid was met schaarhout waarvan de huurder het vruchtgebruik had.

De verkoop had plaats te Brussel op 16 oktober 1802 om 12 uur volgens affiche nr. 338 artikel 22. Het bieden ving aan met een openingsbod van 198 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 820 frank aan burger Jean François Callebaut, landbouwer, wonende te Hekelgem. Voor een onbekende opdrachtgever?

Jean Baptiste Vermoesen, Meldert, nr. 512.

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op “De Droogeweijde”, groot 62 a 80 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van Jean Godefroy en Charles De Boeck, 2de aan deze van de abdij verpacht aan de weduwe Jean Baptiste Godefroy, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Jacques Goedvinck, en 4de aan de goederen van de abdij verpacht aan Jean Godefroy.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 28 juni 1805 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Zacharias De Wever, burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 20 frank en de verkoopprijs op 400 frank. Verpacht vanaf 26 december 1801 aan Jean Baptiste Vermoesen wonende te Meldert, voor drie zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1801, door de burgemeester van Asse (registernr. 54 te Asse), voor een jaarlijkse pachtsom van 15,41 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 21 december 1805 om 12 uur volgens de affiche nr. 500 artikel 5. Het bieden ving aan met een openingsbod van 400 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 405 frank aan burger Philippe Paul Chasse wonende te Brussel.

Armand Vertongen, nr. 717.

Armand werd te Hekelgem gedoopt op 16 februari 1775 en overleed er op 17 december 1855. Hij trouwde te Hekelgem op 20 september 1798 met Maria Anna Schoon, te Hekelgem gedoopt op 15 juni 1776 en er overleden op 29 juni 1807. Zij hadden 5 kinderen: Joannes Baptist (°30 december 1798), Maria Josepha (°27 mei 1800), Joannes Franciscuq (°11 mei 1803), Sophia (°6 februari 1805) en Maria Anna (°17 mei 1807). Na de dood  van Maria Anna hertrouwde Armand met Maria Theresia Hutsebaut die te Hekelgem overleed op 24 maart 1826. Toen woonden ze op Ten Bos. Er werden nog 6 kinderen geboren; Joanna Maria (°16 juni 1809), Petrus Amandus (°22 november 1810), Maria Petronella (°10 januari 1813), Benedicta (°12 mei 1815), Carolus Ludovicus (°24 oktober 1818) en Petrus Josephus (°18 mei 1821).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond en hopveld gelegen te Hekelgem, groot 43 a 70 ca, grenzend oost aan Louis Van Nieuwenhove, zuid aan de goederen van de kerk en de Armen van Teralfene waarop de boerderij van de pachter gebouwd werd, west aan de goederen van Josse Buschops en Joseph Van Nieuwenhove, en noord aan Joseph Van Nieuwenhove en Sieur Charlier, eigenaar.

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 5 oktober 1810 door François Joseph Colinet, expert, en Pierre Van Lierde, adjunct burgemeester te Hekelgem. Verpacht zonder pachtcontract aan Amand Vertongen wonende te Hekelgem voor een jaarlijkse pachtsom van 11 frank. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 16 frank, en de verkoopprijs op 320 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 23 maart 1811 om 12 uur volgens de affiche nr. 701 artikel 13. Het bieden ving aan met een openingsbod van 320 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 600 frank aan Nicolas Delescluse wonende te Ukkel.

Jean Vertongen nr. 362.

Joannes overleed te Hekelgem op 28 oktober 1791. Hij trouwde te Hekelgem op 16 mei 1762 met Maria Theresia De Kegel. Zij hadden 7 kinderen: Petrus Amandus (°18 april 1763), Joannes Baptist °25 juli 1764), Amandus (°10 januari 1766), Anna Maria (°18 april 1767), Paschasius (°4 mei 1769), Maria Anna (°5 oktober 1771) en Joanna Petronella (°13 juli 1774).

Beschrijving van de goederen: twee bunder drie dagwand 70 roeden (3 ha 67 a 82 ca) land, weide en bos gelegen te Hekelgem, verpacht aan de kinderen J. Vertongen, Jean Baptiste Vonck en Guillaume Louis voor een jaarlijkse pachtsom van 134,75 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Één bunder twee dagwand (1 ha 88 a 62 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op het “Keelveck” (Kwezelsweg) grenzend langs een zijde aan de weg naar de molen van Hekelgem, 2de aan de goederen van de kinderen Van Lierde, 3de aan het goed van de abdij Affligem, 4de aan burger Zacharias De Wever, 5de aan burger Pierre Verleijsen, en 6de aan de weduwe Coppens.

2- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond, weide en bos, gelegen op de “Koyweijde” grenzend langs een zijde, zuid, aan de weg naar het bos, 2de aan de dreef van de voormalige abdij naar Aalst, 3de aan burger Pierre Van De Perre, en 4de aan de weduwe Pierre Vasseur.

3- Twee dagwand 70 roeden (84 a 88 ca) landbouwgrond gelegen op het veld “Bas Dewit” grenzend langs een zijde aan de oude weg van Aalst naar Brussel, 2de aan burger Charles Terrace, 3de aan dezelfde, en 4de aan burger Jean Baptiste De Vos.

Er werden drie proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) PV van de schatting opgemaakt op 4 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 70,30 frank, en de verkoopprijs op 562,40 frank. Verpacht aan de kinderen Jean Vertongen wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een door de pachter onvindbaar pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 11 november 1793, voor een jaarlijkse pachtsom van 55,10 frank, belastingen niet inbegrepen. Dit PV betreft het nummer 1 van de beschrijving van de goederen.

2) PV van de schatting opgemaakt op 15 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 34,85 frank, en de verkoopprijs op 598,80 frank, zeventien hoogstammige bomen geschat op 51 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jean Baptiste Vonck wonende te Hekelgem, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 25,70 frank. Dit PV betreft nr. 2 van de beschrijving van de goederen.

3) Het PV van de schatting opgemaakt op 5 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 29,65 frank, en de verkoopprijs op 237,20 frank. Verpacht aan Guillaume Louis wonende te Hekelgem, zonder pachtcontract, voor een jaarlijkse pachtsom van 22 frank. Dit PV betreft nr. 3 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 22 juli 1800 om 12 uur  affiche nr. 254 artikel 24. Het bieden begon met een openingsbod van 1 129 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 100 frank aan burger Honoré Joseph Helin wonende te Brussel, rue de Namur nr. 929, stroman die kocht met een volmacht van Jean François Merckaert wonende te Aalst.

Passchier Vertongen, zie nr. 356.

Beschrijving van de goederen: drie bunder één dagwand 90 roeden (4 ha 36 a 98 ca) land en weide gelegen te Hekelgem, verpacht aan de burgers Jean Baptiste De Vos, Jacques De Leeuw, Passchier Vertongen & Pierre Dauwe voor een jaarlijkse pachtsom van 168 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand 87 roeden (90 a 22 ca) landbouwgrond gelegen “Den Molencauter” grenzend zuid aan de weduwe M. Robijns, 2de aan Benoit Schoon, en 3de aan burger Mattens.

2- Twee dagwand 3 roeden (63 a 82 ca) landbouwgrond gelegen “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Aalst, 2de aan burger Brucker, 3de aan de oude weg van Brussel naar Aalst, 4de aan burger G. Louis, 5de aan burger Benoit Schoon. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Jean Baptiste De Vos.

3- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan het goed van J. De Cort, aan dit van de kinderen van de weduwe Batselier, 3de aan burger Pierre D’Houwe, en 4de aan burger F. Linthout.

4- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan de weg genaamd “Droogeweijde”, 2de aan de “Bleregemsche straete”, 3de aan burger B. Verdoot, 4de aan burger Zacharias De Wever. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw.

5- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond en één dagwand (31 a 44 ca) weide gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan burger Baetselier, 2de aan burger Josse Robijns, 3de aan Zacharias De Wever, 4de aan burger Josse Robijns, 5de aan burger Gilles Cammaert, en 6de aan André Keymolen. Verpacht aan Pierre Dauwe.

Er werden drie proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) Het PV van de schatting werd opgemaakt op 11 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 66,65 frank, en de verkoopprijs op 569,20 frank, 24 hoogstammige bomen met een omtrek van 2 tot 3 voet, geschat 36 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jean Baptiste De Vos wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 9 juni 1794, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 51,40 frank. Dit PV betreft de nummers 1 & 2 van de beschrijving van de goederen.

2) Het PVvan de schatting werd opgemaakt op 15 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 52,60 frank, en de verkoopprijs op 420,20 frank. Verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 40,40 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 & 4 van de beschrijving van de goederen.

3) Het PV  van de schatting opgemaakt op 9 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 48,90 frank, en de verkoopprijs op 391,20 frank. Verpacht aan Pierre Dauwe wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 36,70 frank. Dit PV betreft nr. 5 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juli 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 251 artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 380 frank door burger M. Rocher wonende te Brussel, vervanger van burger Louis Badin die bood met een volmacht van Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het

Benoit Vonck, nr. 541.

Bendictus werd te Hekelgem gedoopt op 15 augustus 1776 en is er overleden op 30 mei 1848. Hij trouwde te Hekelgem op 2 mei 1808 met Maria Anna Van den Wijngaert, te Hekelgem gedoopt op 13 oktober 1781 en er overleden op 24 juni 1828. Zij woonden in de Langestraat en hadden 5 kinderen: Loannes Baptist (°16 juni 1808), Joannes Baptist Victor (°21 april 1810), Felix (°15 augustsu 1813), Joanna Maria (°9 december 1816) en Petrus Joannes (°26 oktober 1819).

Beschrijving van de goederen: een perceel landbouwgrond gelegen op de  “Lennickweijde”, groot 31 a 40 ca, grenzend langs een zijde aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan Michel Van Den Bergh, 2de aan de “Boschstraet”, 3de aan de goederen van de abdij Affligem verpacht aan de weduwe Clauwaert, en 4de aan de dijk van de “Agterste vijver” ook “Ouden vijver” genaamd. Langs de kant van de straat bevonden er zich zeven geknotte bomen, langs de andere kant, aan de dijk van de vijver, stond er een strook schaarhout. Voor het kappen van het schaarhout zie naar verklaring bij de toewijzing nr. 539

Het PV van de schatting werd opgemaakt op 21 augustus 1806 door Guillaume De Becker, expert wonende te Brussel, en Gaspar Pierre T’Kint, adjunct burgemeester te Hekelgem. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 10 frank en de verkoopprijs op 208 frank, de hoogstammige bomen geschat op 8 frank, inbegrepen. Verpacht vanaf 22 december 1800 aan Benoit Vonck wonende te Hekelgem, voor drie, zes of negen jaar, tijdens de openbare aanbesteding van 26 juli 1800 door de burgemeester van Asse (registernr. 90 te Asse – 26 in het nieuwe register), voor een jaarlijkse pachtsom van 8,15 frank.

De verkoop had plaats te Brussel op 13 september 1806 om 12 uur volgens de affiche nr. 538          artikel 11. Het bieden ving aan met een openingsbod van 208 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 540 frank aan burger Arnould Pierre Geeroms wonende te Brussel, buiten de Lakense poort te Molenbeek.

Jean Baptiste Vonck, zie nr. 362.

Beschrijving van de goederen: drie bunder één dagwand 90 roeden (4 ha 36 a 98 ca) land en weide gelegen te Hekelgem, verpacht aan de burgers Jean Baptiste De Vos, Jacques De Leeuw, Passchier Vertongen & Pierre Dauwe voor een jaarlijkse pachtsom van 168 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee dagwand 87 roeden (90 a 22 ca) landbouwgrond gelegen “Den Molencauter” grenzend zuid aan de weduwe M. Robijns, 2de aan Benoit Schoon, en 3de aan burger Mattens.

2- Twee dagwand 3 roeden (63 a 82 ca) landbouwgrond gelegen “Den Molencauter” grenzend langs een zijde aan de steenweg van Brussel naar Aalst, 2de aan burger Brucker, 3de aan de oude weg van Brussel naar Aalst, 4de aan burger G. Louis, 5de aan burger Benoit Schoon. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Jean Baptiste De Vos.

3- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan het goed van J. De Cort, aan dit van de kinderen van de weduwe Batselier, 3de aan burger Pierre D’Houwe, en 4de aan burger F. Linthout.

4- Twee dagwand (62 a 87 ca) landbouwgrond gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan de weg genaamd “Droogeweijde”, 2de aan de “Bleregemsche straete”, 3de aan burger B. Verdoot, 4de aan burger Zacharias De Wever. Dit perceel en het voorgaande zijn verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw.

5- Drie dagwand (94 a 31 ca) landbouwgrond en één dagwand (31 a 44 ca) weide gelegen “De Droogeweijde” grenzend langs een zijde aan burger Baetselier, 2de aan burger Josse Robijns, 3de aan Zacharias De Wever, 4de aan burger Josse Robijns, 5de aan burger Gilles Cammaert, en 6de aan André Keymolen. Verpacht aan Pierre Dauwe.

Er werden drie proces-verbalen van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) Het PV van de schatting werd opgemaakt op 11 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 66,65 frank, en de verkoopprijs op 569,20 frank, 24 hoogstammige bomen met een omtrek van 2 tot 3 voet, geschat 36 frank, inbegrepen. Verpacht aan Jean Baptiste De Vos wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op 9 juni 1794, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 51,40 frank. Dit PV betreft de nummers 1 & 2 van de beschrijving van de goederen.

2) Het PVvan de schatting werd opgemaakt op 15 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 52,60 frank, en de verkoopprijs op 420,20 frank. Verpacht aan Passchier Vertongen en Jacques De Leeuw wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 40,40 frank. Dit proces-verbaal betreft nr. 3 & 4 van de beschrijving van de goederen.

3) Het PV van de schatting opgemaakt op 9 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 48,90 frank, en de verkoopprijs op 391,20 frank. Verpacht aan Pierre Dauwe wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 10 november 1793, in voege vanaf 10 november 1794 en eindigend op 10 november 1803, voor een jaarlijkse pachtsom van 36,70 frank. Dit PV betreft nr. 5 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 7 juli 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 251 artikel 19. Het bieden ving aan met een openingsbod van 1 380 frank door burger M. Rocher wonende te Brussel, vervanger van burger Louis Badin die bood met een volmacht van Victor Badin, ondernemer van diverse diensten voor het Italiaans leger. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het

De weduwe Judo Vonck, Anna Maria Plas, nr. 364.

Judocus werd te Hekelgem gedoopt op 13 februari 1725 en is er overleden op 10 september 1785. Hij trouwde te Hekelgem op 3 mei 1763 met Anna Maria Plas, te Hekelgem gedoopt op 15 oktober 1739 en er overleden op 22 januari 1803. Zij hadden 10 kinderen: Anna Catharina (°19 april 1764), Joanna Maria (°9 maart 1768), Isabella (°3 oktober 1767), Maria Francisca (°19 september 1769), Joannes Baptist (°2 september 1771), Anna Maria (°20 augustus 1773), Petrus Joannes (°20 maart 1775), Benedictus (°15 augustus 1776), Franciscus Josephus Joannes (°9 januari 1779) en Judocus (°18 maart 1786).

Beschrijving van de goederen: twee bunder één dagwand 80 roeden (3 ha 8 a 9 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem, verpacht aan de weduwe Judo Vonck & consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 119,25 frank, belastingen inbegrepen. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee bunder (2 ha 51 a 50 ca) landbouwgrond gelegen op het  “Asscherenboschveldt” grenzend langs een zijde aan de veldweg, 2de aan burger Jean Plas, 3de aan de “Asscherenbosch”, en 4de aan het goed van burger Merckaert van Aalst.

2- Eén dagwand 80 roeden (56 a 59 ca) landbouwgrond gelegen op de Cluiscauter” grenzend langs een zijde aan de goederen van de Armen van Hekelgem, 2de aan dit van de weduwen Jacob en Meersman, 3de aan het goed van burger Judocus Verleijsen, 4de aan Judo Clauwaert, en 5de aan burger Gillis Wambacq.

Het PV van de schatting werd  opgemaakt op 3 maart 1800 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 27,45 frank, en de verkoopprijs op 954 frank. Verpacht aan de weduwe Judo Vonck & consorten wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 oktober 1793 voor een jaarlijkse pachtsom van 91,80 frank, belastingen niet inbegrepen

De verkoop had plaats te Brussel op 27 juli 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 255  artikel 6. Het bieden begon met een openingsbod van 954 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 2 025 frank aan de burgers Evrard Tops wonende te Brussel, rue Neuve, nr. 455, sectie 5, en Honoré Joseph Helin wonende te Brussel.

Pierre Vonck, nr. 321, zie ook nr. 538 – Pierre De Schrijver.

Petrus Vonck werd te Hekelgem gedoopt op 19 november 1753 en hij overleed er op 5 februari 1805. Petrus trouwde te Hekelgem op 17 januari 1786 met Petronella De Nil, te Hekelgem gedoopt op 16 januari 1755 en er overleden op 18 januari 1836. Zij hadden 7 kinderen: Jacobus (°14 september 1786), Joannes Bernard (°15 november 1787), Henricus (°11 augustus 1789), Anna Maria (°14 april 1791), Petrus Joannes (°30 november 1793), Joanna (°24 juni 1795) en Anna Catharina (°14 november 1799).

° Beschrijving van de goederen: negen bunder 73 roeden (11 ha 81 a 95 ca) land en weide gelegen te Hekelgem en Erembodegem, verpacht aan Vonck & consorten voor een jaarlijkse pachtsom van 358 frank. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Twee bunder 60 roeden (2 ha 70 a 36 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Nerrecauter” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

2- Drie bunder één dagwand 77 roeden (4 ha 32 a 89 ca) landbouwgrond gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Lettecauter” grenzend langs alle zijden aan de goederen van de abdij Affligem.

3- 50 roeden (16 a 74 ca) weide gelegen te Erembodegem (roede = 33,4894 ca) op de plaats genaamd “Eeneberg” grenzend langs een zijde aan de goederen van burger J. B. Pauwels, 2de aan de goederen van de abdij Affligem, 3de aan het goed van burger Devos, en 4de aan de goederen van de abdij Affligem.

4- Drie bunder één dagwand 86 roeden (4 ha 35 a 72 ca) landbouwgrond in een perceel, gelegen te Hekelgem op de plaats genaamd “Meerecauter” grenzend langs een zijde aan de weg van Hekelgem naar Erembodegem, 2de aan burger Jean Baptiste Boterbergh, 3de aan burger Jean Droeshoudt, en 4de aan Michel Droeshoudt.

De twee proces-verbalen van de schatting werden samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

Het eerste PV van de schatting werd opgemaakt op 9 juli 1798 door Charles Jean Valentin Cordier, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 230 gulden, en de verkoopprijs op 4 600 pond. Verpacht aan Pierre Vonck & consorten wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, in voege vanaf 30 november 1795 en eindigend op 30 november 1804, voor een jaarlijkse pachtsom van 114 gulden. Dit proces-verbaal betreft de nummers 1, 2 & 3 van de beschrijving van de goederen.

Een tweede PV van de schatting betreft nr. 4 van de beschrijving van de goederen en werd opgemaakt op 11 november 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 74 gulden, en de verkoopprijs op 2 960 pond. Verpacht aan Jacob Van Vaerenbergh wonende te Erembodegem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem, op 9 oktober 1794, in voege vanaf 9 oktober 1797 en eindigend op 9 oktober 1806, voor een jaarlijkse pachtsom van 148 pond.

De verkoop had plaats te Brussel op 19 maart 1800 om 11 uur volgens affiche nr. 230, artikel 49.

Het bieden begon met een openingsbod van 2 870 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars werden de goederen toegewezen voor het eindbod van 8 000 frank aan burger Egide Van Boterdael wonende te Aalst.

Maria Theresia Vonck.

Maria Theresia was de dochter van Joannes Baptist en Catherina Van Geite, te Hekelgem geboren op 10 juni 1763 en er overleden op 25 februari 1836. Zij trouwde te Hekelgem op 21 november 1799 met Petrus De Schrijver, te Hekelgem gedoopt op 31 juli 1712 en er overleden op 25 november 1791. Hun huis stond in Terlinden en zij hadden 4 kinderen:  Maria Petronella (°7 oktober 1798), Judocus (°29 november 1799), Joannes (°4 februari 1803) en Petrus (°17 november 1805.

Beschrijving van de goederen: twee bunder één dagwand 50 roeden (2 ha 98 a 66 ca) land gelegen te Hekelgem en verpacht aan Paul Van Vaerenberg & Marie Thérèse Vonck voor een jaarlijkse pachtsom van 96 frank. Deze goederen zijn gelegen en opgedeeld als volgt:

1- Eén bunder 75 roeden (1 ha 49 a 33 ca) landbouwgrond gelegen op de “Leuninckweijde” grenzend langs een zijde aan “Den Kisvijver”, 2de aan Benoit Schoon, 3de aan de weduwe Jean Baptiste De Smet, en 4de aan G. Van De Perre.

2- Eén bunder 75 roeden (1 ha 49 a 33 ca) landbouwgrond gelegen  op de “Leuninckweijde” grenzend langs een zijde aan de weg naar het bos, 2de aan burger François De Gols, 3de aan de vijver genaamd “Den Perrevijver”, en 4de aan Paul Van Vaerenbergh.

Er werden twee PV van schatting samengevoegd tot een proces-verbaal van toewijzing.

1) PV van de schatting opgemaakt op 3 augustus 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 21 gulden, en de verkoopprijs op 863 pond, inbegrepen 15 jonge hoogstammige bomen geschat op 23 pond. Verpacht aan burger Paul Van Vaerenberg wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op op 9 oktober 1793, in voege vanaf 9 oktober 1796 en eindigend op 9 oktober 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 21 gulden, belastingen niet inbegrepen. Dit proces-verbaal betreft het nummer 1 van de beschrijving van de goederen.

2) PV van de schatting opgemaakt op 30 juli 1798 door Louis Joseph Terrace, expert, en Mathias Gruber commissaris te Asse. De jaarlijkse opbrengst werd geschat op 21 gulden, en de verkoopprijs op 840 pond. Verpacht aan Marie Thérèse Vonck wonende te Hekelgem, voor negen jaar, met een pachtcontract verleden door Hieronymus Haenen, syndicus van de abdij Affligem op op 9 oktober 1793, in voege vanaf 9 oktober 1796 en eindigend op 9 oktober 1805, voor een jaarlijkse pachtsom van 21 gulden. Dit PV betreft nr. 2 van de beschrijving van de goederen.

De verkoop had plaats te Brussel op 5 september 1800 om 12 uur volgens de affiche nr. 263 artikel: 11. Het bieden begon met een openingsbod van 768 frank. Tijdens het branden van de laatste kaars toegewezen voor het eindbod van 1 150 frank aan burger Henry Grundt wonende te Brussel, op de hoek van Cantersteen, stroman die kocht met een volmacht van burger Daniël De Smet wonende te Aalst.


[1] R.A. Leuven, archief van de abdij Affligem, 700, nr. 4676.

[2] W. VERLEYEN, Necrlogium, abdij Affligem, 273.

[3] J. OCKELEY, 950 jaar Affligem, in: Eigen Schoon en De Brabander, 2012, nr. 1, 37.

[4] Voor de “Ontmanteling van de abdij Affligem” zie jaarboek Heemkundige Kring Belledaal, 2007, blz. 13 e. v.

[5] W. VERLEYEN, De Abdijgebouwen van Affligem 1083 –  1796, blz. 82.

[6] J. OCKELEY, Kaartboek van de Abdij Affligem 2003, D/2003/0531/41, blz. 176,177.

[7] Het zetsel: moegelijke betekenis: afzetsel, bezinksel.

[8] IBIDEM, blz. 170, 171.

[9] De Bekkenelen: een vallei begrensd door de Bosstraat in het oosten en de Asserenbos in het westen. Dwars doorheen vloeit, in sierlijke bochten, van zuid naar noord de Steense Meersbeek, die zich tamelijk diep in de bodem heeft ingegraven. De Bekkennelen danken hun naam aan de vorm van de bodem. De reliëfvorm ontstond doordat het beekwater zich kronkelend een weg zocht naar lagergelegen oorden en door erosie die ermee gepaard ging. De valleiwanden kunnen er in een dergelijke situatie gaan uitzien als ineengeschoven schedels, een verwijzing naar Golgotha of Schedelplaats waar Chrisus werd gekruisigd. W. BEECKMAN, De Affligemstraat. Herkomst en betekenis van een aantal plaatsnamen in de gemeente Affligem, 2011, 47.

[10] Asserenbos of Asserenhout is en bosgeheel dat zich in het oude Land vanAsse uitstrekte over Essene, Meldert en Hekelgem. In 1047 heette het “Hascreold” en in 1192 “Ascerholt”. Asser als deel van Asserhout is een adjectief dat een bezit uitdrukt en betekent hout (bos) van Asse. W. Beeckman, Woorden voor Affligemse oorden, Herkomst en betekenis van een aantal plaatsnamen in de gemeente Affligem, 2013, 24.

[11] In de meierij Asse was de voet = 0,27575 m.

[12] Zie Kaartboek van de Abdij Affligem, Jaak Ockeley, 2003, D/2003/0531/41, blz. 170, 171.

[13] De vijvers te Koudenberg waren restanten van vroegere steengroeven.

[14] J. BOULANGER, carte figurative de la route de chemin depuis la ville de Bruxelle jusques à celle d’ Alost ij comprenant les abbijes, bourgages, chasteaux, villages scituéés au long dudit chemin jusques ou s’estendant les terres et terroire de la province et duché de Brabant jusques à celle de Flandre.

[15] In de meierij Asse was de voet = 0,27575 m.

[16] In de meierij Asse was de voet = 0,27575 m.

[17] Dit perceel werd later gekadastreerd onder de nrs. 159 en 160 van het P. C. Popp kadasterplan, samen groot 15 a 10 ca. Zie ook Jaarboek 2008, blz. 142 van de Heemkundige Kring Belledaal.

[18] Het betreft hier de echtgenoten Petrus Van Okelye (° Hekelgem 21/2/1741 – + Hekelgem 20/04/1799) en Anna Catharina Boom (O Asse 1750 – + Hekelgem 3/2/1818)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s